Oefenvragen leerstof dementie toets 1
, Inhoudsopgave
Inhoudsopgave 2
Oefenvragen Dementie (Bron: Leerboek Neurologie H26) 3
1. Algemene Kennis over Dementie 3
2. Ziekte van Alzheimer 4
3. Vasculaire Dementie 5
4. Frontotemporale Dementie (FTD) 6
5. Dementie met Lewy-lichaampjes (DLB) 7
6. Diagnostiek en Behandeling 8
Antwoorden Dementie 9
Oefenvragen Hogere Cerebrale Functies (Bron: Leerboek Neurologie H18) 10
1. Algemeen over Hogere Cerebrale Functies 10
2. Aandacht en Concentratie 11
3. Geheugen 12
4. Taal 13
5. Uitvoerende Functies 14
6. Waarneming en Ruimtelijke Oriëntatie 15
Antwoorden hogere cerebrale functies 16
Oefenvragen Gedrags- en Psychologische Symptomen bij Dementie (Bron: BPSD) 17
1. Algemeen over BPSD 17
2. Gedragsstoornissen 18
3. Psychologische Symptomen 19
4. Stoornissen in Ritme en Gedrag 20
5. Diagnostiek en Behandeling 21
Antwoorden Gedrags- en Psychologische Symptomen bij Dementie 23
, Oefenvragen Dementie (Bron: Leerboek Neurologie H26)
1. Algemene Kennis over Dementie
1. Wat is een kenmerkend verschil tussen dementie en een delier?
a. Verminderd bewustzijn bij dementie
b. Normaal bewustzijn bij dementie
c. Snelle progressie bij dementie
d. Geen geheugenstoornissen bij een delier
2. Welke leeftijdsgroep heeft het hoogste risico op dementie?
a. Onder de 50 jaar
b. 50-70 jaar
c. 70+ jaar
d. Leeftijd speelt geen rol
3. Wat is de meest voorkomende vorm van dementie?
a. Vasculaire dementie
b. Ziekte van Alzheimer
c. Frontotemporale dementie
d. Dementie met Lewy-lichaampjes
4. Welke neurodegeneratieve aandoening kan erfelijk zijn?
a. Vasculaire dementie
b. Ziekte van Alzheimer
c. Subduraal hematoom
d. Creutzfeldt-Jakob ziekte
5. Wat moet worden uitgesloten voordat de diagnose dementie wordt gesteld?
a. Reversibele oorzaken zoals infecties
b. Cognitieve stoornissen
c. Gedragsproblemen
d. Atrofie op beeldvorming