Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting tentamen 1 Communicatie, media en interactie

Beoordeling
4.2
(6)
Verkocht
32
Pagina's
52
Geüpload op
20-02-2020
Geschreven in
2019/2020

Samenvatting van de te lezen artikelen en aantekeningen van de colleges. De volgende artikelen zijn samengevat in dit document: - Clark, H. H., & Brennan, S. E. (1991). Grounding in communication. In: L. B. Resnick, J. Levine, & S. D. Teasley (Eds.), Perspectives on socially shared cognition. Washington, DC: APA. 127–149. - Daft, R. L. & Lengel, R. H. (1986). Organizational information requirements, media richness and structuraldesign. In: Management Science, 32(5), 554-571. - Dennis, A.R., Fuller, R.M., & Valacich, J.S. (2008). Media, tasks, and communication processed. A theory of media synchronicity. In: MIS Quarterly, 32(3). 575-600. - Sterk, E., Van den Hoven, P., Van Hintum, B. e.a. (te verschijnen), Reageren op een e-consult: de ontwikkeling en validering van een protocol voor de arts. Deelrapport 3D3P-project. - Erhardt, N. & J.L. Gibbs (2014), The dialectical nature of impression management in knowledge work: unpacking tensions in media use between managers and subordinates. In: Management Communication Quarterly, 28. 155-186. - Mennecke, B.E., Valacich, J.S., & Wheeler, B.C. (2000). The effects of media and tasks on user performance: A test of the media fit hypothesis. In: Group Decision and negotiation, 9. 507-529. - Sundar, S. S., & Limperos, A. M. (2013). Uses and Grats 2.0: New gratifications for new media. In: Journal of Broadcasting & Electronic Media, 57(4), 504-525. - Treem J.W. & P.M. Leonardi (2012), Exploring the affordances of visibility, editability, persistence, and association. In: Communication Yearbook, 36. 143-189. - Denstadli, J. M., Julsrud, T. E. & Hjorthol, R. J. (2012), Videoconferencing as a Mode of Communication: A Comparative Study of the Use of Videoconferencing and Face-to-Face Meetings. In: Journal of Technical and Business Communication, 26(1). 65-91. - George, J.F., Carlson, J.R. & Valacich (2013), Media selection as a strategic component of communication. In: MIS Quarterly 37(4). . - Jung, Y. & Lyytinen (2014), Towards an ecological account of media choice: a case study on pluralistic reasoning while choosing email. In: Info systems, 24. 271-293. - Rice, R.E. et al (2017), Organizational media affordances: operationalization and associations with media use. In: Journal of communication, 67 ( 1). 106–130. - Turner e.a. (2012), Exploring the dominant media: how does media use reflect organizational norms and affect performance? In: Journal of business communication 43(3). 220-250.

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Communicatie, media en
interactie (deel 1)
Week 1
Hoorcollege week 1
Deel 1: medium en functionaliteit
Agenda voor vandaag:
1. Een korte inleiding over de inzet van deze cursus
2. Uitpluizen van één van de modellen waarmee we gaan werken als voorbeeld: Dennis et al.
3. Bespreking van een voorbeeld van de relevantie van onderzoek naar media-keuzes door Ella
Sterk
4. Afsluiting: hoe gaan we werken?

Onze doelen in deze cursus:
 Jullie kennen modellen die een relatie leggen tussen aan de ene kant mediakeuze en aan de
andere kant de effectiviteit (hoe goed worden doelen bereikt?) en de efficiëntie (tegen welke
kosten?) van bepaalde taakuitvoeringen. (Er zijn duizenden verschillende keuzes om binnen
een medium te gebruiken. Hoe gebruik je bijvoorbeeld whatsapp? Welke modaliteiten
gebruik je? Gebruik je bijvoorbeeld een link met andere media?)
 Jullie kennen de empirische ondersteuning die er is voor deze modellen en hun uitwerkingen
in een aantal contexten en kunnen deze evalueren.
 Jullie hebben enig inzicht in hoeverre de effectiviteit en efficiëntie bepalen welke media
mensen in de praktijk kiezen om een bepaalde taak uit te voeren en in hoeverre dit andere
factoren zijn.
 Jullie kennen voorbeelden van specifiek onderzoek naar deze relaties in bepaalde contexten
en kunnen van daaruit nadenken over deze vragen van efficiëntie en effectiviteit in nieuwe
situaties.

Centrale thema van deze week:
Media en functionaliteit: karakteristering van media op een manier die relevant is voor hun invloed
op de functionaliteit.
 Model 1: Karakteriseer een medium naar de beperkingen die het wel of niet oplegt en
bereken op die basis wat de uitvoering van een bepaalde taak met dit medium kost (Clark &
Brennan) → Een van de eerste die vanuit een taalkundig perspectief een model bedacht, om
zo niet steeds per medium iets te beschrijven (er komen steeds nieuwe media dus dat is niet
haalbaar). Hierbij wordt gekeken naar kostenposten: hoeveel kost het bijvoorbeeld om te
kijken of mensen op één lijn zitten?
 Model 2: Media Richness Theory. Karakteriseer specifieke communicatiesettings in termen
van hun ‘Media Richness’ en analyseer taken in termen van hun behoefte aan ‘richness’ (Daft
& Lengel). → Eerste ‘goodness-of-fit’ theorie. Hoewel die bekritiseerd is, kom je hem veel
tegen in de literatuur.
 Model 3: Media Synchronicity Theory. Karakteriseer media naar de mate waarin individuele
gebruikers ‘synchronicity’ kunnen bereiken en analyseer communicatieprocessen in
deeltaken waarvan je de behoefte aan ‘synchronicty’ bepaalt (Dennis et al.) → Gekeken naar
de kritiek op model 2, die ze hebben geprobeerd te verwerken. Wel veel overeenkomsten
dus met model 2. Ook een ‘goodness-of-fit-theory’.

,Omgang met de artikelen:
 Model 1 lijkt vooral ontworpen om kenmerken van talige interactie te verklaren.
 De modellen 2 en 3 lijken te zijn ontworpen om te verklaren waarom in de ene situatie een
mediumkeuze beter uitpakt dan in een; ze lijken ook wel de pretentie te hebben om de
mediumkeuze te verklaren die mensen in de context van een organisatie feitelijk maken
(vooral model 3) (organisatiekundige artikelen, ze kijken naar organisatorische problemen en
minder naar taalkundige problemen).
 Wij zijn communicatiedeskundigen die vooralsnog de hele ruime vraag hebben:
o welke invloed heeft de keuze voor een bepaalde technologisch gemedieerde
communicatiesetting op taakeffectiviteit, en
o welke specifieke competentie-eisen stelt zo’n setting aan de gebruiker opdat een
bepaalde taakeffectiviteit bereikt kan worden




Hierboven zie je het MRT-model.
Links zie je kenmerken van taken die ze geanalyseerd hebben. Vanuit de kenmerken van de taken,
komen ze op twee categorieën: uncertainty en equivocality.
Rechts kijken ze naar de rijkheid van de mediums.
Daarna gaan ze kijken welke media goed zijn voor bepaalde taken. Welke taken hebben een hoge
mate van uncertainty en equivocality? Fit zit in het midden.
Dennis et al. MST (tweede fitness model):
 MRT: taken worden beter uitgevoerd naar mate de informatiebehoefte die de taak met zich
meebrengt en de ‘informatierijkheid’ van het beschikbare medium beter overeenkomen;
‘rijke’ media passen wanneer dubbelzinnigheid (onderspecificaties) moet worden opgelost,
en ‘arme’ media wanneer gebrek aan ‘data’ moet worden weggewerkt. → Bij rijke media is
er onduidelijkheid/dubbelzinnigheid binnen de situatie. Je wilt samen een beeld vormen wat
er aan de hand is. Ook wel op één lijn komen (equivocality). Bij arme media gaat het om
‘uncertainty’, de een weet iets wat de ander wil weten.
 Empirisch, voor ‘nieuwe media’ (= oeroude vormen van e-mail), blijkt de theorie weinig
ondersteuning te vinden (ze verwijzen naar Mennecke). MST is een nieuwe poging.
 MST (tweede fitness model, waarbij de kritiek op MRT wordt verwerkt): overeenkomsten
tussen communicatiebehoeften die een taak met zich meebrengt hebben een invloed op de
‘toewijzing’ [appropriation] van media, en dat beïnvloedt weer de effectiviteit in de
taakuitvoering → we moeten meer de taken karakteriseren in termen wat de behoeften zijn
die meegebracht worden met die taken. Niet veel meer nieuwe ideeën dan het vorige model.

,  Physical media capabilities … connote a range of potential impacts on communication
performance, dependent on their appropriation (= affordance-theory) → Iets nieuws is wel:
Er komt een derde component bij. De kenmerken van de media-gebruiker worden
toegevoegd. Wat gebruikt de gebruiker als mogelijkheden, hoe ervaren is deze persoon, etc.
Dit loopt vooruit op de affordance-theory: welke affordances heeft een bepaald medium en
welke affordances gebruikt een gebruiker (welke ziet deze gebruiker überhaupt). De
affordances zitten niet in het product, maar moeten worden gezien door de gebruiker.

Dennis et al. MST, overview
 Het artikel begint met een introductie die verschillen met andere theorieën beoogt weer te
geven, gevolgd door een overzicht van eerdere theorieën.
 Vanaf p. 579 wordt eerst nagedacht over het uitvoeren van een communicatietaak en
worden deelprocessen gekarakteriseerd naar de mate van synchroniciteit die erbij past,
grofweg corresponderend met het relatieve accent op conveyance of information (lage
synchroniteit passend) en convergene of meaning (hoge synchroniteit passend).
 Dan wordt het MST-model uitgelegd waarin de mate van media-synchroniteit wordt
geanalyseerd als het product van zes media-capabilities (plus de aanname van een
appropriate gebruik van de media).
 Dan wordt nader geanalyseerd wanneer taken meer convergence of juist meer conveyance
vergen, afhankelijk van hoe vertrouwd de context is.
 Tenslotte wordt het model informeel gevalideerd door naar eerder empirisch onderzoek te
kijken. Verklaart dit model de resultaten beter? (Ze doen geen eigen onderzoek, maar ze
interpreteren oude onderzoeken. Best wel gevaarlijke methodiek.)

Dennis et al., definities:
 Communicatie: een proces waarin partijen informatie creëren en delen met elkaar met de
bedoeling om wederzijds begrip te bereiken.
 Conveyance processen: overdracht van allerhande nieuwe informatie om de ontvanger in
staat te stellen een mentale representatie van de situatie op te bouwen of bij te stellen,
inhoudend zowel het opnemen als verwerken van die informatie. (weg uitleggen naar station
en je wilt dat de persoon een mentaal beeld heeft hoe iemand van de ene plek naar de
andere plek komt)
 Convergence processen: discussies over individueel verwerkte informatie met de bedoeling
overeenstemming/afstemming te verkrijgen en het daar wederzijds over eens te zijn.
 Synchroniciteit: een situatie waarin acties op hetzelfde moment plaatsvinden, gecoördineerd
en met een gemeenschappelijke focus. (acties coördineren)
 Media-synchroniciteit: (een schaal) de mate waarin de ‘capabilities’ van een
communicatiemedium individuen in staat stellen om synchroniciteit te bereiken. (in hoeverre
de eigenschappen van een medium de gebruiker van een medium in staat stellen om
synchroon te werken)

, Model:
Linkerkant: kenmerken van het medium (vijf)
Bovenkant: communicatieprocessen met de kenmerken conveyance en convergence
De fit zit in het midden.
Daaronder zie je de nieuwe factor, de appropriation factors. Hoe bekend ben je ermee, ben je erin
getraind, heb je ervaring mee, hoe staat je sociale omgeving ertegenover.
Fit: hoe goed zal de taakuitvoering zijn.
Wat betekenen minnetjes/plusjes: belemmerend of motiverend voor synchroniciteit

Dennis et al. definities:
 Transmission velocity: de snelheid waarmee een medium een boodschap naar de ontvanger
kan brengen. [hoe sneller, hoe meer synchroniciteit wordt ondersteund] → je kunt niet
gelijktijdig aan een taak werken als iets niet snel is
 Parallellie: de mate waarin signalen van meerdere zenders tegelijk via het medium kunnen
worden overgebracht. [hoe hoger parallellie, hoe minder synchroniciteit wordt ondersteund]
 vaak erg handig voor bepaalde taken, maar negatief voor andere taken. Voorbeeld: Je
kunt gelijktijdig een samenvatting een uploaden, maar het is niet synchroon want je kan
bijvoorbeeld niet gelijktijdig feedback geven op al die samenvattingen.
 Het aantal tekensystemen: de rijkdom aan tekensets om te encoderen die het medium
toelaat. [‘natuurlijke’ symbolen ondersteunen synchroniciteit meer dan artificiële] [de meest
adequate sets voor de boodschap ondersteunen synchroniciteit het best]
 Rehearsability: de mate waarin weloverwogen geëncodeerd kan worden. [hoe groter
rehearsability, hoe minder synchroniciteit wordt ondersteund]
 Reprocessability: de mate waarin een medium mogelijk maakt dat een boodschap opnieuw
wordt verwerkt [hoe groter reprocessability, hoe minder synchroniciteit wordt ondersteund]
(college is niet her te gebruiken, e-mail is wel her te gebruiken)

MST incorporeert TIP
 TIP = time, interaction and performance theorie: deelnemers aan een project moeten steeds
productiefuncties en sociale functies vervullen

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
20 februari 2020
Aantal pagina's
52
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$5.37
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 32 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 6 reviews worden weergegeven
4 jaar geleden

6 jaar geleden

6 jaar geleden

6 jaar geleden

6 jaar geleden

6 jaar geleden

4.2

6 beoordelingen

5
2
4
3
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
ellemijn_ciw_asw Wageningen University
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
1979
Lid sinds
9 jaar
Aantal volgers
892
Documenten
74
Laatst verkocht
1 maand geleden
Samenvattingen van vier verschillende studies

Hallo! - Van 2016 tot 2019 heb ik Algemene Sociale Wetenschappen gestudeerd aan de Universiteit Utrecht. - Van 2017 tot 2020 heb ik Communicatie- en Informatiewetenschappen gevolgd aan dezelfde universiteit. - Van 2020 tot 2022 heb ik de master Communication, Health & Society afgerond aan Wageningen Universiteit. - Sinds 2024 volg ik de algemene premaster aan de Theologische Universiteit Utrecht. Ik schrijf samenvattingen van de meeste vakken die ik volg, die ik vaak op Stuvia plaats. Heb je vragen over de samenvattingen, laat het me weten!

Lees meer Lees minder
4.0

490 beoordelingen

5
118
4
254
3
103
2
10
1
5

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen