Aansprakelijkheidsrecht werkcollege 1 07-02-2018
Wanneer ze naar een fout vragen, moet je de 1 e 3 vereisten van 6:162 BW
beantwoorden. Wanneer ze naar de aansprakelijkheid vragen dan moeten alle
vereisten worden beantwoord.
Onrechtmatige gevaarzetting
1. Gedraging: doen of nalaten? Het leggen van gladde tegels naast fonteintjes is
een doen
2. De onrechtmatigheid art. 6:162 lid 2 BW
a. Een inbreuk op een recht; inbreuk op een subjectief recht (lichamelijke
integriteit) direct, rechtstreeks of opzettelijk.
b. Doen of nalaten i.s.m. een wettelijke plicht; bestaat geen wet over
c. I.s.m. maatschappelijke zorgvuldigheid; sport en spel, gevaarzetting en
ongelukkige samenloop van omstandigheden
Nu kijken of er sprake is van gevaarzetting 3. HR Taxusstruik: de
ingangsvoorwaarde is kenbaarheid. Wist of behoorde iemand te weten dat een
situatie gevaar zettend was? Als dit niet kenbaar was, dan ben je klaar dus moet
kenbaar zijn. Het is een bekend gevaar dat glad afgewerkte natuurstenen tegels glad
kunnen worden en valgevaar in de hand kunnen werken, zeker in de buurt van
fonteintjes.
De HR heeft een aantal algemene gezichtspunten gecreëerd over de vraag of er
sprake is van een gevaar zettende situatie HR Kelderluik:
1. Mate van onvoorzichtigheid/ onoplettendheid: in hoofdzaak niet bezig met
hetgeen, bij winkelen bijvoorbeeld ben je op de winkels aan het letten en niet
op de gevaarzetting. Druk plein in het centrum van de stad.
2. Kans op een ongeval: kijken hoe groot deze kans op een ongeval is, omdat
iemand onoplettend is. Wanneer fonteintjes midden op een druk plein in
tilburg worden geplaatst met daaromheen gladde tegels, is de kans dat een
voorbijganger zal uitglijden behoorlijk.
3. Ernst van de gevolgen: letselschade en zuivere vermogensschade, tezamen
een behoorlijke schadepost
4. Bezwaarlijkheid van te nemen voorzorgsmaatregelen: tijd, kosten en moeite.
De eerste 3 criteria van hierboven afwegen voor dit criteria. Bordje plaatsen is
niet heel bezwaarlijk. Het is niet enorm duur en tijdrovend om rubberen tegels
te leggen.
Het is toerekenbaar o.g.v. art. 6:162 lid 3 BW
Er is dus sprake van een onrechtmatige gevaarzetting aan de kant van de
gemeente
Rechtvaardigingsgronden: overmacht, ambtelijk bevel. Naar de toerekenbaarheid,
causaal verband en de schade hoef je niet te bekijken, want deze worden niet
gevraagd.
Wanneer ze naar een fout vragen, moet je de 1 e 3 vereisten van 6:162 BW
beantwoorden. Wanneer ze naar de aansprakelijkheid vragen dan moeten alle
vereisten worden beantwoord.
Onrechtmatige gevaarzetting
1. Gedraging: doen of nalaten? Het leggen van gladde tegels naast fonteintjes is
een doen
2. De onrechtmatigheid art. 6:162 lid 2 BW
a. Een inbreuk op een recht; inbreuk op een subjectief recht (lichamelijke
integriteit) direct, rechtstreeks of opzettelijk.
b. Doen of nalaten i.s.m. een wettelijke plicht; bestaat geen wet over
c. I.s.m. maatschappelijke zorgvuldigheid; sport en spel, gevaarzetting en
ongelukkige samenloop van omstandigheden
Nu kijken of er sprake is van gevaarzetting 3. HR Taxusstruik: de
ingangsvoorwaarde is kenbaarheid. Wist of behoorde iemand te weten dat een
situatie gevaar zettend was? Als dit niet kenbaar was, dan ben je klaar dus moet
kenbaar zijn. Het is een bekend gevaar dat glad afgewerkte natuurstenen tegels glad
kunnen worden en valgevaar in de hand kunnen werken, zeker in de buurt van
fonteintjes.
De HR heeft een aantal algemene gezichtspunten gecreëerd over de vraag of er
sprake is van een gevaar zettende situatie HR Kelderluik:
1. Mate van onvoorzichtigheid/ onoplettendheid: in hoofdzaak niet bezig met
hetgeen, bij winkelen bijvoorbeeld ben je op de winkels aan het letten en niet
op de gevaarzetting. Druk plein in het centrum van de stad.
2. Kans op een ongeval: kijken hoe groot deze kans op een ongeval is, omdat
iemand onoplettend is. Wanneer fonteintjes midden op een druk plein in
tilburg worden geplaatst met daaromheen gladde tegels, is de kans dat een
voorbijganger zal uitglijden behoorlijk.
3. Ernst van de gevolgen: letselschade en zuivere vermogensschade, tezamen
een behoorlijke schadepost
4. Bezwaarlijkheid van te nemen voorzorgsmaatregelen: tijd, kosten en moeite.
De eerste 3 criteria van hierboven afwegen voor dit criteria. Bordje plaatsen is
niet heel bezwaarlijk. Het is niet enorm duur en tijdrovend om rubberen tegels
te leggen.
Het is toerekenbaar o.g.v. art. 6:162 lid 3 BW
Er is dus sprake van een onrechtmatige gevaarzetting aan de kant van de
gemeente
Rechtvaardigingsgronden: overmacht, ambtelijk bevel. Naar de toerekenbaarheid,
causaal verband en de schade hoef je niet te bekijken, want deze worden niet
gevraagd.