Hoofdstuk 4 Procenten en statistiek
Voorkennis:
4.1A Procentuele verandering
4.1B Vermenigvuldigingsfactor:
Een prijs wordt met 16% verhoogd. Er komt 16% bij.
De nieuwe prijs van het product is van 100% + 16% = 116%
Oude prijs x 1,16 = nieuwe prijs 1,16 noemen we de vermenigvuldigingsfactor
12% eraf geeft 100% - 12% = 88 %, dus x 0,88 (vermenigvuldigingsfactor)
nieuw = vermenigvuldigingsfactor x oud
, 4.1C Procent op procent:
Voorbeeld:
Let op:
Rond percentages af op een decimaal.
Geef nieuw en oud in dezelfde nauwkeurigheid (eenheid)
Voor de vermenigvuldigingsfactor van een totale toe- of afname vermenigvuldig
je alle aparte vermenigvuldigingsfactoren met elkaar
Bij een vermenigvuldigingsfactor van 1,1 hoort een toename van 10%
Bij een vermenigvuldigingsfactor van 0,9 hoort een afname van 10%
4.2.Rekenen met procenten
4.2A Rekenen met grote getallen
Als getallen erg groot worden, wordt er soms over gegaan op de wetenschappelijke
notatie. Bij het uitrekenen is het, het makkelijkste om alles om te zetten in dezelfde
grootheden.
De volgende grootheden worden vaak gebruikt:
1 duizend = 103 = 1.000
1 miljoen = 106 = 1.000.000
1 miljard = 109 = 1.000.000.000
1 biljoen = 1012 = 1.000.000.000.000
1 biljard = 1015 = 1.000.000.000.000.000
1 triljoen = 1018 = 1.000.000.000.000.000.000
Voorkennis:
4.1A Procentuele verandering
4.1B Vermenigvuldigingsfactor:
Een prijs wordt met 16% verhoogd. Er komt 16% bij.
De nieuwe prijs van het product is van 100% + 16% = 116%
Oude prijs x 1,16 = nieuwe prijs 1,16 noemen we de vermenigvuldigingsfactor
12% eraf geeft 100% - 12% = 88 %, dus x 0,88 (vermenigvuldigingsfactor)
nieuw = vermenigvuldigingsfactor x oud
, 4.1C Procent op procent:
Voorbeeld:
Let op:
Rond percentages af op een decimaal.
Geef nieuw en oud in dezelfde nauwkeurigheid (eenheid)
Voor de vermenigvuldigingsfactor van een totale toe- of afname vermenigvuldig
je alle aparte vermenigvuldigingsfactoren met elkaar
Bij een vermenigvuldigingsfactor van 1,1 hoort een toename van 10%
Bij een vermenigvuldigingsfactor van 0,9 hoort een afname van 10%
4.2.Rekenen met procenten
4.2A Rekenen met grote getallen
Als getallen erg groot worden, wordt er soms over gegaan op de wetenschappelijke
notatie. Bij het uitrekenen is het, het makkelijkste om alles om te zetten in dezelfde
grootheden.
De volgende grootheden worden vaak gebruikt:
1 duizend = 103 = 1.000
1 miljoen = 106 = 1.000.000
1 miljard = 109 = 1.000.000.000
1 biljoen = 1012 = 1.000.000.000.000
1 biljard = 1015 = 1.000.000.000.000.000
1 triljoen = 1018 = 1.000.000.000.000.000.000