Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Hoorcolleges Inleiding Criminologie voor Sociale Wetenschappers

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
37
Geüpload op
17-04-2020
Geschreven in
2019/2020

Uitgebreide en volledige samenvatting van alle hoorcolleges van het vak 'Inleiding Criminologie voor Sociale Wetenschappers' aan de Universiteit Utrecht

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Inleiding Criminologie SW – Hoorcolleges

Basiscollege strafrecht

Hele college: Niet leren voor tentamen

Rechtsgebieden
Onderscheid te maken tussen:
1. Privaatrecht: regelt verhouding tussen burgers en/of rechtspersonen
onderling. Het procesinitiatief ligt hierbij bij de partijen onderling. Er is hier
sprake van gelijkwaardige partijen.
2. Publiekrecht: regelt verhoudingen tussen overheid (staat/gemeente/OM)
tussen overheid en burgers en tussen overheidsorganen onderling, maar
impliciet ook verhoudingen tussen de burgers onderling. Het
procesinitiatief ligt hierbij bij de overheid. Er is hier sprake van
ongelijkwaardige partijen.
 Hieronder valt: staatsrecht, bestuursrecht en strafrecht.

Strafrecht
Het strafrecht is lang niet het grootste rechtsgebied (dat is privaatrecht), maar
wordt door de media wel zo sterk uitgelicht dat het wel het grootste lijkt. In
werkelijkheid is het een heel klein rechtsgebied.
Strafrecht is het recht van de overheid om burgers te straffen op grond van
normschendingen.
In het wetboek van strafrecht is te vinden welke gedragingen strafbaar zijn.

Het strafrecht wordt ingezet om verschillende doelen te bereiken:
1. Voorkomen van eigenrichting (voorkomen dat burgers voor eigen rechter
gaan spelen. In plaats daarvan heeft de overheid het recht om te
straffen).
2. Vergelding (bewuste leedtoevoeging: jouw strafbare daad wordt vergolden
met een straf). Dit is het primaire doel van straffen. Het verschil tussen
vergelding en wraak is dat bij vergelding de reactie/straf in verhouding
staat met het leed dat jou is aangedaan en bij wraak niet
(=evenredigheid/proportionaliteit).
3. Generale preventie (mensen afschrikken en duidelijk maken wat de
normen zijn, om zo te voorkomen dat strafbare feiten worden gepleegd).
4. Speciale preventie (beveiliging en resocialisatie met als doen voorkomen
van recidive, wanneer een individu een strafbaar feit reeds heeft
gepleegd). In de praktijk wordt dit doel vaak niet behaald.
5. Reparatie (genoegdoening aan het slachtoffer, herstel in oude toestand).

Middelen daarbij zijn:
1. Straffen: gevangenisstraf, taakstraf, geldboete
2. Maatregelen: TBS (geen straf!)
3. OM zichtbare ‘interventies’: geldboetes

Strafrecht werd van oudsher aangeduid als ultimum remedium: het strafrecht
werd gezien als zwaarste instrument binnen het recht, dat alleen ingezet werd
als andere rechtsgebieden niet werkten. Tegenwoordig wordt het meer gezien als
optimum remedium: we kijken nu naar wat het meest efficiënte instrument
1

,(beste resultaat, minste kosten, minst tijdrovend, snelst in te zetten) is om in te
zetten, en niet naar de zwaarte van het rechtsgebied. Zo wordt tegenwoordig
bijvoorbeeld ook het bestuursrecht ingezet om misdaad aan te pakken.

Rechtsbronnen
1. Nationale oorsprong
a. Het recht halen we voor het grootste deel uit de wet (Wetboek van
Strafrecht (wat is strafbaar?) en Wetboek van Strafvordering
(beschrijving van strafrechtelijke procedures)).
b. Jurisprudentie: geheel van eerdere uitspraken die door rechters
gedaan zijn in soortgelijke zaken over een bepaald juridisch
onderwerp.

Soorten rechters en rechtbanken zijn:
- Rechtbank-rechters: kinderrechter, strafrechter, kantonrechter (arbeid,
geld, huur)
- Gerechtshof (wanneer je in hoger beroep gaat)
- Hoge Raad

2. Internationale oorsprong
a. Verdragen: EU-verdragen zoals het Cybercrimeverdrag
b. Jurisprudentie van hoogste organen en internationale gerechten

Materieel vs. formeel strafrecht
Strafrecht is op te splitsen in:
1. Materieel strafrecht: te vinden in het Wetboek van Strafrecht. Het
materieel strafrecht gaat over welk gedrag onder welke omstandigheden
strafbaar is, wanneer iets een delict of een overtreding is, welke personen
daarvoor gestraft kunnen worden en welke middelen er zijn om te
straffen.
2. Formeel strafrecht (a.k.a. strafrechtprocesrecht): te vinden in Wetboek
van Strafvordering. Het formeel strafrecht betreft voorschriften die
bepalen langs welke weg het strafrecht zich dient te realiseren: opsporing,
vervolging en berechting.

Waar vinden we het materieel strafrecht?
In het Wetboek van Strafrecht, met boek 1 (algemene bepalingen), boek 2
(misdrijven), boek 3 (overtredingen). Overtredingen zijn minder zwaar dan
misdrijven. In het Wetboek van Strafrecht vindt je algemene overtredingen en
misdrijven. Maar niet alles wat strafbaar is, vind je per se in dit wetboek.
Overtredingen of misdrijven met betrekking tot speciale thema’s zijn te vinden in
bijvoorbeeld de: Opiumwet, Wegenverkeerswet, Algemene wet inzake de
rijksbelastingen, Wet wapens en munitie.
Er is hierbij onderscheid te maken tussen commuun (algemeen) en bijzonder
strafrecht.

Waar komen wetten vandaan?
Het initiatief om wetten te maken ligt bij de regering (ministers) en Tweede
Mamer.




2

,Niet alles is strafrecht
Sommige dingen lijken op strafrecht, maar zijn eigenlijk iets anders.
Denk hierbij aan handhaving (controlebevoegdheid). Deze mensen controleren of
mensen regels naleven, maar dit is nog geen strafrecht. Daar spreekt men pas
van als er daadwerkelijk een strafbaar feit is gepleegd.
Een ander voorbeeld is het opleggen van een gebiedsverbod door een winkel of
horecagelegenheid. De eigenaar legt hierbij het verbod op. Als de persoon zich
hier niet aan houdt is er wel sprake van een strafbaar feit (huisvredebreuk), en
komt het strafrecht wel om de hoek kijken.
Boetes hoeven ook niet altijd betrekking te hebben op het strafrecht: deze
kunnen ook worden opgelegd in het kader van bijvoorbeeld bestuursrecht.

Chronologie van een strafzaak
1. Wetgever formuleert een strafbaar feit in een wet
2. Iemand pleegt een strafbaar feit (misdrijf of overtreding)
 Misdrijf = in boek 2 van strafrecht (o.a. diefstal)
 Overtreding = in boek 3 van strafrecht
3. Ontdekking
 Door politie
 Door burger (aangifte)
4. Opsporing
 Politie o.l.v. Officier van Justitie (OM)
  Object van opsporing is verdachte
5. Vervolging/berechting van de verdachte
 Vervolging door officier van Justitie (of niet)
 Berechting door rechtbank
6. Vonnis door rechtbank

Criminaliteit en criminologie
Criminaliteit is al het gedrag dat strafbaar is gesteld, maar kan ook breder
worden gezien (ook gedrag dat niet strafbaar is gesteld). Criminaliteit is geen
juridisch begrip en de grens is daarom ambigu.
Criminologie is een sociale wetenschap. Hierbij wordt meer gekeken naar de
criminaliteit in de praktijk: oorzaken, typologie van daders, typologie van
slachtoffers, gevolgen, bestrijden, wat wordt als criminaliteit beschouwd. Dit zijn
andere vragen dan waar een jurist zich mee bezig houdt.

Opbouw strafbepaling
Een strafbepaling bestaat altijd uit delictsomschrijving (het gedrag dat niet
mag), kwalificatie (niet altijd) en strafbedreiging (ook wel sanctienorm
genoemd).

 Delictsomschrijving: welke materiële norm moet worden nageleefd,
mag niet worden geschonden.
o Misdrijf: vaak rechtsdelicten (bijvoorbeeld inbreuk op recht op
leven)
o Overtreding: vaak wetsdelicten (bijvoorbeeld inbreuk op
Algemene Plaatselijke Verordening (APV): de gemeentelijke
regelgeving op het gebied van openbare orde en veiligheid)
 Gedraging – Kwalificatie - Strafbedreiging



3

, Voorbeeld:
Art. 289 Sr (Moord)
Hij die opzettelijk en met voorbedachte rade een ander van het leven berooft,
wordt, als schuldig aan moord, gestraft met levenslange gevangenisstraf of
tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde
categorie.

Voorbeeld:
Art. 290 Sr (Kinderdoodslag)
De moeder die, onder de werking van vrees voor ontdekking van haar bevalling,
haar kind bij of kort na de geboorte opzettelijk van het leven berooft, wordt, als
schuldig aan kinderdoodslag, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste
zes jaren of geldboete van de vierde categorie.
*Delictsomschrijving: gedraging m.b.t. specifieke normadressaat (de moeder)

Voorbeeld:
Art. 2 Opw (Opiumwet)
Het is verboden een middel als bedoeld in de bij deze wet behorende lijst 1 dan
wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid:
A. binnen of buiten het grondgebied van Nederland te brengen;
B. te telen, te bereiden, te bewerken, te verwerken, te verkopen, af te
leveren, te verstrekken of te vervoeren;
C. aanwezig te hebben;
D. te vervaardigen.
*Hier staat wel welk gedrag niet mag (delictsomschrijving), maar niet wat de
sanctienorm hiervoor is (Strafbedreiging). Die vindt je achterin het Opium
Wetboek. Dit werkt dus anders dan bij strafrecht (zie eerste twee voorbeelden).

Wat is een strafbaar feit?
Er moet aan vier voorwaarden worden voldaan om te kunnen spreken van een
strafbaar feit:
1. Een menselijke gedraging
o Menselijk: natuurlijke personen, rechtspersonen (‘iets’, bijvoorbeeld
een organisatie, met dezelfde rechten en plichten als een natuurlijk
persoon)
o Gedraging: handeling of nalaten daarvan
I. Commissiedelict: handelen is strafbaar (bijvoorbeeld
diefstal)
II. Omissiedelict: nalaten is strafbaar (bijvoorbeeld geen
belastingaangifte doen)
2. Die valt binnen een wettelijke delictsomschrijving
o Legaliteitsbeginsel (artikel 1 lid 1 Wetboek van Strafrecht): Geen
feit is strafbaar dan uit kracht van een daaraan voorafgegane
wettelijke strafbepaling. Doel hiervan is te zorgen voor
rechtszekerheid en rechtsbescherming om machtsmisbruik te
voorkomen.
I. Legaliteitsbeginsel 1: Lex Scripta: het moet in de wet
staan. Jurisprudentie kan geen directe bron zijn van
strafrecht.
II. Legaliteitsbeginsel 2: Lex Certa: de wet moet duidelijk zijn.
Het moet duidelijk zijn onder welke voorwaarden een
gedraging strafbaar is. Bepaalde termen uit het wetboek

4

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
17 april 2020
Aantal pagina's
37
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$9.60
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
anneschnitzler Universiteit Utrecht
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
232
Lid sinds
7 jaar
Aantal volgers
220
Documenten
29
Laatst verkocht
1 jaar geleden

3.6

45 beoordelingen

5
8
4
17
3
15
2
3
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen