Generieke kennisbasis (GKB)
Samenvatti ng: lesstof periode 1 (eerste 7 weken)
,Week 1: Pedagogisch handelen en adaptief model
Leren kan je ook zien als veranderen, groeien, ervaren, nadenken enz. Aan leren wordt vaak
een definitie gegeven zonder het proces zelf daarin te betrekken. De belangrijkste
leerprocessen hebben betrekking op:
- Selecteren
- Opnemen
- Verwerken
- Integreren
- Vastleggen
- Gebruiken van en het betekenis geven aan informatie
Uitkomsten van leren zijn veranderingen in houding, kennis en vaardigheden. Door te leren
kunnen mensen leren te leren. Leren gebeurt niet alleen door individuen, maar mensen
leren ook van anderen. Leren van anderen kan op procesniveau, maar ook als je samen tot
uitkomsten bent gekomen.
Binnen het leren zijn er acht dimensies:
Dimensie /
Loopt van: Via: Naar:
categorie
School, opleidi
PLAATS Werkplek Elders
ng
Bewust van
BEWUSTZIJ Bewust van
Onbewust werkdoel,
N leerdoelen
leren, alleen vagelijk
bij de en
impliciet leren bewust
lerende) leerprocessen
van leren
Gedeelde
sturing door
Externe
STURING lerende en Zelfsturing
sturing
externe
instantie
Gestructureer Half Niet/ slecht
d en gestructureerd, gedefinieerde,
INHOUD er bestaat half ongestructureer
consensus ongestructuree de
over rd problemen
AANSLUITI
Leren als
NG Leren als Leren als
afbreken en
REFERENTIE aanbouwen bij verbouwen
opbouwen
-KADER
AANZET tot Uit eigen Vanuit de Door een
leren beweging sociale omgevi sturende
ng, instantie
, vanuit problem
en
(Deel)organisati
DOOR WIE Individu Groep
e
Persoon (leren Groep,
Groep,
als tool organisatie
VOOR WIE organisatie en
of personal (leren als tool of
persoon zelf
development) management)
Daarnaast zijn er ook nog verschillende leertheorieën, deze worden onderscheiden in 5
typen:
- Behavioristische: positieve versterking werkt beter dan straf, opdelen in kleine
stappen en concrete doelstellingen.
- Cognitivistische: gaat vooral over het informatieverwerkingsproces, dat plaatsvindt
bij het leren. Theorieën over mentale belasting, een optimale belasting van het
werkgeheugen.
- Constructivistische: evenwicht tussen het aanpassen van de bestaande cognitieve
structuur en veranderingen van de structuur zelf.
- Sociaal-culturele: leren in en van de gezamenlijke praktijk en
leerwerkgemeenschappen. Observeren en imiteren zijn belangrijke leerprocessen.
- Cultuur-historische: Een proces van interiorisatie van uitwendige handelingen tot
denkhandelingen. Leren vindt plaats op de grenzen van systemen.
Model adaptief onderwijs
Basisvoorwaarden voor een actieve gemotiveerde leerhouding:
- Competentie: Een behoefte om zelf greep te krijgen op de wereld.
- Relatie: Je veilig voelen, erbij horen en ertoe doen.
- Autonomie: Lot in eigen handen nemen, verantwoordelijkheid dragen.
Relatie
Relatie wordt bevorderd door gewone dagelijks omgang. Maar ook tijdens de instructie
speelt de wisselwerking tussen docent en leerling/ studenten rol van betekenis. Het is
moeilijk om recepten voor wisselwerking te geven. Het gaat er vooral om wat je uitstraalt en
wat je wilt uitstralen(Slooter, 2010). Om een goede relatie met jongeren op te bouwen,
dient professioneel gedrag aan de volgende kenmerken te voldoen:
Interactie:
- Omkeerbaar taalgebruik(student aanspreken zoals je zelf aangesproken wilt worden)
- Belangstelling hebben voor en rekening houden met de interesses van jongeren-
Initiatieven van jongeren honoreren
- Delen van gevoelens en bereid zijn de eigen gevoelens met jongeren te delen-Zowel
jij als de jongeren kunnen zichzelf zijn
- Actief luisteren naar jongeren
- Zorgen dat jongeren niet afgaan
- Iedere student met respect behandelen
Samenvatti ng: lesstof periode 1 (eerste 7 weken)
,Week 1: Pedagogisch handelen en adaptief model
Leren kan je ook zien als veranderen, groeien, ervaren, nadenken enz. Aan leren wordt vaak
een definitie gegeven zonder het proces zelf daarin te betrekken. De belangrijkste
leerprocessen hebben betrekking op:
- Selecteren
- Opnemen
- Verwerken
- Integreren
- Vastleggen
- Gebruiken van en het betekenis geven aan informatie
Uitkomsten van leren zijn veranderingen in houding, kennis en vaardigheden. Door te leren
kunnen mensen leren te leren. Leren gebeurt niet alleen door individuen, maar mensen
leren ook van anderen. Leren van anderen kan op procesniveau, maar ook als je samen tot
uitkomsten bent gekomen.
Binnen het leren zijn er acht dimensies:
Dimensie /
Loopt van: Via: Naar:
categorie
School, opleidi
PLAATS Werkplek Elders
ng
Bewust van
BEWUSTZIJ Bewust van
Onbewust werkdoel,
N leerdoelen
leren, alleen vagelijk
bij de en
impliciet leren bewust
lerende) leerprocessen
van leren
Gedeelde
sturing door
Externe
STURING lerende en Zelfsturing
sturing
externe
instantie
Gestructureer Half Niet/ slecht
d en gestructureerd, gedefinieerde,
INHOUD er bestaat half ongestructureer
consensus ongestructuree de
over rd problemen
AANSLUITI
Leren als
NG Leren als Leren als
afbreken en
REFERENTIE aanbouwen bij verbouwen
opbouwen
-KADER
AANZET tot Uit eigen Vanuit de Door een
leren beweging sociale omgevi sturende
ng, instantie
, vanuit problem
en
(Deel)organisati
DOOR WIE Individu Groep
e
Persoon (leren Groep,
Groep,
als tool organisatie
VOOR WIE organisatie en
of personal (leren als tool of
persoon zelf
development) management)
Daarnaast zijn er ook nog verschillende leertheorieën, deze worden onderscheiden in 5
typen:
- Behavioristische: positieve versterking werkt beter dan straf, opdelen in kleine
stappen en concrete doelstellingen.
- Cognitivistische: gaat vooral over het informatieverwerkingsproces, dat plaatsvindt
bij het leren. Theorieën over mentale belasting, een optimale belasting van het
werkgeheugen.
- Constructivistische: evenwicht tussen het aanpassen van de bestaande cognitieve
structuur en veranderingen van de structuur zelf.
- Sociaal-culturele: leren in en van de gezamenlijke praktijk en
leerwerkgemeenschappen. Observeren en imiteren zijn belangrijke leerprocessen.
- Cultuur-historische: Een proces van interiorisatie van uitwendige handelingen tot
denkhandelingen. Leren vindt plaats op de grenzen van systemen.
Model adaptief onderwijs
Basisvoorwaarden voor een actieve gemotiveerde leerhouding:
- Competentie: Een behoefte om zelf greep te krijgen op de wereld.
- Relatie: Je veilig voelen, erbij horen en ertoe doen.
- Autonomie: Lot in eigen handen nemen, verantwoordelijkheid dragen.
Relatie
Relatie wordt bevorderd door gewone dagelijks omgang. Maar ook tijdens de instructie
speelt de wisselwerking tussen docent en leerling/ studenten rol van betekenis. Het is
moeilijk om recepten voor wisselwerking te geven. Het gaat er vooral om wat je uitstraalt en
wat je wilt uitstralen(Slooter, 2010). Om een goede relatie met jongeren op te bouwen,
dient professioneel gedrag aan de volgende kenmerken te voldoen:
Interactie:
- Omkeerbaar taalgebruik(student aanspreken zoals je zelf aangesproken wilt worden)
- Belangstelling hebben voor en rekening houden met de interesses van jongeren-
Initiatieven van jongeren honoreren
- Delen van gevoelens en bereid zijn de eigen gevoelens met jongeren te delen-Zowel
jij als de jongeren kunnen zichzelf zijn
- Actief luisteren naar jongeren
- Zorgen dat jongeren niet afgaan
- Iedere student met respect behandelen