worden op de laatste pagina van deze samenva ng uitgelegd!
§3.1 Wereld: Klimaten wereldwijd
Het klimaat op aarde verschilt enorm van plaats tot plaats, en dit hee alles te
maken met de geografische breedte, o ewel hoe dicht je bij de evenaar of bij
de polen bent. De evenaar is een denkbeeldige lijn die de aarde in twee gelijke
delen verdeelt. Hoe dichter je bij de evenaar komt, hoe warmer het klimaat
meestal is. Bij de polen is het veel kouder. Er zijn verschillende soorten klimaten
die over de aarde verspreid zijn, zoals het tropisch regenwoudklimaat en het
savanneklimaat die vooral dicht bij de evenaar te vinden zijn. Deze klimaten
zijn warm en voch g, met veel neerslag en een weelderige vegeta e.
Verder van de evenaar vind je droger klimaten, zoals het steppeklimaat en
woes jnklimaat. In deze gebieden is er minder neerslag en zijn de
temperaturen vaak extreem hoog in de zomer, maar veel kouder in de winter.
Nog verder naar het noorden en zuiden, bij hogere breedtes, vind je
landklimaten, toendraklimaten en poolklimaten. Deze klimaten zijn vaak
kouder en kennen grote temperatuurverschillen tussen de zomer en winter.
Nederland hee een gema gd zeeklimaat. Dit komt door de invloed van de
zee, die het klimaat in Nederland verzacht. De zee zorgt ervoor dat de winters
niet te koud zijn en de zomers niet te heet. Dit komt door de warmte die de zee
vasthoudt en langzaam afgee .
Leerdoelen:
Je weet welke klimaten op aarde voorkomen, zoals het tropisch
regenwoudklimaat, savanneklimaat, steppeklimaat, woes jnklimaat,
landklimaat, toendraklimaat, poolklimaat en gema gd zeeklimaat.
Je begrijpt hoe de breedteligging van invloed is op het klimaat: hoe
dichter bij de evenaar, hoe warmer; hoe dichter bij de polen, hoe kouder.
Je kunt uitleggen waarom de begroeiing tussen de verschillende klimaten
verschilt: Tropische klimaten, zoals het regenwoud, hebben veel
vegeta e, terwijl droge klimaten zoals de woes jn en steppe veel minder
begroeiing hebben.