H. van Beek, 11-11-2024
,(12) Languedoc-Roussillon
12.1 Inleiding
Enkele feiten:
- Grootste wijngebied van Frankrijk (25%-33% van totale Franse productie)
- Van Nîmes tot Perpignan
- Grote verscheidenheid aan wijnen en kwaliteiten
- Mensen uit Roussillon eerder Spaans dan Frans georiënteerd
- Vroeger vooral ‘the heartland of rubbish’, nu als het ware de Nieuwe Wereld van Frankrijk
- Wordt ook wel ‘Midi’ genoemd
- Van Montpellier (noordoosten) tot Carcassonne (westen) tot Perpignan (zuiden)
12.2 Historie
Grieken introduceerden wijnbouw, Romeinen breidden het uit. Narbonne belangrijk handelscentrum.
Met de neergang van het Romeinse Rijk was dat voorbij.
Middeleeuwen
Kerk en Christendom hadden grote invloed op wijnbouw. Diverse ‘ontdekkingen’ stammen uit de
Middeleeuwen, zoals ‘mutage’ (VDN), mousserende wijnen uit Limoux, entree van grenache uit
Spanje.
16e en 17e eeuw
Weinig wijnbouw na het overwinnen van de pest. Met had vooral behoefte aan graan. Roussillon
maakte tot midden 17e eeuw deel uit van Catalonië. In 1659 werd het door Frankrijk ingelijfd.
18e en 19e eeuw
Opkomst wijnbouw vanaf tweede helft 18e eeuw. Tweede helft 19e eeuw druifluisdrama. Bijkomend
negatief gevolg was dat men daarna veel meer aanplantte dan nodig was. Kwantiteit werd belangrijker
dan kwaliteit, soms wel 120hl/ha (gemiddeld is dat 50hl/ha).
Twee factoren bepaalden de ontwikkeling van de Languedoc: introductie van de alambiek
(distilleerkolf) en de aanleg van spoorwegen. Met de alambiek kon men alcohol maken en bij het
basisproduct daarvoor gaat het om volume en kostprijs. De spoorlijnen maakten dat men het enorme
gevraagde volume van o.a. Parijs kon leveren. Kortom, massaproductie!
Huidige positie
In jaren zestig was Languedoc dus dé producent van massawijnen. Dat veranderde door 2 oorzaken:
- Consumenten vroegen om betere kwaliteit
- Concurrentie van Nieuwe Wereld wijnlanden
In 2012 een heuse opstand van Languedoc-boeren tegen de volgens hen te strenge regels en
oneerlijke concurrentie. Leegloop dreigde. Ging er hard aan toe.
Probleem bij de stap voorwaarts naar kwaliteit waren de vele kleine bedrijfjes en coöperaties. Dat
geldt ook voor de vele herkomstbenamingen die marketingproblemen geven. Toch keert het tij zich,
o.a. door Australische investeerders en het rooien van goedkope wijngaarden en plaatsen van nieuwe
kwalitatief betere wijngaarden.
,12.3 Bodem
Enorm groot gebied en dat gaat natuurlijk gepaard met veel verschillende (arme) bodems en dus veel
verschillende wijnen. Overeenkomst is rotsige, kiezelrijke oppervlakte met typisch Zuid-Franse
struiken: garrigue. We zien een vijftal verschillende landschappen:
- Kuststrook
- Alluviale vlaktes (stroomgebieden grote rivieren)
- De landschappen van garrigues op droge heuvels en plateaus
- Uitlopers van gebergten
- Bergen zelf
12.4 Klimaat
Overwegend zonnig, droog en warm. Mediterraan. Toch is er een grote verscheidenheid aan
weertypen. In westen invloeden van de Atlantische Oceaan. Vanuit de bergen waait vaak een
krachtige wind, de Tramontane of Cers genoemd. Deze brengt vooral droogte. In het voor- en najaar
komt de wind uit het (zuid)oosten en die brengt vooral neerslag. Deze heet Marin of Autan. En dan
hebben we nog de wind uit Spanje, de sirocco. Samengevat ligt de Huglin Index in gehele gebied
boven de 2150. Vrij hoog dus voor productie van kwaliteitswijnen.
12.5 Druivenrassen
Enorme diversiteit.
Rood en rosé: cabernet sauvignon, merlot en cabernet franc en verder grenache noir, syrah,
mourvedre, cinsault en carignan
Wit: chardonnay, sauvignon blanc en verder grenache blanc, marsanne, roussanne, picpoul,
vementino, macabeu en muscat blanc a petits grains en muscat d ‘Alexandrië.
Xxx Alleen voor IGP-wijnen, niet voor de AOP’s. Daarvoor de andere druiven voor authenticiteit.
Nog enkele typische blauwe druiven: aramon (oude werkpaard, nu nog maar 5%), marselan (kruising
CS en GN) en caladoc (kruising GN en Malbec). Op pagina 22 een overzicht van de meest
aangeplante druiven in Languedoc-Roussillon.
12.6 Wijnbouw
Totale wijngaardareaal Languedoc-Roussillon:
257.000 ha mét Gard, 212.000 ha zónder Gard (Gard hoort wijnbouwkundig gezien eigenlijk
bij de Rhône, administratief bij Languedoc-Roussillon)
Languedoc: 191.000 ha
Roussillon: 21.000 ha
Voor AOP/AOC: 58.500 ha
Voor IGP Pays d’Oc: 120.000 ha
12 miljoen hl per jaar, bijna een derde van productie van Frankrijk
66% rood, 16% rosé, 18% wit
Voor het hele gebied geldt dat het aantal ha in het laatste decennium enorm is teruggelopen
In de Roussillon is wijn maken nog steeds een familiebezigheid. Veel coöperaties en
daarboven groupements. Naast IGP ook veel Vin de France en 80% van alle VDN in Frankrijk!
Tot slot, we zien veel Gobelet, irrigatie onder voorwaarden toegestaan, rendementen tussen
30-50 hl/ha
,Druivenras of terroir?
In de Languedoc Roussillon zie je steeds meer een tweedeling. Enerzijds de IGP Pays d’Oc die vooral
monocépages voortbrengt en waarbij het vooral om het druivenras gaat. En anderzijds de AOC-
wijnen, waarbij het vooral gaat over terroir, de combinatie van bodem en druivenras. Dit zijn
doorgaans blends. De IGP Pays d’Oc heeft de regio weer op de kaart gezet. De terroir AOC’s brengen
weer kwaliteitswijnen voort. Je ziet hun toenemend aantal terugkomen in de fragmentatie van het
aantal AOC’s.
12.7 Vinificatie
Wijntypen
Van oudsher een gebied van rode wijnen vanwege het mediterrane klimaat. Door bv gekoelde
wijnmakerijen en de populariteit van chardonnay en sauvignon blanc zien we nu ook meer wit. Verder
een groei van rosé-wijnen, met name binnen de AOC/AOP-wijnen in de Languedoc. In de Roussillon
blijven de AOC’s toch vooral veel rood produceren. Verder moeten we de VDN’s van de Roussillon
noemen en de mousserende wijnen van met name Limoux.
Vinificatie
Ook hier zie je de laatste jaren een modernisering. Diverse vinificatiemethoden worden toegepast,
afgestemd op de druif. Zo is de grenache noir erg gevoelig voor oxidatie. Daarom vinificatie op RVS.
Syrah en mourvedre zijn weer gebaat bij wat meer zuurstof en daarvoor wordt wat meer hout gebruikt
voor de opvoeding. De ontwikkeling van de wijnen onder mediterrane omstandigheden gaat sneller
dan in koelere klimaten. Tannines zijn vaak al goed rijp. Verzachting door oxidatieve opvoeding in klein
hout is daarom vaak niet nodig.
Vin Doux Naturel
Extra aandacht voor de vinificatie van VDN. Hoofdrollen voor grenache noir en muscat a petits grains.
De druiven moeten bij oogst minimaal 252g/l suiker bevatten (14,5% potentieel alcohol).
Alcoholpercentage na versterking moet minimaal 15% zijn met minimaal 100g/l restsuiker (in de
Languedoc minimaal 110g/l). Het versterken heet mutage en gebeurt door toevoeging van wijnalcohol.
Daardoor wordt het gewenste alcoholpercentage bereikt van 15-18% en wordt de gisting gestopt. Dat
kan op 2 momenten:
Liquide fase: ná het persen, zonder schillen en pitjes, voor fruitige, meer eenvoudige wijnen,
bv Muscat de Rivesaltes (koude inweking, persen, most aan gisten gebracht, bij 8-9%
mutage)
Sur grains of sur marc: vóór het persen als de gistende wijnen nog schillen en pitjes bevatten;
hierna volgt nog een serieuze opvoeding op hout, bv Banyuls Grand Cru
VDN kent in feite 2 hoofdstijlen:
Reductief / fruitig: wijnen na mutage (meestal liquide fase) opgevoed in RVS en snel
gebotteld, om jong te drinken (Grénat, Rimage, Vendange, Rosé)
Oxidatief / rancio: wijnen na mutage (meestal sur marc) opgevoed op groot oud hout (of
ballonflessen), gaan gerijpt fles in, gaan heel lang mee (ambré, tuilé, hors d’age, rancio en
Grand Cru (alleen Banyuls)
Mousserende wijnen
Vooral Limoux. Via methode traditionnelle (Crémant de Limoux en Blanquette de Limoux) en
ancestrale (Limoux Méthode Ancestrale)
12.8 Appellations van de Languedoc
Languedoc en Languedoc met dénominations
De grote overkoepelende regionale appellation is AOC Languedoc. Deze kent 11 subzones. Van
noordoost naar zuidwest zijn dat:
, Languedoc-Sommieres
Languedoc-Saint Christol
Languedoc-Saint Drézéry
Languedoc-Saint Georges d’Orques
Languedoc-Grés de Montpellier
Languedoc-Montpeyroux
Languedoc-Saint Saturnin
Languedoc-Cabrieres
Languedoc-Pézenas
Languedoc-Quatourze
Er wordt veel gewerkt met dezelfde druivenrassen: grenache noir, syrah en mourvedre.
Individuele appellations
Deze worden onderverdeeld in:
Appellations sous-régionales
Appellations communales
Appellations voor mousserende wijnen
Appellations voor VDN
In de kwaliteitspiramide staan de gemeente appellations boven de regio appellations.
Pic Saint-Loup
1.360 ha, 90% rood, 10% rosé.
Naast standaard druivenrassen ook counoise en morrastel. Meest noordelijke. Vernoemd naar de berg
Pic Saint-Loup. Koelere appellation.
Terrasses du Larzac
690 ha, 100% rood.
Naast standaard druivenrassen ook counoise.
Clairette du Languedoc
100 ha, 100% wit van clairette blanche.
Picpoul de Pinet
1.450 ha, 100% wit van piquepoul blanc (picpoul).
Belangrijke en succesvolle appellation. Ligt aan een binnenmeer en aan zee, wat de temperatuur
matigt.
Faugeres
1.800 ha, 80% rood, 4% rosé, 17% wit.
Vele druivenrassen. Interessante appellation door geologie, waardoor wijnen afwijken binnen
Languedoc. Bodems van schist (geel en blauw) met lage rendementen. Bijzonder druivenras is de
iledoner pelut.
Saint-Chinian, Saint-Chinian Berlou en Saint-Chinian Roquebrun
3.200 ha, 81% rood, 14% rosé, 5% wit.
Berlou en Roquebrun zijn 2 subappellations. Geologisch verdeeld gebied. In zuidoosten kalkrijk en in
noordwesten schist. Daar liggen ook de 2 cru’s Berlou en Roquebrun. Ook hier iledoner pelut.
Minervois en Minervois-La Liviniere
3.750 ha, 86% rood, 12% rosé, 2% wit.
Nog grotere appellation met een eigen cru Minervois-La Liviniere met een lager maximaal rendement
van 40hl/ha. Wijnen komen ook later op de markt.
,Cabardes
460 ha, 80% rood, 20% rosé.
Bijzonder druivenras is hier fer servadou. 40% moet bestaan uit Atlantische druiven cf, cs en merlot en
40% uit mediterrane druiven syrah en grenache noir. Overige 20% van malbec, cinsault, fer servadou.
Malepere
186 ha, 80% rood en 20% rosé.
Ook hier mix van Atlantische en mediterrane druiven.
La Clape
807 ha, 84% rood, 16% wit.
Hier ook vermentino. Prachtige rode wijnen, maar ook bijzondere witte met bourboulenc in hoofdrol.
Corbieres en Corbieres-Boutenac
8.725 ha, 85% rood, 12% rosé, 3% wit.
Grootste appellation van Languedoc. In de cru Corbieres-Boutenac is 30% carignan noir verplicht.
Limoux (Blanc en Rouge) (mousserend hierna)
320 ha, 27% rood, 73% wit.
Voor rood een mix van Atlantische en Mediterrane druivenrassen. Voor wit heel bijzonder: chardonnay,
chenin blanc en mauzac. Wit moet op hout vergisten en op hout rijpen. Pinot noir mag alleen voor
mousserende wijn gebruikt worden.
Fitou
2.200 ha, 100% rood.
Krachtige rode wijnen. De winden Cers en Tramontana brengen verkoeling.
Appellations voor mousserende wijnen
Blanquette de Limoux, Crémant de Limoux en Limoux Ancestrale
1.450 ha, 100% mousserend
Blanquette de Limoux volgens methode traditionnelle, 90% mauzac (plaatselijk blanquette
genoemd), aangevuld met chenin blanc en/of chardonnay.
Crémant de Limoux ook methode traditionnelle, maar chardonnay en chenin blanc zijn
hoofddruiven, aangevuld met pinot noir en mauzac. Zowel wit als rosé.
Limoux Méthode Ancestrale moet van 100% mauzac gemaakt zijn. Het is tegenwoordig wat
minder ‘ancestraal’. Alcoholische vergisting wordt gestopt bij 5-6% door terugkoelen en
filteren. In maart en bij afgaande maan wordt de wijn met wat restsuiker gebotteld en de
overgebleven gisten zorgen voor 1-2% extra alcohol. Eindproduct met 6-7% alcohol en wat
restsuiker.
Appelations voor Vin Doux Naturels
Muscat de Lunel
320 ha, 100% VDN, muscat blanc a petits grains
Muscat de Mireval
260 ha, 100% VDN, muscat blanc a petits grains
Muscat de Frontignan
800 ha, 100% VDN, muscat blanc a petits grains
Muscat de Saint-Jean-de-Minervois
200 ha, 100% VDN, muscat blanc a petits grains
LET OP: al deze VDN bij oogst minimaal 252g/l suiker, minimaal 15% alcohol en minimaal 110 g/l
restsuiker.
,IGP-wijnen van de Languedoc
IGP Pays d’Oc is veruit de grootste met 120.000 ha en 6 miljoen hl. Dat is de helft van de totale
wijnproductie van de Languedoc. IGP Pays d’Oc gaat vooral om monocépage-wijnen. Dit in
tegenstelling tot IGP Terres du Midi dat is voorbehouden aan assemblage-wijnen. Tot slot zijn er 3
departementale IGP’s, IGP Gard, IGP Pays d’Hérault en IGP Aude. Daarbinnen weer 16 kleinere,
lokale IGP’s. Producenten mogen ‘kiezen’ tussen lokale IGP en Pays d’Oc.
Weetje: één van de beroemdste wijnen van de Languedoc is geen AOP, maar een IGP: Mas de
Daumas Gassac Rouge, IGP Saint Guilhem-le-Désert. 60-80% cabernet sauvignon.
12.9 Appellations van de Roussillon
Côtes du Roussillon
4.175 ha, 43% rood, 53% rosé, 4% wit
De grote appellation van de Roussillon voor onversterkte wijnen. Diverse wijnrassen. 102 gemeenten
mogen deze wijn maken. Max rendement 48hl/ha.
Côtes du Roussillon Villages
1.700 ha, 100% rood, o.a. van grenache noir, carignan noir, syrah, mourvedre, iledoner pelut
Kleiner productiegebied in het noorden van de Roussillon. Max rendement 45hl/ha. Doorgaans oude
wijngaarden met minder opbrengst. Stevige wijnen met veel alcohol. Steeds meer vroegere oogst.
Côtes du Roussillon Villages met dénomination
1.700 ha, 100% rood
Vijf groepen gemeenten (subdistricten) die hun naam mogen vermelden achter de aanduiding Côtes
du Roussillon Villages:
Latour de France
Caramany
Lesquerde
Tautavel
Les Aspres
Collioure
520 ha, 60% rood, 26% rosé, 14% wit
De appellations Banyuls en Collioure overlappen elkaar en vormen samen de zuidelijkste appellations
van het Franse vasteland. Banyuls voor VDN, Collioure voor onversterkte wijn. Diverse druivenrassen,
waaronder de malvoisie du Roussillon.
Maury Sec
250 ha, 100% rood
De VDN van Maury is bekender. Deze appellation is voor stille rode wijn.
Appellations voor VDN’s
Muscat de Rivesaltes
3.375 ha, 100% VDN
Grootste VDN-appellation in de Roussillon. Naast muscat blanc a grains petits mag hier ook muscat
d‘Alexandrië gebruikt worden. Een speciale versie is Muscat de Noël, die speciaal voor de Kerst wordt
gemaakt.
,Rivesaltes
1.465 ha, 100% VDN
Hiervan bestaan meerdere versies:
Rivesaltes Grenat: 100% grenache noir
Rivesaltes Rosé: witte en blauwe druivenrassen
Rivesaltes Tuilé: minimaal 50% grenache noir. Oxidatief opgevoed. Dakpanrode kleur (tuilé =
dakpan)
Rivesaltes Ambré: voornamelijk witte druiven (grenache blanc). Oxidatief opgevoed. Amber
kleur, vandaar ‘ambré’
De laatste 2 kunnen de extra vermelding ‘Hors d’Age’ (extra lang oxidatief gerijpt, minstens 5 jaar op
hout) of ‘rancio’ (minimaal 5 jaar onder extreme oxidatieve omstandigheden opgevoed) krijgen.
Maury
240 ha, 100% VDN
Veel gelijkenis met Rivesaltes qua wijnrassen, typen en extra aanduidingen. Maury Rosé heet hier
Maury Blanc.
Banyuls en Banyuls Grand Cru
815 ha, 100% VDN
Beroemdste VDN appellation van Frankrijk.
Banyuls: Banyuls tout court is rood van minimal 50% grenache noir
Banyuls Rimage en Rimage Mise Tardive: rode Banyuls op het fruit gemaakt. Wordt alleen
in goede jaren gemaakt. Reductieve opvoeding.
Banyuls Blanc: minimaal 70% grenache blanc/gris, macabeu en/of malvoisie de Roussillon.
Reductieve opvoeding tot minimaal 1 mei van jaar na oogst.
Banyuls Rosé
Banyuls Ambré en Banyuls Tuilé: de oxidatieve versie van Banyuls. Vaak langer dan 5 jaar
gerijpt. Kunnen gemaakt worden als Hors d’Age en Rancio
Banyuls Grand Cru: de meest hoogwaardige VDN. Maximaal rendement 30hl/ha. Minimaal
75% grenache noir. Minimaal 30 maanden rijpen op hout.
IGP-wijnen van Roussillon
Vier IGP-wijnen die in wit, rood en rosé voorkomen:
Pays d’Oc: slechts 4% van deze IGP komt uit Roussillon.
Terres du Midi: valt ook grotendeels onder de Languedoc. Is de basis van de IGP-pyramide
van de Languedoc-Roussillon
Côtes Catalanes: belangrijkste IGP in de Roussillon, 63% van de IGP-productie
Côtes Vermeille: uiterst zuidoosten van de Roussillon, piepklein, 14 ha.
,(13) Provence
13.1 Inleiding
Enkele feiten:
- 90% van productie is rosé, wit vooral aan de kust.
- Herkenbare lichte kleur.
- In 2020 werd 43% geëxporteerd, o.a. naar Nederland, VS, UK en Duitsland
- 27.500 ha, 564 wijnproducenten, 1,3 miljoen hl
13.2 Historie
Oudste wijngebied van Frankrijk en opgezet 600 voor Chr. door de Grieken, o.a. met stichting van
Massilia (Marseille). De Romeinen noemde het gebied Provincia Romana, het eerste deel daarvan
bestaat nu nog. De Romeinen breidden de wijnbouw fors uit en die kwam tot grote bloei. In de
Middeleeuwen speelde de kerk een grote rol omdat ze veel land kreeg. Vanaf de 14 e eeuw vooral
adellijke families. Het grootste deel van de 19e eeuw hoorde de Provence bij koninkrijk Sardinië. Ook
in de Provence de phylloxera vastatrix in 1882.
Laatste 50 jaar veel veranderd, o.a. de ‘pieds noirs’, gerepatrieerde Fransen die in jaren ‘60 Noord-
Afrika moesten verlaten. En verder in jaren ’70 tweede impuls door beleggingen in wijnbouw, gevolgd
door rijke buitenlanders. In 2e helft jaren ’80 tenslotte beleggers en multinationals.
13.3 Bodem
De wijngaarden van de Provence vinden we tussen de steden Arles in het westen (aan de voet van de
Alpilles) en Nice in het oosten. In het algemeen is de bodem arm en onvruchtbaar, zanderig en rotsig.
De bodem in Bandol en Bellet bevat veel relatief vuursteen, daarnaast ook grind, (rode) klei en
kalksteen. Palette is wereldberoemd vanwege zijn kalksteenbodem, ‘calcaire de Langesse’ genoemd.
13.4 Klimaat
Warmste klimaat van Frankrijk. Mediterraan, grotendeels warm mediterraan (Csa volgens Koppen) en
deels ook gematigd mediterraan (Csb volgens Koppen). De koude Mistral kan windstress
veroorzaken, maar zorgt ook voor droging en zuivering, belangrijk om de druiven af te koelen. Droog
en veel wind biedt ook bescherming tegen schimmelziekten. Daardoor veel biologische wijnbouw.
13.5 Druivenrassen
De vier klassieke Provençaalse rassen voor rosé en rood zijn grenache noir, cinsault, mourvedre en
tibouren. Grenache is het meest aangeplante ras. Mourvedre is vooral belangrijk in Bandol. Naast
deze vier klassieke druiven zijn syrah en cabernet sauvignon toegestaan in blends (cépages
complementaires). Deze druiven vinden we vooral rond Aix-en-Provence. Een rode of rosé wijn uit
appellation Côtes de Provence moet voor minimaal 70% bestaan uit grenache noir, syrah, mourvedre,
tibouren en/of cinsault
Voor wit vooral rolle (vermentino) en sémillon.
, 13.6 Wijnbouw
Zoals gezegd zeer geschikt voor biologische wijnbouw. De wind stelt wel eisen aan de manier waarop
de stokken zijn aangeplant. Traditioneel Gobelet-snoeiwijze op zijn retour omdat dat machinale
bewerking bemoeilijkt. Wijnstokken nu meestal opgebonden. Gobelet beschermt stokken wel tegen
windstress. Irrigatie is niet toegestaan.
13.7 Vinificatie
Rode wijn wordt er vaak gekozen voor een traditionele vinificatie. Soms wordt er een rijpingsperiode
voorgeschreven zoals de rode Les Beaux-de-Provence die moet een jaar rijpen voordat hij gebotteld
wordt.
Rosé (90%) kan via verschillende methoden. Omdat het Cahier des Charges voorschrijft dat de
Provence-rosé licht van kleur moet zijn gebruikt men vaak korte inweking (macération pelliculaire) en
pressurage direct. Rosé uit de Provence is meestal een blend.
Witte wijnen (4%) steeds vaker via macération pelliculaire.
13.8 Appellations
De Provence telt negen AOP’s:
Drie regionale:
- Côtes de Provence
- Côteaux d’Aix-en-Provence
- Côteaux Varois
en zes lokale:
- Les Beaux-de-Provence
- Palette
- Bellet
- Cassis
- Bandol
- Côteaux de Pierrevert
In 1955 kwam er een classificatie van cru classé voor 23 wijnbezittingen, nu nog 18. Daaraan wordt
echter weinig waarde gehecht.
Regionale appellations:
Côtes de Provence
Grootste AOP van de Provence, 20.000 ha, verdeeld over 84 gemeenten. Vooral bekend om zijn rosé,
die 90% van de productie uitmaakt, belangrijkste rosé gebied van Frankrijk. Binnen de AOP zijn er 5
subzones, ‘denominations geographiques’ die vanwege hun typiciteit hun naam op het etiket mogen
zetten. Alleen voor rood en rosé.
- Sainte-Victoire
- Fréjus
- La Londe
- Pierrefeu
- Notre-Dame des Anges