Vraag 1
Welke van de onderstaande beweringen is juist als het gaat om de organisatie en de
doelstellingen van de Europese Unie?
I. De Europese Unie is in elk opzicht een supranationale organisatie, waarbij de lidstaten
staatssoevereiniteit op permanente basis hebben overgedragen.
II. De belangrijkste doelstellingen van de Europese Unie zijn vrede en welzijn, het creëren
van ruimte van vrijheid en veiligheid en het instellen van een Economische en Monetaire
Unie (EMU).
a. I en II zijn onjuist.
b. I en II zijn juist.
c. I is onjuist en II is juist.
d. I is juist en II is onjuist.
Vraag 2
Welke van de onderstaande beweringen is juist als het gaat om de bevoegdheid tot het
maken van wetgeving?
1. De Europese Raad, bestaande uit de presidenten en de eerste ministers van de EU-
landen, stelt de EU-wetgeving vast.
2. Het Europees Parlement beslist over de EU-wetgeving. Het Europees Hof van Justitie
heeft daarbij een adviserende rol.
3. De Europese Commissie beslist over alle nieuwe wetten en maatregelen van de EU.
4. De Europese Commissie doet voorstellen voor nieuwe EU-wetgeving, maar de Raad
van de Europese Unie en het Europees Parlement hebben hierover het laatste
woord.
Vraag 3
Beoordeel de juistheid van de volgende beweringen met betrekking tot de Europese Raad:
1. De Europese Raad twee keer per maand in Straatsburg over de individuele
beleidsterreinen en strategie.
2. De Europese Raad en de Europese Commissie zijn strikt gescheiden.
3. De Europese Raad stelt de algemene beleidslijnen en prioriteiten van het Europees
beleid vast en is in dat kader bevoegd verdragen op te stellen.
4. Elke lidstaat is met één van haar ministers vertegenwoordigd in de Europese Raad,
die besluiten neemt op basis van meerderheid van stemmen.
Vraag 4
Welke van de onderstaande beweringen is juist als het gaat om de benoeming en
samenstelling van de Europese Commissie?
1. Om commissaris bij de Europese Commissie te kunnen worden moet je eerst in eigen
land ambtenaar zijn geweest. Elke lidstaat heeft een afgevaardigd lid.
2. De Europese Commissie wordt als college aangesteld. Benoeming geschiedt op basis
van voordracht en instemming van de individuele lidstaten.
Welke van de onderstaande beweringen is juist als het gaat om de organisatie en de
doelstellingen van de Europese Unie?
I. De Europese Unie is in elk opzicht een supranationale organisatie, waarbij de lidstaten
staatssoevereiniteit op permanente basis hebben overgedragen.
II. De belangrijkste doelstellingen van de Europese Unie zijn vrede en welzijn, het creëren
van ruimte van vrijheid en veiligheid en het instellen van een Economische en Monetaire
Unie (EMU).
a. I en II zijn onjuist.
b. I en II zijn juist.
c. I is onjuist en II is juist.
d. I is juist en II is onjuist.
Vraag 2
Welke van de onderstaande beweringen is juist als het gaat om de bevoegdheid tot het
maken van wetgeving?
1. De Europese Raad, bestaande uit de presidenten en de eerste ministers van de EU-
landen, stelt de EU-wetgeving vast.
2. Het Europees Parlement beslist over de EU-wetgeving. Het Europees Hof van Justitie
heeft daarbij een adviserende rol.
3. De Europese Commissie beslist over alle nieuwe wetten en maatregelen van de EU.
4. De Europese Commissie doet voorstellen voor nieuwe EU-wetgeving, maar de Raad
van de Europese Unie en het Europees Parlement hebben hierover het laatste
woord.
Vraag 3
Beoordeel de juistheid van de volgende beweringen met betrekking tot de Europese Raad:
1. De Europese Raad twee keer per maand in Straatsburg over de individuele
beleidsterreinen en strategie.
2. De Europese Raad en de Europese Commissie zijn strikt gescheiden.
3. De Europese Raad stelt de algemene beleidslijnen en prioriteiten van het Europees
beleid vast en is in dat kader bevoegd verdragen op te stellen.
4. Elke lidstaat is met één van haar ministers vertegenwoordigd in de Europese Raad,
die besluiten neemt op basis van meerderheid van stemmen.
Vraag 4
Welke van de onderstaande beweringen is juist als het gaat om de benoeming en
samenstelling van de Europese Commissie?
1. Om commissaris bij de Europese Commissie te kunnen worden moet je eerst in eigen
land ambtenaar zijn geweest. Elke lidstaat heeft een afgevaardigd lid.
2. De Europese Commissie wordt als college aangesteld. Benoeming geschiedt op basis
van voordracht en instemming van de individuele lidstaten.