Agogiek KAHOOT vragen
1. Thales van Milete bracht een nieuwe kijk:
- Een opvatting moet door argumenten, niet door goden, gestaafd worden
2. Dualisme ontstond in de Griekse filosofie. Wat wordt er mee bedoeld?
- Een mens heeft een lichaam en een ziel
3. Kant combineerde verschillende tegenstellingen in zijn filosofie. Inductie en deductie
bijvoorbeeld. Inductie is:
- Vanuit waarneming trek je conclusies
4. De Franse revolutie verandert de opvatting over ‘’geestelijk gestoorden’’. Wat
betekende dit?
- Er ontstaan voor het eerst een soort behandelklinieken.
5. Kant schreef ‘’Berlinische Monatschirft’’ (1748) verlichting is:
- De emancipatie van de mens uit zijn verwijtbare onmondigheid
6. Welke denker denkt niet dualistische en dialectisch?
- Thomas More met zijn utopia
7. Ko Kok moet er op een bepaalde manier naar gedragsproblemen worden gekeken:
- Opvoeden gaat over het beantwoorden van een vraagstelling van een kind
8. Kok ‘’ een therapeutisch milieu is
- Het dagelijks milieu of een aangepast behandelmilieu
9. Enkele uitgangspunten van de Jeugdwet zijn
- De- medicaliseren, ontzorgen en normaliseren.
10. Onder welk orgaan valt de Jeugd GGZ
- Gemeente
11. Een belangrijk uitgangspunt van het sociaal technologisch model is
- Meten is weten
12. Aantrekkelijk aan het sociaal technologisch model is (volgens Donkers);
- De nadruk op direct realiseerbare doelen
13. Een kenmerkende methode voor het sociaal technologische model is volgens
Donkers:
- De taakgerichte hulpverlening met een doelmatige aanpak
1. Thales van Milete bracht een nieuwe kijk:
- Een opvatting moet door argumenten, niet door goden, gestaafd worden
2. Dualisme ontstond in de Griekse filosofie. Wat wordt er mee bedoeld?
- Een mens heeft een lichaam en een ziel
3. Kant combineerde verschillende tegenstellingen in zijn filosofie. Inductie en deductie
bijvoorbeeld. Inductie is:
- Vanuit waarneming trek je conclusies
4. De Franse revolutie verandert de opvatting over ‘’geestelijk gestoorden’’. Wat
betekende dit?
- Er ontstaan voor het eerst een soort behandelklinieken.
5. Kant schreef ‘’Berlinische Monatschirft’’ (1748) verlichting is:
- De emancipatie van de mens uit zijn verwijtbare onmondigheid
6. Welke denker denkt niet dualistische en dialectisch?
- Thomas More met zijn utopia
7. Ko Kok moet er op een bepaalde manier naar gedragsproblemen worden gekeken:
- Opvoeden gaat over het beantwoorden van een vraagstelling van een kind
8. Kok ‘’ een therapeutisch milieu is
- Het dagelijks milieu of een aangepast behandelmilieu
9. Enkele uitgangspunten van de Jeugdwet zijn
- De- medicaliseren, ontzorgen en normaliseren.
10. Onder welk orgaan valt de Jeugd GGZ
- Gemeente
11. Een belangrijk uitgangspunt van het sociaal technologisch model is
- Meten is weten
12. Aantrekkelijk aan het sociaal technologisch model is (volgens Donkers);
- De nadruk op direct realiseerbare doelen
13. Een kenmerkende methode voor het sociaal technologische model is volgens
Donkers:
- De taakgerichte hulpverlening met een doelmatige aanpak