3.1 Vermeerdering van cellen
Klievingsdelingen = nieuwe cellen blijven delen zonder plasmagroei. Ze groeien niet, maar worden
per deling kleiner. Dat gaat door, tot de eicel is uit cellen met de afmeting van een lichaamscel
bestaat. Dit is het morulastadium: een bolletje cellen dat lijkt op een braam.
Vanaf het morulastadium gaan de cellen groeien. Sommige cellen blijven delen, sommigen niet
(spiercellen en zenuwcellen). Andere krijgen hun delingsvermogen terug of delen naast hun functie.
Spiercellen groeien wel aan elkaar. Cellen die delen liggen vaak in deelweefsels:
• het rode beenmerg
• de kiemlaag in je huid
• de groeizones in je botten
• de kiemlaag in de darmwand
• oöcyten en spermatocyten in de geslachtsorganen
Celdelingen zijn voor groei en vervanging. Bij bacteriën en eencelligen zorgt celdeling voor
vermeerdering van de soort. Bij planten heten deelweefsels meristemen. Bomen en struiken heet
het meristeem voor diktegroei: het cambium, dat tussen het hout en de bast ligt.
Klievingsdelingen = nieuwe cellen blijven delen zonder plasmagroei. Ze groeien niet, maar worden
per deling kleiner. Dat gaat door, tot de eicel is uit cellen met de afmeting van een lichaamscel
bestaat. Dit is het morulastadium: een bolletje cellen dat lijkt op een braam.
Vanaf het morulastadium gaan de cellen groeien. Sommige cellen blijven delen, sommigen niet
(spiercellen en zenuwcellen). Andere krijgen hun delingsvermogen terug of delen naast hun functie.
Spiercellen groeien wel aan elkaar. Cellen die delen liggen vaak in deelweefsels:
• het rode beenmerg
• de kiemlaag in je huid
• de groeizones in je botten
• de kiemlaag in de darmwand
• oöcyten en spermatocyten in de geslachtsorganen
Celdelingen zijn voor groei en vervanging. Bij bacteriën en eencelligen zorgt celdeling voor
vermeerdering van de soort. Bij planten heten deelweefsels meristemen. Bomen en struiken heet
het meristeem voor diktegroei: het cambium, dat tussen het hout en de bast ligt.