Leerdoel 15 de student heeft inzicht in de kosten van de oedeemzorg en
kan beschrijven hoe in Nederland de bekostiging van oedeemzorg
geregeld is
- Beschrijven hoe in Nederland de bekostiging van ziektekosten uit de
zorgverzekeringswet in het algemeen en oedeemzorg in het bijzonder
geregeld is.
- Een omschrijving te geven van relevante begrippen met betrekking tot de
bekostiging van ziektekosten uit de zorgverzekeringswet en dit toelichten
met voorbeelden.
- Te beschrijven wat de rol van de patient, zorgverzekeraar en zorgverlener
zijn met betrekking tot het verbeteren van de kwaliteit van zorg en het
beheersen van de kosten hiervan.
- De rol van de overheid, het College voor Zorgverzekeraars en Zorginstituut
Nederland te benoemen met betrekking tot de zorg die vergoed wordt
vanuit de basisverzekering.
- Te beschrijven welke oedeemzorg opgenomen is in het basispakket en wat
eventuele voorwaarden zijn van vergoeding.
Leerdoel 16 de student kent de verschillende disciplines betrokken bij
de zorg voor de lymf/lipoedeem patiënt, is in staat zijn grenzen te
herkennen en kan een inschatting maken wanneer het zinvol is om een
bepaalde discipline te raadplegen bij de multidisciplinaire behandeling
van een patiënt
- De rol van verschillende zorgverleners die betrokken zijn of kunnen zijn bij
de diagnostiek, behandeling en nazorg voor patiënten met lip-, lymf- en/of
veneus oedeem te beschrijven.
- Zijn grenzen te bepalen op het gebied van oedeemzorg en weet wanneer
het zinvol is om een andere discipline te raadplegen.
Leerdoel 17 (de student is in staat de
klachten/verschijnselen/diagnostiek, stadiering, behandeling en
gevolgen (inclusief radiodermatitis en classificatie) , prognose van
mamacarcinoom (inclusief de ziekte van Paget) en de verschillende
methoden van mammareconstructie te beschrijven)
- De oorzaak, klachten/verschijnselen/diagnostiek en behandeling (alle
vormen) van mamacarcinoom beschrijven inclusief de ziekte van Paget.
- De stadiering van mammacarcinoom beschrijven
- Beschrijven hoe de prognose is van mammacarcinoom
- Kan de verschijnselen, klachten en behandeling en preventie van
radiodermatitis beschrijven
- Kan van een aantal veel voorkomende kankersoorten de TNM classificatie
in eigen woorden vertalen en de operatieve behandeling ervan benoemen
,Leerdoel 18 De student kan van een aantal veel voorkomende
kankersoorten de TNM classificatie in eigen woorden vertalen en de
operatieve behandeling ervan benoemen, en kan het klinisch beeld, de
klachten en verschijnselen, diagnostiek en behandelingsmogelijkheden
van verschillende vormen van midline oedeem beschrijven
- De macroscopische anatomie van het voortplantingsstelsel en het
urinewegstelsel beschrijven (vulva, vagina, uterus, labia minora, labia
majora, cervix, blaas, prostaat, testis, penis, scrotum, ureter, urethra)
- De naamgeving, globale behandeling van tumoren van het
voortplantingsstelsel en het urinewegstelsel beschrijven: testis, vulva,
cervix, prostaat
- De macroscopische anatomie van het mond/keel: mondholte, lippen,
farynx, larynx de naamgeving beschrijven
- De globale behandeling van tumoren van mond/keel (mondholte, farynx),
larynxcarcinoom beschrijven
- Kan het klinisch beeld, de oorzaak, klachten en verschijnselen, diagnostiek
en behandelingsmogelijkheden van verschillende vormen van midline
oedeem beschrijven
- Een link leggen tussen de anatomie van het lymfvatsysteem en de
verschillende vormen van midline oedeem.
Leerdoel 19 De student weet hoe een patiënt het hebben van
lymfoedeem verwerkt en welke factoren in het verwerkingsproces
behulpzaam zijn
- Een normaal verlopend verwerkingsproces van het hebben van
lymfoedeem beschrijven
- De bronnen van steun benoemen voor patiënten met lymfoedeem
- De volgende psychologische interventies bij chronisch somatisch zieke
patiënten beschrijven: educatie, zelfmanagement, leerstijlveranderingen,
aanpassingsproblematiek, comorbiditeit en multimorbiditeit
- Verschillende coping strategieën benoemen die een rol spelen bij
patiënten met lymfoedeem
Leerdoel 21 de student is in staat het Chronic Care Model te beschrijven
en kan de relatie toelichten met betrekking tot de zorg voor de patiënt
met oedeem
- Te beschrijven hoe zorg georganiseerd in lijn met het Chronic Care Model
(CCM) bij kan dragen aan het verminderen van de kosten van zorg en het
verhogen van de kwaliteit van de geleverde zorg.
- Te beschrijven wat volgens het CCM de karakteristieken zijn van een
geïnformeerde en geactiveerde patiënt, een voorbereid en pro-actief team
van zorgverleners en hoe een productieve interactie er idealiter uit zou
moeten zien tussen de patiënt en de zorgverlener(s).
- Elementen uit het Chronic Care Model te beschrijven die van invloed zijn
op de relatie tussen de patiënt en de zorgverlener.
- Te beschrijven op welke wijze de visie van het Chronic Care Model is
verwerkt in de Richtlijn lymfoedeem en welke invloed dit heeft op de wijze
waarop de zorg volgens de Richtlijn lymfoedeem uitgevoerd moet worden
en op de kwaliteit van de zorg die geleverd wordt.
,Leerdoel 15 de student heeft inzicht in de kosten van de oedeemzorg en
kan beschrijven hoe in Nederland de bekostiging van oedeemzorg
geregeld is
Beschrijven hoe in Nederland de bekostiging van ziektekosten uit de
zorgverzekeringswet in het algemeen en oedeemzorg in het bijzonder geregeld
is.
Vergoeding van zorg:
Vergoeding van zorg = o.a. afhankelijk van de voorwaarden van de basis- en
aanvullende zorgverzekering, de indicatie en de soort en duur van de
behandelingen
Naturapolis:
- Beperkte keuze in de zorgverleners. Deze moeten gecontracteerd zijn bij
een zorgverzekeraar. Bij niet gecontracteerd worden de
Budgetpolis:
- Nog minder keuze in zorgverleners.
Restitutiepolis:
- Je mag naar alle zorg.
Combinatie:
- Je schiet vooral veel voor bij zorgverleners die geen contracten hebben.
Deze worden later vaak wel vergoed.
Inhoud basisverzekering:
- In een basisverzekering ben je verzekerd tegen:
o Huisarts, medisch specialisten en verloskundigen, geestelijke zorg
en behandeling door een psychiater.
o Basis GGZ, inclusief de eerste lijn psycholoog en internet
behandeltraject.
o Wijkverpleging en kraamzorg. Ziekenhuisverblijf en eerste drie jaar
verblijf in een ggz-instelling
o Fysio tot 18 jaar, beperkte vanaf 21 jaar bij chronische
aandoeningen. Logopedie, ergotherapie, dieetadvisering en stoppen
met roken programma. Tandheelkundige zorg tot 18.
o Hulpmiddelen voor behandeling, verpleging, revalidatie, verzorging
of specifieke beperking, vergoeding van 3 ivf-behandelingen. Zintuig
gehandicaptenzorg en revalidatiezorg voor ouderen.
o Medicijnen en ziekenvervoer.
- De overheid bepaalt hoe hoog het eigen risico is
- De overheid bepaalt welke soort zorg en welke categorie hulpmiddelen er
in de basisverzekering zitten.
- Als algemene regel geldt dat alleen zorg en hulpmiddelen die effectief zijn,
onderdeel zijn van basispakket. Dus niet alleen voor een patiënt
individueel effectief is, maar voor alle patiënten.
Een omschrijving te geven van relevante begrippen met betrekking tot de
bekostiging van ziektekosten uit de zorgverzekeringswet en dit toelichten met
voorbeelden.
, De zorgverzekeringswet loopt via zorgverzekeraars. Zij betalen zorgaanbieders
voor de zorg die gebruikt is door hun verzekerden. Een beperkt deel van de
zorguitgaven wordt betaald door het zorgverzekeringsfonds (ZVF). Dit is vooral
de beschikbaarheidsbijdragen. Dit zijn zorgprestaties waarvoor het niet mogelijk
of wenselijk is de kosten aan verzekerden toe te rekenen. De grootste onderdelen
zijn de kosten van opleidingen en de zogenaamde academische component.
Daarnaast ook kleinere onderdelen zoals brandwondenzorg, traumazorg,
spoedeisende zorg en een deel van de kapitaallasten. Naast de
beschikbaarheidsbijdrage betaalt het zorgverzekeringsfonds ook een deel van de
grensoverschrijdende zorg.
Vereveningsbijdrage: de
zorgverzekeraars krijgen
meer geld als ze meer risico’s
groepen hebben.
IAB: inkomens afhankelijke
bijdrage: betaald de
werkgever voor jou.
Nominale premie: eigen
bijdrage en het eigen risico.
Zorgverzekeringswet-
geldstroom:
De helft van de inkomsten van de zorgverzekeraars voor de basisverzekering
komt uit de inkomensafhankelijke premies en de andere helft uit de nominale
premies (waarbij de overheid de premies voor de jeugd (<18) voor zijn rekening
neemt)
Zorgtoeslag, betaald door het rijk, dient om de nominale premie betaalbaar te
houden voor lagere inkomens.
De inkomensafhankelijke premies en de rijksbijdrage onder de 18 jaar, worden
gestort in het zorgverzekeringsfonds, dat naar rato van het risico van elke
verzekeraar (afgeleid van de populatiekenmerken van het verzekerdenbestand
van elke verzekeraar) wordt verdeeld. Populatiekenmerken zijn bijv. leeftijd,
geslacht en gezondheid, die onverbiddelijk samenhangen met zorgkosten. Het
oogmerk is dat elke verzekeraar, ongeacht de samenstelling van zijn
verzekerdenbestand, kan uitkomen met een concurrerende nominale premie.
Desalniettemin is de uitkering uit het Zvw-fonds gedeeltelijk risicodragend, zodat
verzekeraars jaarlijks zoveel winst als verlies op hun zorgpolissen kunnen maken.
Verzekeraars financieren de instellingen en vrije beroepen op basis van de
beleidsregels van NZa (Nederlandse zorg autoriteit). Voor vrije
beroepsbeoefenaren gelden deels vrije maar met name maximumtarieven. Voor
een groot deel van de ziekenhuisproductie van diagnose-behandelcombinaties
geldt een vrije prijsvorming.
Naarmate meer mensen zorg nodig hebben (hoe ouder hoe meer zorg nodig)
lopen de kosten in de gezondheidszorg op. Er is veel vraag naar medische
kennis, dus daarom is er veel onderzoek naar medische technologie. Daarom