in Gewelddadig Gedrag bij Adolescenten
In hoeverre zijn depressieve gevoelens een geschikte voorspeller in een
risicotaxatie-instrument voor geweldspleging onder adolescenten?
Instelling: Universiteit Leiden
Opleiding: Forensische Criminologie
Cursus: Risicotaxatie
Naam: X
Docenten: X
Woorden: 3932 (excl. literatuurlijst en bijlage)
,Inhoudsopgave
1. Inleiding .................................................................................................................................. 3
2. Theorie.................................................................................................................................... 5
2.1 Risicotaxatie van jeugdcriminaliteit.................................................................................. 5
2.2 Strain Theory: Depressie als risicofactor voor geweld ..................................................... 6
2.3 Controlevariabelen ........................................................................................................... 7
2.3.1 Geslacht ..................................................................................................................... 7
2.3.2 Leeftijd ....................................................................................................................... 8
2.3.3 Opleidingsniveau ....................................................................................................... 8
3. Methoden ............................................................................................................................... 9
3.1 Data en procedure ............................................................................................................ 9
3.2 Operationalisaties............................................................................................................. 9
3.3 Analyses .......................................................................................................................... 10
4. Resultaten ............................................................................................................................. 11
4.1 Beschrijvende statistieken .............................................................................................. 11
4.2 Modelevaluatie en hypothesetoetsing........................................................................... 13
4.3 ROC-curve ....................................................................................................................... 16
5. Conclusie .............................................................................................................................. 18
6. Discussie ............................................................................................................................... 19
7. Literatuurlijst ........................................................................................................................ 21
8. Bijlage (syntax) ...................................................................................................................... 25
2
, 1. Inleiding
Zo’n 44 procent van de jongeren voelt zich wel eens enigszins tot sterk eenzaam (RIVM,
2024). Dit is weliswaar een daling van zo’n acht procent sinds de coronatijd, maar nog altijd is
dit cijfer veel te hoog. Van nature heeft men een fundamenteel verlangen om sociale banden
te vormen en ‘erbij te horen’. Deze sociale banden zijn belangrijk voor het (mentale) welzijn
van een individu. Het missen van deze banden kan schade op dit gebied opleveren, vooral bij
de kwetsbare doelgroep, de adolescenten. De leeftijdscategorie waarin deze groep zich
bevindt loopt van 10 tot en met 19 jaar (WHO, z.d.). Adolescenten zitten in de fase van hun
leven waar ze veel van hun sociale vaardigheden ontwikkelen, wat de basis vormt voor hun
latere zelf. Het is daarom voor deze groep zo belangrijk om interpersoonlijk contact tussen
leeftijdsgenoten te hebben, om zo de sociale normen en waarden aan te leren (Heinrich &
Gullone, 2006). Zonder deze contacten en sociale banden hebben adolescenten een grotere
kans op depressieve gevoelens. Gevoelens van depressie omvatten onder andere
somberheid, eenzaamheid, gevoel van waardeloosheid en vermoeidheid (APA, 2013).
Naast contact met leeftijdsgenoten is het cruciaal dat individuen ook sociale steun
ervaren vanuit hun directe omgeving, zoals familie. Wanneer jongeren geen steun ontvangen
van vrienden of familie, kunnen ze gevoelens van eenzaamheid of sociaal isolement
ontwikkelen. Dit vergroot de kans dat ze negatieve copingsmechanismen gebruiken om met
hun emoties om te gaan, waaronder verschillende soorten delinquent gedrag, zoals
(hard-)drugsgebruik, diefstal en agressie (Jessor, z.d.; Ouyang, Ding, & Xu, 2022).
Voor een tijdige onderkenning van de prevalentie van deze problemen, kan het
handig zijn om het risico hiertoe in te schatten. In dit paper wordt onderzocht of
adolescenten met depressieve gevoelens meer kans hebben op gewelddadige delinquentie.
3
, Een risicotaxatie-instrument zou vroegtijdig kunnen voorspellen of een individu met
bepaalde kenmerken risico loopt op delinquentschap in de vorm van gewelddadig gedrag en
in een achteraf stadium de kans op recidive hiervan verminderen (Kleeven et al., 2023). De
vraag rijst of depressieve gevoelens onder adolescenten een kenmerk is dat leidt tot een
verhoogd risico op gewelddadig gedrag.
Al met al blijkt dat adolescenten die meer depressieve gevoelens ervaren meer kans
lijken te hebben op het plegen van gewelddadig delinquent gedrag. In dit paper staat daarom
de volgende onderzoeksvraag centraal: In hoeverre zijn depressieve gevoelens een geschikte
voorspeller in een risicotaxatie-instrument voor geweldspleging onder adolescenten?
Antwoord op deze vraag kan leiden tot de ontwikkeling van effectievere preventie- en
interventiestrategieën om deze kwetsbare groep te beschermen en te ondersteunen, en zo
bij te dragen aan hun welzijn en een gezonde ontwikkeling.
4