Week 1:
Beschermingsgedachte
- Dwingend afwijking van dwingende bepaling is nietig
- Driekwartdwingend afwijking mogelijk wanneer bij CAO
overeengekomen
- Semidwingend afwijking toegestaan bij schriftelijke overeenkomst
(zowel arbeidsovereenkomst als CAO
- Aanvullend mag van worden afgeweken, geld wanneer niets
anders is overeengekomen
Absolute competentie welk soort gerecht is bevoegd
- Eerste aanleg: kantonrechter
- Hoger beroep gerechtshof
- Cassatie Hoge Raad
Relatieve competentie welke rechter bevoegd
- Arrondissement gebied waar rechter werkzaam is
- Vestigingsplaats waar rechter zich gevestigd heeft
- Eerste aanleg kantonrechter van woonplaats van wederpartij of
waar de arbeid gewoonlijk plaatsvond bevoegd (wanneer werknemer
de werkgever aanklaagt mag de werkgever kiezen voor welke
kantonrechter hij gaat)
Art 7:610 BW
- Verrichten van arbeid
- Gezagsverhouding
- Loon (7:616 BW)
- Persoonlijk (art 7:659 BW)
- Zekere tijd (art 7:610a en b BW)
Arrest Groen/Schoevers kwalificatievraag: is er nou sprake van een
arbeidsovereenkomst of een overeenkomst van opdracht, nee er is geen
sprake van een gezagsverhouding, dus Groen kan geen beroep doen op
ontslagbescherming
1. Wat hebben partijen ten tijde van het sluiten van de overeenkomst
beoogd (partijbedoeling)?
2. Hoe hebben partijen vanaf het moment dat de overeenkomst is gaan
‘werken’ feitelijk uitvoering aan de overeenkomst gegeven?
Partijbedoeling: X/gemeente Amsterdam is er sprake van een
arbeidsovereenkomst tussen mevrouw X en de gemeente
- Partijbedoeling is niet van belang bij de beoordeling of partijen
hebben bedoeld een arbeidsovereenkomst aan te gaan, maar wel
van belang voor de rechten en plichten die zijn aangegaan.
- De hoge raad oordeelde dat er niet voldaan is aan 7:610 BW door
het vereiste loon, de stimuleringspremie die zei kreeg uitgekeerd
, telde net als loon, maar onderdeel waren van een re-
integratietracject.
Partijbedoeling: X/Munduscollege is er sprake van een
arbeidsovereenkomst (student vordert verklaring voor het recht dat er
sprake is van een arbeidsovereenkomst en loon)
- Uitspraak: geen arbeidsovereenkomst in de zin van art 7:610 BW,
omdat er niet voldaan is aan het criterium arbeid. Het lopen van
stage is en verplicht onderdeel in de lerarenopleiding en kan dus
niet aangemerkt worden als arbeid. De leeraspecten wegen
zwaarder van de arbeidsaspecten.
Rechtsvermoeden (niet hetzelfde als totstandkoming, want de werkgever
kan tegenbewijs leveren)
Art 7:610a BW rechtsvermoeden bestaan arbeidsovereenkomst
- Arbeid verricht ten behoeve van een ander
- Beloning
- Arbeid verricht gedurende 3 opeenvolgende maanden
- Arbeid verricht op wekelijkse basis, dan wel ten minste 20 uren per
maand
Art 7:610b BW rechtsvermoeden inzake de omvang van
arbeidsovereenkomst (denk aan oproepkracht die in vergelijking met
de vorige 3 maande heel veel of juist heel weinig wordt opgeroepen)
- Arbeidsovereenkomst heeft 3 maanden geduurd
Uitzendovereenkomst art 7:690 BW
Geen rechtstreeks juridische relatie tussen bedrijf en uitzendkracht
ABU-CAO
3 fasen
- Fase A: in de periode van 78 weken (1,5 jaar) kan zowel het bedrijf
als de uitzendkracht de overeenkomst beëindigen
- Fase B: Periode van 4 jaar waarin er maximaal 6 tijdelijke contracten
kunnen worden gesloten
- Fase C: uitzendovereenkomst voor onbepaalde duur
(In de wet is een periode van 26 weken (art 7:691 lid 1 BW
overeengekomen, maar bepaling van driekwartdwingend recht, dus
mag in CAO van worden afgeweken. In CAO 78 weken)