hoofdstuk 14
de fysieke ontwikkeling in de adolescentie
14.3 bedreigingen voor het welzijn van adolescenten
14.3.1 voeding; een gewichtige zaak
calcium bevordert de groei van de botten en kan op latere leeftijd osteoporose voorkomen.
ijzer is nodig om bloedarmoede te voorkomen.
obesitas
obesitas in de adolescentie kan ernstige gevolgen voor de gezondheid hebben. het belast de
bloedcirculatie, waardoor de kans op hoge bloeddruk en diabetes toeneemt. ook heb je een
grotere kans om op latere leeftijd overgewicht te ontwikkelen.
anorexia nervosa en boulimia; de angstige wereld van eetstoornissen
- anorexia nervosa = een ernstige en mogelijk levensbedreigende eetstoornis waarbij
mensen weigeren te eten terwijl ze ontkennen dat hun gedrag of hun skeletachtige
uiterlijk abnormaal is.
in het eerste stadium van de ziekte draait het leven van anorexiapatiënten volledig om eten.
- boulimia = een eetstoornis die voornamelijk voorkomt bij vrouwelijke adolescenten
en jonge vrouwen en die wordt gekenmerkt door eetbuien gevolgd door overgeven of
het gebruik van laxeermiddelen om het voedsel weer kwijt te raken.
waardoor worden eetstoornissen veroorzaakt?
er zijn verschillende oorzaken van eetstoornissen mogelijk;
- vroege puberteit, meisjes hebben dan meer vet dan leeftijdsgenoten.
- depressiviteit.
- genetisch bepaald.
- overdreven perfectionisme.
- adaptief perfectionisme (hoge standaarden voor jezelf stellen).
- veeleisende ouders of het neveneffect van andere gezinsproblemen.
- cultuur.
- onveilige hechting.
- media.
drugs
jongeren gebruiken drugs omdat ze plezierige ervaringen teweeg kunnen brengen en om te
ontsnappen aan de druk van het dagelijks leven. drugs zijn heel schadelijk, omdat sommige
drugs verslavend zijn, ze kunnen een psychische verslavingen teweeg brengen en ze
kunnen risicovol zijn omdat zelfs lichte gebruikers minder gevaarlijke drugs makkelijker
overstappen op gevaarlijke verslavende middelen.
- verslavende middelen = middelen die een biologische of psychische afhankelijkheid
bij gebruikers teweegbrengt, waardoor ze er steeds heftiger naar gaan verlangen.
14.3.3 alcoholgebruik en -misbruik
er zijn verschillende redenen waarom adolescenten alcohol gaan drinken;
, - het staat volwassen.
- macho-imago in stand houden.
- het neemt remmingen en spanningen weg en vermindert stress.
jongeren drinken ook vanwege een zogenaamd vals consensus effect; op basis van een
paar in het oog springende voorbeelden nemen ze aan dat iedereen veel drinkt.
- alcoholist = iemand die langzaam maar zeker geestelijk en lichamelijk afhankelijk is
geworden van alcohol en niet in staat is om zijn drankgebruik te beperken.
14.3.4 tabak; de gevaren van roken
jong beginnen met roken zou kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van ADHD. een van de
redenen om te gaan roken is dat roken voor sommige adolescenten gezien wordt als een
overgangssituatie naar volwassenheid. ook is de kans groter dat een adolescent gaat roken
als een rolmodel ook rookt.
de nicotine in sigaretten kan biologische en psychische afhankelijkheid veroorzaken. nicotine
is het actieve chemische bestanddeel van sigaretten.
e-sigaretten zijn sigaretvormige apparaten op batterijen die nicotine leveren.
14.3.5 seksueel overdraagbare aandoeningen
- acquired immune deficiency syndrome (aids) = een seksueel overdraagbare
aandoening die wordt veroorzaakt door het humaan immunodeficiëntievirus (hiv).
- seksueel overdraagbare aandoening (soa) = een ziekte die wordt verspreid via
seksueel contact.
andere seksueel overdraagbare aandoeningen
een zeer frequent voorkomende soa is het humaan papillomavirus (HPV). dit virus kan
wratten veroorzaken en de kans verhogen op het ontwikkelen van kanker.
een ander veel voorkomende soa is trichomoniasis, een infectie in de vagina of penis die
wordt veroorzaakt door een parasiet.
- chlamydia = een bacteriële infectie en de meest voorkomende seksueel
overdraagbare aandoening.
- genitale herpes = een veel voorkomende seksueel overdraagbare aandoening die
wordt veroorzaakt door een virus dat blaasjes en zweertjes oplevert.
- gonorroe en syfilis = de oudste bekende geslachtsziekten.
hoofdstuk 16
de sociale ontwikkeling en de persoonlijkheidsontwikkeling in de adolescentie
16.1 identiteit; een antwoord op de vraag ‘wie ben ik?’
waarom identiteitsvraagstukken zo belangrijk zijn komt doordat de intellectuele vermogens
van adolescenten steeds volwassener wordt. ook heeft het te maken met de ingrijpende
fysieke veranderingen in de puberteit.
16.1.1 zelfbeeld; beschrijving van het ik
adolescenten kunnen onderscheid maken tussen hun eigen perceptie en die van anderen,
hierdoor hebben ze een bredere visie op zichzelf waardoor ze een toenemend besef hebben
van wie ze zijn. een adolescent heeft 3 soorten zelfbeeld;
1. fysiek zelfbeeld.
2. sociaal zelfbeeld.
3. schoolgebonden zelfbeeld.