Wilterdink H1.5.1 P 23 - 24
Afhankelijkheid
Mensen zijn onontkoombaar in het afhankelijk zijn van anderen (geen uitzondering mogelijk)
- de helft van de Nederlands zijn hulpbehoevend (ziek, kind, ouder, invalide, werkloos)
Ferale kinderen= kinderen die door dieren zijn grootgebracht en niet door mensen
Contracttheorieën: Theorieën waarin de oorsprong van menselijke samenlevingen vergeleken worden met
het afsluiten van een contract
- sociaal contract: het samen gaan leven in groepen, omdat dit gunstiger is.
Uitgangspunt: mensen zijn individueel en maken autonome keuzes om in een groep te leven
Kritiek: mensen leven in stamverband, zodat zij zichzelf als individu kunnen ontwikkelen (Durkheim)
Durkheims: sociale voorwaarden voor individualisme:
individuele autonomie kon ontwikkelt worden door arbeidsindeling en centrale staatsgedrag (tijdens de
renaissance)
- dankzij de onderlinge afhankelijkheid ontstaat er macht over elkaar
Asymmetrisch machtsverschil: wanneer iemand in hogere mate afhankelijk zijn van een ander
Individualisering: iemand maakt keuzes in het leven en laat zich minder leiden door de druk uit de direct
sociale omgeving
Hedendaagse uitingen: echtscheidingen, eenpersoonshuishouding, minder kerkbezoek, sterke
wisselingen in politieke partijvoorkeuren
Gevolg: mensen zoeken adviezen op via zelfhulpboeken, internet, tv
Economische, politieke, affectieve en cognitieve bindingen >> 4 manieren waarop mensen in alle
samenlevingen van elkaar afhankelijk zijn
Wilterdink H2.1.1 - 2.1.2 P 40 - 43
Kenmerken van jacht samenlevingen:
- geringe omvang (klein)
belangrijkste sociale eenheid: lokale groepen van enkele tientallen mensen die door verwantschap en
huwelijken met elkaar verbonden zijn
gemeenschappelijke cultuur met lokale groepen door onderlinge huwelijks- en verwantschap
betrekkingen
- staatloos: dus geen centraal politiek gezag
- lage bevolkingsdichtheid
- economisch: hoge autarkisch (self-sufficient): zelf voor voedsel zorgen dat zij zelf nuttigen)
- lage niveau van productie en materieel bezit:
Oorzaken:
● geografisch mobiel: ze vestigen zich tijdelijk op bepaalde plaatsen (i.v.m. voedsel)
● geringe arbeidsindeling: Bepaalde sekse en bepaalde leeftijden hebben bepaalde taken
mannen: jagen/vissen (4 a 5 uur per dag)
vrouwen: verzamelen, voedselbereiding, verzorging van kinderen
Veranderingen in jachtsamenleving:
- verbreiding en verbetering van werktuigen (speer, bijlen, touwnetten)
- veranderingen in milieu
, Maatschappelijke gevolgen van agrarische revolutie
Oorzaak voedselschaarste:
- klimatologische geografische veranderingen
- groei van bevolking
Gevolg voedselschaarste:
- mensen werden aangezet om planmatig vereiste methoden van voedselproductie te ontwikkelen
- begin van de agrarische revolutie
sedentaire levenswijze (permanente verblijfplaats) werd mogelijk door:
● Shifting cultivation= eenvoudigste vorm van landbouw, waarbij bomen werden gekapt en verbrand
(slash-and-burn) waarbij de grond ontgonnen werd en bebouwd kon worden
● irrigatielandbouw= kunstmatige toevoer van water aan het landbouwgrond, zodat het vruchtbaar blijft
● bemesting
● veeteelt ( houden van dieren)
De meeste veehoudende samenlevingen bestond uit groepen nomaden (rondtrekken met veeteelt)
Ontstaan van verbreiding van de landbouw:
Verbouw van zaaiengewassen ontstond in Zuidwest-Azië (midden-oosten)
Een belangrijk landbouwwerktuig: Ploeg (door ossen getrokken apparaat, waarbij de grond werd omgespit)
Gevolgen van verbetering van de landbouw:
- sedentarisatie: mensen gingen zich meer permanent vestigen (dorpen)
Gevolg:omvang en bevolkingsdichtheid namen toe
- voedselproductie steeg
Gevolg: surplus= overschot van voedsel
Gevolg: ontstaan van uiteenlopende ambachten
Gevolg: ontwikkeling in de technologie ontstond
Gevolg: ontstaan van stratificatie
Stratificatie= sociale ongelijkheid tussen verschillende maatschappelijke groeperingen
- staatsvorming ontstaat (priesters en krijgers)
Handel ontstond:
Door arbeidsdeling werden mensen meer afhankelijk van elkaar. Er werd geruild met goederen.
gevolg: markten kwamen tot ontwikkeling
ontstaan van steden
staatsvorming werd een politiek-bestuurlijk en religieuze centra
Toenemende maatschappelijke differentiatie (lagen in de samenleving)
Door middel van machtsverhoudingen werd er geruild onder dwang
Bezitsaccumulatie= het ontstaan van steeds meer bezit
- regels werden afgedwongen bij het gebruik of overdracht van bezit
Schrift: hierin werd de administratie, bestuur en regelgeving in bijgehouden.
1
Afhankelijkheid
Mensen zijn onontkoombaar in het afhankelijk zijn van anderen (geen uitzondering mogelijk)
- de helft van de Nederlands zijn hulpbehoevend (ziek, kind, ouder, invalide, werkloos)
Ferale kinderen= kinderen die door dieren zijn grootgebracht en niet door mensen
Contracttheorieën: Theorieën waarin de oorsprong van menselijke samenlevingen vergeleken worden met
het afsluiten van een contract
- sociaal contract: het samen gaan leven in groepen, omdat dit gunstiger is.
Uitgangspunt: mensen zijn individueel en maken autonome keuzes om in een groep te leven
Kritiek: mensen leven in stamverband, zodat zij zichzelf als individu kunnen ontwikkelen (Durkheim)
Durkheims: sociale voorwaarden voor individualisme:
individuele autonomie kon ontwikkelt worden door arbeidsindeling en centrale staatsgedrag (tijdens de
renaissance)
- dankzij de onderlinge afhankelijkheid ontstaat er macht over elkaar
Asymmetrisch machtsverschil: wanneer iemand in hogere mate afhankelijk zijn van een ander
Individualisering: iemand maakt keuzes in het leven en laat zich minder leiden door de druk uit de direct
sociale omgeving
Hedendaagse uitingen: echtscheidingen, eenpersoonshuishouding, minder kerkbezoek, sterke
wisselingen in politieke partijvoorkeuren
Gevolg: mensen zoeken adviezen op via zelfhulpboeken, internet, tv
Economische, politieke, affectieve en cognitieve bindingen >> 4 manieren waarop mensen in alle
samenlevingen van elkaar afhankelijk zijn
Wilterdink H2.1.1 - 2.1.2 P 40 - 43
Kenmerken van jacht samenlevingen:
- geringe omvang (klein)
belangrijkste sociale eenheid: lokale groepen van enkele tientallen mensen die door verwantschap en
huwelijken met elkaar verbonden zijn
gemeenschappelijke cultuur met lokale groepen door onderlinge huwelijks- en verwantschap
betrekkingen
- staatloos: dus geen centraal politiek gezag
- lage bevolkingsdichtheid
- economisch: hoge autarkisch (self-sufficient): zelf voor voedsel zorgen dat zij zelf nuttigen)
- lage niveau van productie en materieel bezit:
Oorzaken:
● geografisch mobiel: ze vestigen zich tijdelijk op bepaalde plaatsen (i.v.m. voedsel)
● geringe arbeidsindeling: Bepaalde sekse en bepaalde leeftijden hebben bepaalde taken
mannen: jagen/vissen (4 a 5 uur per dag)
vrouwen: verzamelen, voedselbereiding, verzorging van kinderen
Veranderingen in jachtsamenleving:
- verbreiding en verbetering van werktuigen (speer, bijlen, touwnetten)
- veranderingen in milieu
, Maatschappelijke gevolgen van agrarische revolutie
Oorzaak voedselschaarste:
- klimatologische geografische veranderingen
- groei van bevolking
Gevolg voedselschaarste:
- mensen werden aangezet om planmatig vereiste methoden van voedselproductie te ontwikkelen
- begin van de agrarische revolutie
sedentaire levenswijze (permanente verblijfplaats) werd mogelijk door:
● Shifting cultivation= eenvoudigste vorm van landbouw, waarbij bomen werden gekapt en verbrand
(slash-and-burn) waarbij de grond ontgonnen werd en bebouwd kon worden
● irrigatielandbouw= kunstmatige toevoer van water aan het landbouwgrond, zodat het vruchtbaar blijft
● bemesting
● veeteelt ( houden van dieren)
De meeste veehoudende samenlevingen bestond uit groepen nomaden (rondtrekken met veeteelt)
Ontstaan van verbreiding van de landbouw:
Verbouw van zaaiengewassen ontstond in Zuidwest-Azië (midden-oosten)
Een belangrijk landbouwwerktuig: Ploeg (door ossen getrokken apparaat, waarbij de grond werd omgespit)
Gevolgen van verbetering van de landbouw:
- sedentarisatie: mensen gingen zich meer permanent vestigen (dorpen)
Gevolg:omvang en bevolkingsdichtheid namen toe
- voedselproductie steeg
Gevolg: surplus= overschot van voedsel
Gevolg: ontstaan van uiteenlopende ambachten
Gevolg: ontwikkeling in de technologie ontstond
Gevolg: ontstaan van stratificatie
Stratificatie= sociale ongelijkheid tussen verschillende maatschappelijke groeperingen
- staatsvorming ontstaat (priesters en krijgers)
Handel ontstond:
Door arbeidsdeling werden mensen meer afhankelijk van elkaar. Er werd geruild met goederen.
gevolg: markten kwamen tot ontwikkeling
ontstaan van steden
staatsvorming werd een politiek-bestuurlijk en religieuze centra
Toenemende maatschappelijke differentiatie (lagen in de samenleving)
Door middel van machtsverhoudingen werd er geruild onder dwang
Bezitsaccumulatie= het ontstaan van steeds meer bezit
- regels werden afgedwongen bij het gebruik of overdracht van bezit
Schrift: hierin werd de administratie, bestuur en regelgeving in bijgehouden.
1