‘Planten en geneesmiddelen’
Deze oefentoets bestaat uit 36 meerkeuzevragen.
Voor elke vraag zijn er 2 punten te verdienen
Er zijn 44,5 punten nodig om de oefentoets te halen
N.B. de antwoorden op de vragen zijn op de laatste pagina’s te vinden
,Vraag 1 Rutine (2 pt)
De stof Rutine (hiernaast weergegeven) is een stof
die voorkomt in onder andere appels, uien en
asperges. Eén van de functies van rutine is het
verminderen van bloedklontering. Rutine is een stof
die ontstaat door een disacharide te binden aan
een hydroxylgroep van quercetine (een andere bio-
actieve stof).
Tot welke structuurklasse behoort rutine?
A. Chalconen
B. Isoflavonoïden
C. Coumarinen
D. Flavonoïden
Vraag 2 Extractie van rutine (2 pt)
Eén van de manieren die kan worden gebruikt om rutine uit plantenmateriaal te halen
is de Soxhlet-extractiemethode.
Welk(e) oplosmiddel(en) kan/kunnen (gezien de structuur van rutine) het best worden
gebruikt om rutine uit plantenmateriaal te extraheren? Let op: meerdere antwoorden
kunnen mogelijk zijn!
A. Methanol
B. Octaan
C. Hexaan
D. Ethanol
Vraag 3 Behandelingen met planten (2 pt)
Hieronder zijn drie verschillende planten weergegeven:
I: Steranijs (Illicium verum)
II: Wilgenbast (Salix alba)
III: Bolpapaver (papaver somniferum)
Voor welke aandoeningen kunnen de bovenstaande planten worden toegepast?
A. I = koorts, II = kanker, III = slapeloosheid
B. I = koorts, II = slapeloosheid, III = kanker
C. I = kanker, II = koorts, III = slapeloosheid
D. I = kanker, II = slapeloosheid, III = koorts
E. I = slapeloosheid, II = kanker, III = koorts
F. I = slapeloosheid, II = koorts, III = kanker
, Vraag 4 Registratienummers (2 pt)
Op het CBG staan verschillende middelen. Twee van deze middelen hebben de
registratienummers RVG 116930 en RVH 91866.
Waarvoor staan de afkortingen RVG en RVH?
A. RVH = Register voor homeopathische producten
RVG = Register voor geneesmiddelen
B. RVH = Register voor homeopathische producten
RVG = Register voor geëxtraheerde plantengeneesmiddelen
C. RVH = Register voor homogene plantengeneesmiddelen
RVG = Register voor geneesmiddelen
D. RVH = Register voor homeopathische plantengeneesmiddelen
RVG = Register voor geëxtraheerde plantengeneesmiddelen
Vraag 5 Identificatie van kruiden (2 pt)
Voor het vaststellen van de identiteit van kruiden kunnen verschillende
analysetechnieken worden gebruikt.
Welk(e) van de onderstaande analysetechnieken kan/kunnen worden gebruikt voor
het vaststellen van de kruidenidentiteit? Er kunnen meerdere antwoorden goed zijn.
A. Chemische reacties
B. UV-spectrofotometrie
C. DLC (dunnelaagchromatografie)
D. Microscopie
Vraag 6 Salicylzuur (2 pt)
De moerasspirea (Filipendula ulmaria) is een vaste plant uit de rozenfamilie
(Rosaceae). Deze plant bevat verschillende bio-actieve stoffen, zoals salicylzuur.
Deze stof kan worden bereid uit een andere stof, genaamd fenol.
Voor welke aandoening(en) kan salicylzuur worden gebruikt?
A. Pijnklachten
B. Slapeloosheid
C. Acne
D. Depressie