Les 1, hoofdstuk 1 en 2
Leertheorie: een systeem van denkbeelden (manier van denken) over leren op
grond waarvan (waardoor) leerprocessen worden begrepen, verklaard en voorspeld.
Zij vinden hun oorsprong in wetenschappelijk onderzoek: de leerpsychologie.
Ze geven antwoord op de vraag: hoe kan ik kinderen op zo’n manier begeleiden dat
ze steeds meer in staat zijn zelfstandig en zelfverantwoordelijk te leren.
Er zijn verschillende antwoorden op, omdat er verschillende opvattingen zijn over:
- Wat leren is
- Hoe kinderen leren
- Wat het aandeel van opvoeders/onderwijzers hierin is
Wat is leren?
leerconceptie
formeel fysiologisch
non-formeel manieren om leren rijping
te leren neurologisch
informeel gevoelige
verandering periode
ontwikkeling
Leerconceptie: opvattingen over leren. Wat is leren nou precies. Van hieruit gaat de
lerende het leren interpreteren.
uit te voeren Bijv. een keersom.
leertaak
leerconceptie Ik kan het wel/niet. Opvatting over rekenen.
interpretatie
v/d leertaak Wat moet ik nu eigenlijk doen?
keuze v/d
leeractiviteit Hoe ga ik handelen? Wat heb ik nodig?
leerresultaat
Gelukt/mislukt.
, Manieren/plekken om te leren:
- Formeel: op school, bewust, doelmatig
- Informeel: in privé, van kind tot volwassen. Op een speelse manier. Je breekt
bijv. je pols en beseft dat het dom is niet weer doen.
- Non-formeel: buiten school, maar doelbewust en georganiseerd. Bijv. museum
of sporttraining.
Rijping: er klaar voor zijn. Dit kan op:
- Fysiologisch gebied: lichamelijk, bijv. bij het leren fietsen. Je lichaam moet
voldoende gegroeid zijn.
- Neurologisch gebied: zit in de hersenen. Je moet er klaar voor zijn iets te
begrijpen.
- Gevoelige periode: periode waarin je heel makkelijk wat leert, zoals een
vreemde taal in de kleuterperiode.
Als je leert is er een gedragsverandering die langdurig en zichtbaar is. Als je leert, is
er sprake van ontwikkeling. Je ontwikkeld iets.
psycho-
cognitief sociaal- affectief Leersoorten:
motorisch
- Cognitief:
rijtjes
stampen,
leersoorten situationeel
leren voor
een toets.
procedureel
- Sociaal-
leren Kennis affectief:
inleven in
declaratief een ander,
sociale
leerstijl
Vermunt Kolb
vaardigheden leren.
- Psychomotorisch: motorische vaardigheden leren die uiteindelijk automatisch
gaan, zoals bijv. lopen.
Kennis:
- Declaratief: uit te drukken in feitjes, zoals de theorie van je rijbewijs.
- Procedureel: kennis over vaardigheden, zoals weten wat je moet doen in de
auto.
- Situationeel: bovenstaande kennis samen in echte situaties, bijv. examen.