Hoofdstuk 5: Kwaliteitssystemen
1.1 Certificatie
Certificatie = het afgeven van een kwaliteitsverklaring die inhoudt dat het gebodene (een
product, een dienst, een proces of een systeem) aan bepaalde, vooraf gestelde eisen voldoet.
Het belangrijkste verschil tussen een certificaat en een diploma is het feit dat een diploma geldig is
voor het leven en een certificaat telkens opnieuw verdiend moet worden.
Een kwaliteitssysteem kan heel goed worden opgezet, ingevoerd en gebruikt zonder dat het ooit is
gecertificeerd. Omgekeerd wil het nog niet zeggen dat een gecertificeerd bedrijf aan kwaliteitszorg
doet. Sterker nog, een niet-gecertificeerde ondernemer zou goed in staat kunnen zijn kwaliteit te
leveren; een gecertificeerde ondernemer zou zelfs slechte kwaliteit kunnen produceren. – Niet het
certificaat bepaalt of we te maken hebben met een kwaliteitsorganisatie, maar de afnemer die op
grond van tevredenheid besluit te kopen bij die onderneming waarvan hij de meeste
(product)kwaliteit verwacht.
In het verleden veroorzaakten de verschillen in kwaliteitsverklaringen onduidelijkheden,
misverstanden en onjuiste conclusies ten aanzien van: inspraak, onafhankelijkheid, objectiviteit,
deskundigheid, betrouwbaarheid, aansprakelijkheid en efficiency.
Instellingen die kwaliteitsverklaringen afgeven, moeten nu zelf eerst aan certificatie, aan een keuring,
worden onderworpen. In 1981 werd de Raad voor Accreditatie opgericht als een overkoepelend
orgaan dat:
Criteria voor de certificatie-instellingen vaststelt en zo nodig aanpast aan de nieuwe
ontwikkelingen.
Toeziet en controleert of de certificatie-instellingen voldoen aan en functioneren volgens
vastgestelde criteria.
Een platform vormt voor overleg en samenwerking tussen alle belanghebbende groepen.
Certificatie-instelling = onafhankelijke en onpartijdige instantie die een verklaring kan afgeven
dat er een gerechtvaardigd vertrouwen bestaat dat de producten die gedurende de looptijd van
het certificaat worden geleverd bij de levering aan de gestelde eisen voldoen, en het proces of
kwaliteitssysteem gedurende de looptijd van het certificaat aan de gestelde eisen blijft voldoen.
-Iedereen mag certificeren, maar alleen door de Raad van Accreditatie erkende instanties voldoen
aan vastgestelde criteria. –
De voordelen van certificatie:
Certificatie biedt afnemers een redelijke zekerheid dat zij kwaliteit krijgen geleverd.
Certificatie is een middel om de steeds groter wordende afstand tussen afnemer en
toeleverancier te overbruggen.
Certificatie voorkomt dat afnemers zelf moeten controleren bij hun toeleverancier(s).
Certificatie kan de rechtspositie van toeleveranciers en/of afnemers versterken in gevallen van
aansprakelijkheid.
Certificatie geeft een bedrijf betere kansen op de open Europese markt.
Certificatie kan een doorslaggevend verkoopargument zijn en is vaak ook een beslissende factor om
klandizie aan de ene (gecertificeerde) onderneming te gunnen en niet aan de andere (niet-
gecertificeerde) onderneming.
1.1 Certificatie
Certificatie = het afgeven van een kwaliteitsverklaring die inhoudt dat het gebodene (een
product, een dienst, een proces of een systeem) aan bepaalde, vooraf gestelde eisen voldoet.
Het belangrijkste verschil tussen een certificaat en een diploma is het feit dat een diploma geldig is
voor het leven en een certificaat telkens opnieuw verdiend moet worden.
Een kwaliteitssysteem kan heel goed worden opgezet, ingevoerd en gebruikt zonder dat het ooit is
gecertificeerd. Omgekeerd wil het nog niet zeggen dat een gecertificeerd bedrijf aan kwaliteitszorg
doet. Sterker nog, een niet-gecertificeerde ondernemer zou goed in staat kunnen zijn kwaliteit te
leveren; een gecertificeerde ondernemer zou zelfs slechte kwaliteit kunnen produceren. – Niet het
certificaat bepaalt of we te maken hebben met een kwaliteitsorganisatie, maar de afnemer die op
grond van tevredenheid besluit te kopen bij die onderneming waarvan hij de meeste
(product)kwaliteit verwacht.
In het verleden veroorzaakten de verschillen in kwaliteitsverklaringen onduidelijkheden,
misverstanden en onjuiste conclusies ten aanzien van: inspraak, onafhankelijkheid, objectiviteit,
deskundigheid, betrouwbaarheid, aansprakelijkheid en efficiency.
Instellingen die kwaliteitsverklaringen afgeven, moeten nu zelf eerst aan certificatie, aan een keuring,
worden onderworpen. In 1981 werd de Raad voor Accreditatie opgericht als een overkoepelend
orgaan dat:
Criteria voor de certificatie-instellingen vaststelt en zo nodig aanpast aan de nieuwe
ontwikkelingen.
Toeziet en controleert of de certificatie-instellingen voldoen aan en functioneren volgens
vastgestelde criteria.
Een platform vormt voor overleg en samenwerking tussen alle belanghebbende groepen.
Certificatie-instelling = onafhankelijke en onpartijdige instantie die een verklaring kan afgeven
dat er een gerechtvaardigd vertrouwen bestaat dat de producten die gedurende de looptijd van
het certificaat worden geleverd bij de levering aan de gestelde eisen voldoen, en het proces of
kwaliteitssysteem gedurende de looptijd van het certificaat aan de gestelde eisen blijft voldoen.
-Iedereen mag certificeren, maar alleen door de Raad van Accreditatie erkende instanties voldoen
aan vastgestelde criteria. –
De voordelen van certificatie:
Certificatie biedt afnemers een redelijke zekerheid dat zij kwaliteit krijgen geleverd.
Certificatie is een middel om de steeds groter wordende afstand tussen afnemer en
toeleverancier te overbruggen.
Certificatie voorkomt dat afnemers zelf moeten controleren bij hun toeleverancier(s).
Certificatie kan de rechtspositie van toeleveranciers en/of afnemers versterken in gevallen van
aansprakelijkheid.
Certificatie geeft een bedrijf betere kansen op de open Europese markt.
Certificatie kan een doorslaggevend verkoopargument zijn en is vaak ook een beslissende factor om
klandizie aan de ene (gecertificeerde) onderneming te gunnen en niet aan de andere (niet-
gecertificeerde) onderneming.