paragraaf 1 t/m 4
, Napoleon Bonaparte:
Was een succesvolle generaal in het Franse leger.
Nadat hij de macht kreeg, maakte hij een nieuwe grondwet.
Napoleon bleef populair onder de becolking, omdat hij voor orde en rust zorgde. Ook waren zijn
militaire overwinningen er goed.
Deze resultaten van de Frase revolutie liet Napoleon bestaan:
1. De standensamenleving was voorgoed voorbij.
2. Voor alle burgers golden dezelfde wetten.
3. Iedereen had dezelfde grondrechten, zoals vrijheid van meningsuiting en godsdienst.
Om te zorgen dat niemand meer ging handelen met Groot-Brittanië voerde hij het continentaal
stelsel in.
Verlichte denkers:
Dit vonden verlichte denkers:
1. Ze vonden dat je kritisch moest nadenken.
2. Ze vonden ze onderwijs en discussie erg belangrijk.
3. Ook waren ze voor religieuze tolerantie (verdraagzaamheid).
4. Verlichte denkers vonden dat iedereen vrij moest zijn om te geloven wat hij wilde.
5. Ze hadden kritiek op de standensamenleving en het absolutisme.
6. Ze vonden dat alle mensen natuurrechten hadden.
7. Veel verlichte denkers vonden dat vrouwen, armen en slaven geen stemrecht moesten
hebben, omdat ze minder belangrijk zouden zijn voor de samenleving.
Voorbeelden van verlichte denkers:
- Jean-Jacques Rousseau, een heel radicaal ingestelde Zwitsers-Franse denker. Hij wilde
een democratie.
- Charles de Montesquieu, Een verlichte denker die nadacht over het voorkomen van
machtsmisbruik door het bestuur. Hij was de gene die de scheiding van machten
voorstelde.
De politieke ideeën van de verlichte denkers kregen veel aanhang in Frankrijk en in de (13) Britse
koloniën in Noord-Amerika. De absolute vorsten in Europa waren niet blij met de verlichte ideeën,
ze verboden boeken met kritiek op het bestuur of de kerk. Vooral in Frankrijk was deze censuur
streng. Toch lukte het hen niet om het te stoppen, In koffiehuizen en huiskamers van rijke mensen
('salons') kwamen burgers en geleerden bijeen om te discussiëren. In tijdschriften en kranten
verschenen kritische artikelen.
De politieke ideeën:
De gematigden:
- Wilden het volk meer invloed geven.
- Leiding door: Maximilien de Robespierre.
- Omdat de gematigden erg wantrouwig waren ontstond de tereur, Iedereen die niet
meewerkte, werd onder een valbijl ('guillotine') onthoofd. In totaal werden tijdens de
Terreur minstens 40.000 Fransen ter dood gebracht.