Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting literatuur week 4 Formeel strafrecht

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
8
Geüpload op
27-04-2020
Geschreven in
2019/2020

Samenvatting van de verplichte literatuur week 4. Hoofdstuk 12, paragraaf 2.6.3 en paragraaf 6.4 -6.8.3 uit het boek ons strafrecht 2; Strafprocesrecht.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Literatuur formeel strafrecht week 4
Hoofdstuk 12
De dagvaarding bevat de tenlastelegging en informeert de verdachte daarmee over het feit
waarvan hij beschuldigd wordt (261 Sv). Die tenlastelegging staat bij het onderzoek op de
terechtzitting centraal. Uit de artt. 348 en 350 Sv blijkt dat de rechter de formele en
materiële vragen beantwoordt op de grondslag der tenlastelegging en naar aanleiding van
het onderzoek op terechtzitting. De rechter is dus bij de beslissingen die hij aan de
tenlastelegging gebonden. De wet bevat voorts regels voor de betekening (uitreiking) van de
dagvaarding, artikel 585 lid 2 Sv.

Het aanwezigheidsrecht van de verdachte stelt eisen aan de justitiële autoriteiten. Zij
moeten zich inspannen om het adres of de verblijfplaats van de verdachte te achterhalen. Zij
moeten de verdachte voorts op de hoogte tellen van de dag van de terechtzitting. Dat moet
op adequate wijze gebeuren.
De ‘eigen schuld’ van de verdachte mag niet gelijkgesteld worden aan een afstand van zijn
recht. Voor een rechtsgeldige afstand van recht lijkt ten minste nodig te zijn dat verdachte
met de dag van de terechtzitting bekend is. Als de verdachte wegblijk nadat hij persoonlijk
de appeldagvaarding in ontvangst heeft genomen, mag als regel worden aangenomen dat hij
afstand van zijn aanwezigheidsrecht heeft gedaan. Dan moet echter wel blijken dat hij van
de consequenties van zijn gedrag op de hoogte was.
Niet bij elk onderdeel van de strafprocedure bestaat een aanwezigheidsrecht. De vraag of de
verdachte een aanwezigheidsrecht heeft, speelt vooral bij de behandeling van
rechtsmiddelen. Het hangt dan van de aard en de omvang van de beroepsprocedure af of de
verdachte het recht heeft daarbij n persoon aanwezig te zijn. Als sprake is van een geheel
nieuwe behandeling van de zaak, geldt het aanwezigheidsrecht in het algemeen onverkort.
Als het beroep een beperkter karakter heeft, hangt veel af van de bijzonderheden van het
geval.
De conclusie kan worden getrokken dat een berechting zonder dat de verdachte daarbij
aanwezig is, niet in strijd behoeft te zijn met art. 6 EVRM. Daarbij kunnen drie categorieën
zaken worden onderscheiden. De eerste categorie betreft zaken waarin de verdachte recht
heeft op een fresh determination. Een berechting bij verstek behoeft dan niet in strijd te zijn
met art. 6 EVRM, zelfs niet als de justitiële autoriteiten zich onvoldoende hebben
ingespannen om de verdachte van de zittingsdatum op de hoogte te stellen. Het proces ‘as a
whole’ is dan niet oneerlijk. De tweede categorie betreft zaken waarin de autoriteiten zich
wel maximaal hebben ingespannen en waarin de onbekendheid met de zitting voor rekening
van de verdachte komt. In sommige gevallen is dan een berechting bij verstek geoorloofd,
ook als de verdacht geen recht op een fresh determination. De derde categorie betreft zaken
waarin de verdachte rechtsgeldig afstand heeft gedaan van zijn aanwezigheidsrecht. Aan een
dergelijke afstand van zijn recht worden echter hoge eisen gesteld. bovendien mag de
afwezige verdachte niet het recht worden ontzegd zich door een raadsman te laten
verdedigen. Op grond hiervan kan de conclusie worden getrokken dat een berechting bij
verstek in hoger beroep in Nederland nauwer steekt dan in eerste aanleg. De verdacht heeft
in eerste aanleg namelijk bijna steeds recht op hoger beroep, en daarmee op een fresh
determination van zijn zaak. In hoger beroep heeft de verdachte alleen recht op cassatie,
waarbij van nieuwe berechting geen sprake is.

, Artikel 258 lid 1 Sv schrijft voor dat de zaak ter terechtzitting aanhangig wordt gemaakt door
een dagvaarding die vanwege de OvJ aan de verdachte wordt bekend. Omdat het
rechtsgeding daardoor een aanvang neemt, spreekt men van de inleidende dagvaarding. Dit
ter onderscheiding van de appeldagvaarding, waarmee de zaak in hoger beroep aanhangig
wordt gemaakt (412 lid 2 Sv). Een belangrijke functie van zowel de inleidende als de
appeldagvaarding is dat de verdachte bekend wordt gemaakt met dag en uur van de
terechtzitting alsmede de locatie waar deze zal plaatsvinden, en opgeroepen wordt aldaar
op dat tijdstip te verschijnen (oproepingsfunctie).
Betekening (585 Sv) is een van de drie wijzen waarop kennisgeving van gerechtelijke
mededelingen aan natuurlijke personen kan plaatsvinden. De beide andere zijn toezending
en mondelinge mededeling.
Toezending geschiedt eenvoudig door middel van een gewone of aangetekende brief (585
lid 3). Betekening geschiedt door uitreiking van een rechtelijk schrijven op de bij de wet
voorziene wijze (585 lid 2). Van die uitreiking moet een akte worden opgemaakt, waarin
onder meer vermeld zijn de persoon voor wie het bestemd is en de persoon aan wie het is
uitgereikt (589). Doormiddel van post of ambtenaar (587).
Betekening is (586 lid 1) alleen vereist als de wet dat voorschrijft. De dagvaarding moet
steeds worden betekend.
Naast betekening in persoon staat de betekening niet in persoon. Daarbij wordt de
dagvaarding uitgereikt aan iemand anders dan degene voor wie het schrijven bestemd is. Die
iemand kan ook de griffier van de rechtbank zijn.
Dat de dagvaarding ook betekend kan worden als de verdachte niet valt te bereiken, hangt
samen met het mogelijk maken van een berechting bij verstek.
De vraag aan wie de dagvaarding moet worden uitgereikt, vindt beantwoording in 588 Sv.
Als de verdachte in voorarrest zit vanwege de strafzaak waarop de dagvaarding betrekking
heeft, is uitreiking in persoon verplicht. En uitreiking in persoon is ook verplicht bij personen
die in andere bij of krachtens AMvB bepaalde gevallen rechtens hun vrijheid is ontnomen.
Nadere eisen gelden als de dagvaarding niet in persoon wordt uitgereikt. Daarbij zijn 4
situaties te onderscheiden:
A BRP-adres (ingeschreven in basisregistratie personen): op het adres wordt de dagvaarding
bij voorkeur aan de verdachte zelf uitgereikt. Als echter de verdachte niet wordt
aangetroffen, kan uitgereikt worden aan iemand die zich op dat adres bevindt (588 lid 3 sub
a). Eis dat de persoon in kwestie zich bereid verklaart het stuk onverwijld aan de verdachte
te doen komen. Wordt niemand aangetroffen, dan wordt bericht van aankomst achterlaten
waarin staat op welk postkantoor de dagvaarding kan worden afgehaald. Ook de uitreiking
aan de schriftelijke gemachtigde levert een betekening in persoon op (588 lid 3 sub b).
Wordt niet op het bericht van aankomst gereageerd, dan stuurt het postkantoor de
dagvaarding teug naar verzender. Vindt adresverificatie plaats, blijkt niet BRP-adres te zijn, is
voor betekening een nieuwe uitreikingspoging noodzakelijk. Als adres juist blijkt, volgt
uitreiking aan de griffier. Het OM zendt vervolgens een afschrift van dagvaarding als brief
naar adres en tekent dit aan op de uitreikingsakte (588 lid 3 sub c)
B feitelijke woon- of verblijfplaats in Nederland (geen BRP-adres): geldt dezelfde procedure
als bij de aanbieding aan het BRP-adres. Weliswaar bevat de wet geen regeling voor het
geval op het bericht van aankomst niet wordt gereageerd, maar volgens HR dient 588 lid 3
sub c Sv analoog te worden toegepast.
C alleen adres in buitenland bekend: geschiedt uitreiking door toezending door OM, ofwel
rechtstreeks, ofwel door tussenkomst van de bevoegde buitenlandse autoriteit of instantie

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
H12, 2.6.3, 6.4-6.8.3
Geüpload op
27 april 2020
Aantal pagina's
8
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$4.18
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Doju Universiteit van Amsterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
215
Lid sinds
10 jaar
Aantal volgers
119
Documenten
262
Laatst verkocht
2 maanden geleden

Derdejaars student rechtsgeleerdheid aan de universiteit van Amsterdam. Alle vakken in een keer gehaald, gemiddeld cijfer een 8. Samenvattingen van literatuur worden geplaatst en een algemene samenvatting van het vak.

3.4

28 beoordelingen

5
6
4
7
3
10
2
3
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen