Roxeanne Hoksbergen - 4a emcm
Vadertje staat
Privatisering overheid
Participatiesamenleving - Opgericht door Mark Rutte in 2015
De overheid ondersteunt welvaart en welzijn van inwoners.
Drie belangrijkste pijlers van de verzorgingsstaat:
→ Onderwijs: Basisschool, middelbare school, MBO, HBO, WO, speciaal onderwijs, NT2
→ Gezondheidszorg: Medische zorg, langdurige zorg, verpleging
→ Sociale zekerheid: WW, arbeidsongeschiktheid, pensioen
Kern van de verzorgingsstaat: Solidariteit
Waarden in de Grondwet:
→ Vrijheid, gelijkwaardigheid en solidariteit
Iedereen heeft recht op deze belangrijke waarden, dit zijn sociale grondrechten
Rechten kennen plichten (normen):
→ Leerplicht, sollicitatieplicht, belastingplicht
Verzorgingsstaten wereldwijd:
Drie modellen van de Verzorgingsstaat:
→ Liberale model: VS en Groot Brittannië Vrijheid en eigen verantwoordelijkheid is de kern.
Je hoeft weinig belasting te betalen maar basisvoorzieningen zoals tandarts en ziekenhuis
moeten mensen zelf betalen.
→ Sociaal Democratisch model: Scandinavië, hoge belastingen en uitgebreide
voorzieningen. Gelijkheid is de kern. Zorg, onderwijs, arbeidsomstandigheden zijn van zeer
hoog niveau en kost bijna niks. Werkenden en bedrijven betalen veel belasting
→ Corporaties model: Duitsland
Tot 1850: Nachtwakersstaat
1854: Armenwet
1874: Kinderwetje
→ rechtgunst
1901: Leerplichtwet
1919: Arbeidswet
1930: Ziektewet
1941: Kinderbijslagwet
1957: Algemene ouderdomswet (AOW) - Willem Drees
1965: Bijstandswet
1983: Sociale grondrechten
2015: Participatiewet
, Begrippenlijst + uitwerking
5.1 Wat is een verzorgingsstaat?
In een verzorgingsstaat bemoeit de overheid zich actief met de welvaart en het welzijn van
haar inwoners.
Welvaart: De mate waarin mensen over voldoende middelen beschikken om hun behoeften
te vervullen.
Welzijn: De mate waarin mensen tevreden zijn over hun lichamelijke en geestelijke
gezondheid. Denk hierbij aan goed onderwijs, voldoende en bereikbare ziekenhuizen en
voldoende vrije tijd.
We spreken van solidariteit als er bereidheid is in een groep of samenleving om risico’s met
elkaar te delen.
Collectief belang: Soms wordt solidariteit afgedwongen door de overheid. Bijvoorbeeld
wanneer jij een baan hebt, maar iemand anders raakt werkloos, dan krijgt diegene een
uitkering waar jij en alle werkenden samen voor betalen. Jij kan ook in deze situatie
belanden, als je een uitkering nodig hebt.
Sociale grondrechten: De waarde: gelijkwaardigheid, gelijke kansen zie je terug in de
sociale grondrechten, dit zijn bijvoorbeeld: recht op onderwijs, huisvesting, gezondheidszorg
Maatschappelijk middenveld: Organisaties die tussen de overheid en de individuele
burger in staan en die verschillende groepen vertegenwoordigen. Ze regelen zaken die niet
door de overheid of bedrijven worden opgepakt.
Particulier initiatief: Zaken die worden opgepakt door burgers zoals
vrijwilligersorganisaties, bijvoorbeeld de voedselbank of het leger des Heils.
Sociale partners: Werkgevers en werknemers die tot het maatschappelijke middenveld
behoren. Beide groepen organiseren zich om beter voor hun eigen belangen op te komen.
Collectieve arbeidsovereenkomst (CAO): Een overeenkomst tussen werkgevers en
werknemers uit een bedrijfstak over de arbeidsvoorwaarden zoals salaris, werktijden of
vakantiedagen.
Poldermodel: De manier waarop de overheid, vakbonden en werkgevers via
onderhandelingen tot overeenstemming komen, vaak met compromissen.
Liberale verzorgingsstaat: Het bestaat in de VS, Verenigd Koninkrijk en Canada.
Individuele vrijheid en eigen verantwoordelijkheid zijn belangrijke waarden. Mensen betalen
weinig belastingen en premies, wel zelf verzekeren voor werkloosheid en ziekte, dit is niet
verplicht.