Sociologie OLP3
Hoofdstuk 12 Kenmerken van groeperingen
Macht = het vermogen om vorm te geven aan de eigen toekomst
Er zijn 3 facetten van macht:
- Het vermogen om doelstellingen in de toekomst te formuleren
- Het vermogen om, als de doelstellingen voor de toekomst gekozen zijn, de middelen aan te
wenden om ze te realiseren
- Het vermogen om voor de vastgestelde doelstellingen de middelen te organiseren en om
hiervoor anderen te beïnvloeden
De criteria waarop mensen elkaar/zichzelf in groeperingen indelen kunnen zeer uiteenlopend zijn
Kunnen variëren van aangeboren ‘sociaal relevant’ geachte kenmerken tot aan een gevoel van
saamhorigheid en de bijbehorende gedeelde waarden en belangen
Gedrag van mensen wordt meer beïnvloed door lidmaatschap van primaire groepen dan secundaire
Interactie vindt plaats binnen zekere kaders, die geven ook weer aanwijzingen of normen voor de
wijze waarop interacties gestalte moeten krijgen
Focus of group affilations = ieder mens behoort tot verschillende groeperingen en netwerken en
dankt daaraan een veelheid van posities
Mensen kunnen op veel verschillende manieren in sociale gehelen met elkaar verbonden zijn dat het
moeilijk is om een overzicht te krijgen over de groeperingen
Groeperingen
Groepering = verzameling mensen, die op een of andere manier is af te grenzen van andere mensen
- Een groepering heeft relevantie voor het individu:
Identiteit, geborgenheid, veiligheid, status, sociale hiërarchie
- Een groepering heeft relevantie voor de samenleving:
Socialisatie, stabiliteit, sociale controle
Een individu heeft meetbare kenmerken , ook wel variabele genoemd. Deze kunnen in een bepaalde
situatie sociaal relevant zijn: mensen kunnen aan zo’n variabele een betekenis hechten, waardoor
deze invloed op de aard van de interactie gaat uitoefenen.
- BV: ouderen verwachten van jongeren (soms) in situaties een zekere mate van respect/hulp
Sociaal relevant kan betrekking hebben op:
- De bezitters van een kenmerk die op grond daarvan tot gemeenschappelijke waarden,
belangen en doeleinden komen, en wellicht tot (in)directe interactie
- De reacties van anderen, die het betrokken kenmerk zelf niet hebben, maar dit bij anderen
waarnemen en zich in hun gedrag t.o.v. die medemensen daardoor laten beïnvloeden
Vaak bestaat er een zekere wisselwerking tussen het zelf bezitten van een kenmerk en dit bij anderen
waarnemen: als anderen met een kenmerk als leeftijd of godsdienst op een bepaalde wijze
Hoofdstuk 12 Kenmerken van groeperingen
Macht = het vermogen om vorm te geven aan de eigen toekomst
Er zijn 3 facetten van macht:
- Het vermogen om doelstellingen in de toekomst te formuleren
- Het vermogen om, als de doelstellingen voor de toekomst gekozen zijn, de middelen aan te
wenden om ze te realiseren
- Het vermogen om voor de vastgestelde doelstellingen de middelen te organiseren en om
hiervoor anderen te beïnvloeden
De criteria waarop mensen elkaar/zichzelf in groeperingen indelen kunnen zeer uiteenlopend zijn
Kunnen variëren van aangeboren ‘sociaal relevant’ geachte kenmerken tot aan een gevoel van
saamhorigheid en de bijbehorende gedeelde waarden en belangen
Gedrag van mensen wordt meer beïnvloed door lidmaatschap van primaire groepen dan secundaire
Interactie vindt plaats binnen zekere kaders, die geven ook weer aanwijzingen of normen voor de
wijze waarop interacties gestalte moeten krijgen
Focus of group affilations = ieder mens behoort tot verschillende groeperingen en netwerken en
dankt daaraan een veelheid van posities
Mensen kunnen op veel verschillende manieren in sociale gehelen met elkaar verbonden zijn dat het
moeilijk is om een overzicht te krijgen over de groeperingen
Groeperingen
Groepering = verzameling mensen, die op een of andere manier is af te grenzen van andere mensen
- Een groepering heeft relevantie voor het individu:
Identiteit, geborgenheid, veiligheid, status, sociale hiërarchie
- Een groepering heeft relevantie voor de samenleving:
Socialisatie, stabiliteit, sociale controle
Een individu heeft meetbare kenmerken , ook wel variabele genoemd. Deze kunnen in een bepaalde
situatie sociaal relevant zijn: mensen kunnen aan zo’n variabele een betekenis hechten, waardoor
deze invloed op de aard van de interactie gaat uitoefenen.
- BV: ouderen verwachten van jongeren (soms) in situaties een zekere mate van respect/hulp
Sociaal relevant kan betrekking hebben op:
- De bezitters van een kenmerk die op grond daarvan tot gemeenschappelijke waarden,
belangen en doeleinden komen, en wellicht tot (in)directe interactie
- De reacties van anderen, die het betrokken kenmerk zelf niet hebben, maar dit bij anderen
waarnemen en zich in hun gedrag t.o.v. die medemensen daardoor laten beïnvloeden
Vaak bestaat er een zekere wisselwerking tussen het zelf bezitten van een kenmerk en dit bij anderen
waarnemen: als anderen met een kenmerk als leeftijd of godsdienst op een bepaalde wijze