Brein & Cognitie
Hoorcollege week 4 – Het visuele systeem
25-11-2019
Licht valt op je netvlies. Dit gaat naar het cevalon waar de thalamus zich bevindt. Dit gaat naar de
achterkant van het hoofd, de V1 in de occipitaal kwab. Vanaf gaat de informatie via twee paden: het
dorsale pad (bovenlangs) naar de pariëntaal kwab en het ventrale pad (onderlangs) naar de
temporaal kwab. Elektrische activiteit wordt geanalyseerd.
Cornea: hoornvlies
Lens: zit tussen twee spieren (in het rood)
o Kunnen de lens platter / boller maken
Iris: diafragma, opent en sluit waardoor de pupil groter of kleiner wordt
Pupil: gat in de iris (wijder in het donker, kleiner in het licht)
Retina (netvlies): bevat fotogevoelige cellen (gevoelig voor licht) deze cellen zetten licht om in
elektrische activiteit
Fovea: grote dichtheid aan fotogevoelige cellen, hierdoor kun je beter zien
Periferie: rest van de retina, minder grote dichtheid aan fotogevoelige cellen
Ganglioncel: outputcel
Axonen worden samengebundeld in de optische zenuw. De plek waar de optische zenuw de retina
verlaat, zijn geen cellen blinde vlek (hier komen ook de bloedvezels in en uit)
In de staafjes en kegeltjes (fotogevoelige cellen) zit pigment. In de kegeltjes zit kleurpigment (3
verschillende soorten mogelijk). Staafjes hebben 1 soort pigment.
o Staafjes zijn langer dan kegeltjes, Staafjes zijn er in grotere aantallen, staafjes hebben een
ander uiteinde
Staafjes en kegeltjes zijn verbonden met de ganglioncel (met behulp van andere cellen):
Fotoreceptoren zijn geconnect via twee lagen retinale neuronen.
Eerste laag:
o Bipolaire cellen verbinden uiteindelijk fotoreceptoren met ganglioncellen
o Horizontale cellen linken fotoreceptoren (staafjes en kegeltjes) met bipolaire cellen
o Amacriene cellen linken bipolaire cellen met cellen in de tweede neurale laag: retinale
ganglion cellen (RGCs)
Tweede laag:
, o Retinale ganglion cellen de axonen van deze cellen verzamelen in een bundel en verlaten
het oog via de optische zenuw. Retinale ganglioncellen worden onderverdeeld in twee
groepen: M-cellen en P-cellen.
De grote M-cellen ontvangen info van de staafjes, ze zijn dus gevoelig voor licht en niet voor kleur
M-cellen bevinden zich over het hele netvlies (retina), dus zowel fovea als periferie.
De kleine P-cellen ontvangen info van de kegeltjes, ze zijn dus gevoelig voor kleur. P-cellen bevinden
zich voornamelijk in de fovea.
1. Kegeltjes kleur
2. Staafjes zwart/wit
3. Ganglioncellen output
4. Horizontale cellen verbinden kegeltjes met elkaar, bepalen vervolgens hoe veel receptors
elke ganglion cel ‘ziet’
5. Amacriene cellen verbinden bipolaire cel en ganglioncel
Licht dat binnenkomt op de retina wordt omgezet in actiepotentialen. (via bovenstaande neuronen).
Graded potentials veranderingen in de bipolaire cellen zorgen voor depolarisatie van de
ganglioncellen, zodat de ganglioncellen actiepotentialen kunnen produceren. De ganglioncellen
zetten visuele informatie dus om in een bepaalde frequentie van actiepotentialen
Hoorcollege week 4 – Het visuele systeem
25-11-2019
Licht valt op je netvlies. Dit gaat naar het cevalon waar de thalamus zich bevindt. Dit gaat naar de
achterkant van het hoofd, de V1 in de occipitaal kwab. Vanaf gaat de informatie via twee paden: het
dorsale pad (bovenlangs) naar de pariëntaal kwab en het ventrale pad (onderlangs) naar de
temporaal kwab. Elektrische activiteit wordt geanalyseerd.
Cornea: hoornvlies
Lens: zit tussen twee spieren (in het rood)
o Kunnen de lens platter / boller maken
Iris: diafragma, opent en sluit waardoor de pupil groter of kleiner wordt
Pupil: gat in de iris (wijder in het donker, kleiner in het licht)
Retina (netvlies): bevat fotogevoelige cellen (gevoelig voor licht) deze cellen zetten licht om in
elektrische activiteit
Fovea: grote dichtheid aan fotogevoelige cellen, hierdoor kun je beter zien
Periferie: rest van de retina, minder grote dichtheid aan fotogevoelige cellen
Ganglioncel: outputcel
Axonen worden samengebundeld in de optische zenuw. De plek waar de optische zenuw de retina
verlaat, zijn geen cellen blinde vlek (hier komen ook de bloedvezels in en uit)
In de staafjes en kegeltjes (fotogevoelige cellen) zit pigment. In de kegeltjes zit kleurpigment (3
verschillende soorten mogelijk). Staafjes hebben 1 soort pigment.
o Staafjes zijn langer dan kegeltjes, Staafjes zijn er in grotere aantallen, staafjes hebben een
ander uiteinde
Staafjes en kegeltjes zijn verbonden met de ganglioncel (met behulp van andere cellen):
Fotoreceptoren zijn geconnect via twee lagen retinale neuronen.
Eerste laag:
o Bipolaire cellen verbinden uiteindelijk fotoreceptoren met ganglioncellen
o Horizontale cellen linken fotoreceptoren (staafjes en kegeltjes) met bipolaire cellen
o Amacriene cellen linken bipolaire cellen met cellen in de tweede neurale laag: retinale
ganglion cellen (RGCs)
Tweede laag:
, o Retinale ganglion cellen de axonen van deze cellen verzamelen in een bundel en verlaten
het oog via de optische zenuw. Retinale ganglioncellen worden onderverdeeld in twee
groepen: M-cellen en P-cellen.
De grote M-cellen ontvangen info van de staafjes, ze zijn dus gevoelig voor licht en niet voor kleur
M-cellen bevinden zich over het hele netvlies (retina), dus zowel fovea als periferie.
De kleine P-cellen ontvangen info van de kegeltjes, ze zijn dus gevoelig voor kleur. P-cellen bevinden
zich voornamelijk in de fovea.
1. Kegeltjes kleur
2. Staafjes zwart/wit
3. Ganglioncellen output
4. Horizontale cellen verbinden kegeltjes met elkaar, bepalen vervolgens hoe veel receptors
elke ganglion cel ‘ziet’
5. Amacriene cellen verbinden bipolaire cel en ganglioncel
Licht dat binnenkomt op de retina wordt omgezet in actiepotentialen. (via bovenstaande neuronen).
Graded potentials veranderingen in de bipolaire cellen zorgen voor depolarisatie van de
ganglioncellen, zodat de ganglioncellen actiepotentialen kunnen produceren. De ganglioncellen
zetten visuele informatie dus om in een bepaalde frequentie van actiepotentialen