1. DIABETES MELLITUS TYPE 1
• Kan gegevens van de cliënt methodisch registreren.
• Kent de methodiek van het ICF en gebruikt deze bij het formuleren van de diëtistische diagnose en de
behandeldoelen.
• Kent de NDF voedingsrichtlijn diabetes 2015 en kan deze toepassen op alle fases van het diëtistisch
consult bij een patiënt met diabetes mellitus type 1
1.1 METHODIEK BEHANDELAAR
ICF
Pijlen van oorzaak naar gevolg
DIËTISTISCHE DIAGNOSE
Kenmerken diagnose:
• Verbinding tussen onderzoek en behandeling
• Relatie tussen probleem, oorzaak en gevolg
o Relatie klachten en conclusies
o Relatie medicatie en klachten
• Motivatie en hulpvraag
• Het oordeel van de diëtist
• Conclusies en interpretaties (met voedingsnormen en beweegrichtlijnen)
• Géén samenvatting
• Zo kort mogelijk
1
,J2P3 Dieetleer
Controle Diëtistische Ja/nee
Diagnose
1 Conclusies Zijn er conclusies geformuleerd, bijvoorbeeld
voedingstoestand, beweging, voedingsanamnese en inname
van voedingsstoffen/voedingspatroon?
2 Relaties Is de relatie duidelijk tussen conclusie en gegevens (zoals
criteria voor ondervoeding, of normaalwaarden
laboratoriumgegevens, of conclusie voedingsanamnese en
inname van voedingsstoffen/voedingspatroon)
Is het duidelijk op basis waarvan de conclusie getrokken is
(bijvoorbeeld een referentie of richtlijn)
Is er een relatie tussen klachten en de conclusie
Is er een relatie genoemd tussen medicatie en klachten
3 ICF Zijn de relevante gegevens uit ingevulde ICF-formulier
genoemd?
Is het ICF-formulier volledig ingevuld?
4 Motivatie Is de motivatie genoemd?
5 Hulpvraag Is de hulpvraag genoemd?
BEHANDELDOELEN
Hoofddoel:
• Wat kan de cliënt bereiken tijdens de totale behandeling?
• Multidisciplinair of monodisciplinair
• Is vaak niet zo specifiek genoemd, niet SMART
4 typen subdoelen:
1. Diëtistisch subdoel om het aandeel diëtetiek in het multidisciplinaire hoofddoel te beschrijven;
2. SMART doel als invulling bij het globalere hoofddoel (hoofddoel meer SMART maken);
3. Tussentijds doel om het hoofddoel te faseren, bijvoorbeeld bij een groot hoofddoel tussenstapjes;
4. Randvoorwaardelijk doel iets wat je nodig hebt om het hoofddoel of subdoel te behalen.
2
, J2P3 Dieetleer
Voorbeeld:
UITVOERINGSAFSPRAKEN, VERRICHTINGEN, HULPMIDDELEN
Uitvoeringsafspraken zijn vaak de praktische toepassingen
van het dieet: welke veranderingen in de voeding kan de
cliënt aanbrengen om het doel te bereiken? Verrichtingen
zijn de handelingen die de diëtist daarbij uitvoert:
informeren, instrueren (etiketlezen), coachen. Daarbij zet
de diëtist vaak hulpmiddelen in zoals
voorlichtingsmateriaal en motiverende gespreksvoering.
Voorbeeld: uitvoeringsafspraak = dhr. gebruikt maximaal 2
sneden brood met hartig beleg, verrichting = instructie
geven over het lezen van etiketten op natriumgehalte,
hulpmiddel = app met natriumgehaltes.
EVALUEREN BEHANDELDOELEN
Belangrijk om de effectiviteit aan te tonen en de motivatie
te verhogen. Evalueer je doel met een passend
meetinstrument. Als je doel over natriuminname gaat, dan
zou het meetinstrument de voedingsanamnese kunnen
zijn. Sluit daarna af, of pas je doel aan/stel een nieuw doel
op.
1.2 RICHTLIJNEN DIABETES
Zie Samenvatting richtlijnen diabetes type 1 (NDF en dieetbehandelingsrichtlijn 5)
3