Jurisprudentieoverzicht Strafprocesrecht Dwangmiddelen
Zwart zakje - vragen staat Het ontbreken van een sterk vermoeden van schuld betekent niet
vrij, inbreuk op grondrechten. dat de agenten de verdachte niet om toestemming hadden mogen
vragen om de auto van de verdachte te doorzoeken. Het gebruik
van dwangmiddelen is wel een inbreuk op de grondrechten die een
wettelijke legitimatie behoeft, maar aan die wettelijk vereisten
hoeft niet te zijn voldaan in geval van toestemming van degene aan
wie het betreffende grondrecht toekomt.
Ruisstrategie - inzet De politie had twee medeverdachten van een woningoverval met
opsporingsmiddelen, beperkte geweld beiden op de mouw gespeld dat naast de daadwerkelijke
inbreuk, artikel 8 EVRM, weggenomen buit, ook een enveloppe met €1200 was gestolen.
recht op privacy. Daarna werden zij in vrijheid gesteld en kregen zij een taxi naar
huis, niet wetende dat zij werden vervoerd door een
opsporingsambtenaar die hun gesprek heeft opgenomen. Het
gesprek vormde bewijs dat zij de overval hadden gepleegd. De
raadsman betoogde dat dit in strijd was met de beginselen van de
behoorlijke procesorde. Het OM vond echter dat deze bevoegdheid
kon worden ontleend aan artikel 3 Politiewet, er was geen
machtiging vereist en de inzet was proportioneel en subsidiair. Bij
de beoordeling werd door de rechter gekeken naar de ernst van het
feit, de beperkte mate van misleiding, de uitgebreide
verslaglegging, de controlemogelijkheden en het ontbreken van
andere succesvolle opsporingsmethoden. Uiteindelijk werd de inzet
toelaatbaar geacht, omdat de inbreuk beperkt was en de inzet niet
zeer risicovol was voor de integriteit en beheersbaarheid van de
opsporing, waardoor doelbewust of met grove veronachtzaming
van de belangen van de verdachte aan diens recht op een eerlijk
proces te kort is gedaan.
M.M. tegen Nederland - De advocaat van de verdachte zou het huis van de vrouw van zijn
recht op privacy/beslisschema cliënt hebben opgezocht en haar seksueel hebben lastiggevallen.
artikel 8 EVRM, inbreuk De vrouw deed geen aangifte, omdat zij dacht dat niemand haar
begaan door overheid. zou geloven. Uiteindelijk nam zij toch contact op met de politie en
deze stelde voor telefoongesprekken op te nemen. De vrouw heeft
dat gedaan met software die de politie voor haar op haar
smartphone heeft geïnstalleerd. Daarbij gaf de politie haar
bedieningsinstructies. Uiteindelijk is de advocaat veroordeeld,
maar zonder dat de rechter gebruik heeft gemaakt van de opnamen.
Toch is over het opnemen geklaagd, omdat dit een inbreuk op de
privacy zou zijn.
• Hoge Raad: geen inbreuk die was begaan door een
overheidsorgaan en dus kan het niet worden aangerekend.
De vrouw heeft immers zelf gehandeld en de politie was
slechts behulpzaam geweest.
• EHRM: politie heeft belangrijke bijdrage geleverd bij de
uitvoering van het plan.
, K.U. tegen Finland - recht Artikel 8 EVRM brengt voornamelijk positieve verplichtingen mee
op privacy, artikel 8 EVRM. voor de overheid, maar kan ook positieve verplichtingen met zich
meebrengen. Het recht op privacy eist soms dat er
opsporingsbevoegdheden worden gecreëerd.
Warmtebeeldkijker - recht In het recht is geen steun te vinden voor de stelling dat het
op privacy, artikel 8 EVRM. opsporingsambtenaren niet is toegestaan met betrekking van een
wartmebeeldkijker een onderzoek in te stellen naar de
aanwezigheid van een ongewone warmtebron (hennepkwekerijen)
zolang er geen inbreuk wordt gemaakt op de persoonlijke
levenssfeer van de verdachte. Dat is niet het geval indien er geen
sprake is van stelselmatige observatie, die tot resultaat kan hebben
dat een min of meer volledig beeld wordt verkregen van bepaalde
aspecten van het leven van de verdachte. Wanneer het bijvoorbeeld
gaat om een opsporingsmiddel dat eenmalig is ingezet en dit
middel slechts een algemene aanwijzing oplevert, is dit dus geen
inbreuk op het recht van de privacy.
IMSI-catcher - recht op Door opsporingsambtenaren kunnen IMSI-catchers worden ingezet
privacy, artikel 8 EVRM voor onder meer het achterhalen van een bepaald nummer van een
mobiele telefoon en voor het afbakenen van een geografisch gebied
waarbinnen deze telefoon zich bevindt. De inzet van de IMSI-
catcher is niet toegesneden op een specifieke wettelijke bepaling en
dus moet worden aangenomen dat artikel 3 Politiewet jo. 141 en
142 Sv voldoende grondslag bieden. Wel mag er slechts een
beperkte inbreuk worden gemaakt op de grondrechten van de
burgers die niet zeer risicovol is voor de integriteit en
beheersbaarheid van de opsporing. Er wordt onder andere gekeken
naar de duur en de intensiteit. In casu was er geen sprake van
privacy-schending.
Stille SMS - Het toezenden van de ‘stille SMS’ (niet leesbaar) is niet
opsporingsmethoden, recht toegesneden op een wettelijke bepaling en dus zijn artikel 3
op privacy, artikel 8 EVRM. Politiewet jo. 141 en 142 Sv voldoende. Wel mag er slechts een
beperkte inbreuk worden gemaakt op de grondrechten van de
burgers die niet zeer risicovol is voor de integriteit en
beheersbaarheid van de opsporing. Er wordt onder andere gekeken
naar de duur en de intensiteit. In casu werd geen schending van de
privacy aangenomen.
Peilbaken - Van de verdacht werd vermoed dat hij regelmatig woninginbraken
opsporingsmethoden, pleegde. Bij die inbraken zou hij telkens dezelfde auto gebruiken.
observatie, legaliteit, De officier van justitie gaf toestemming tot het plaatsen van een
grondslag. peilbaken op die auto (gedurende 3 weken). De positie van de auto
werd steeds doorgegeven, maar deze gegevens werden niet gelogd.
De auto werd steeds gevolgd buiten de woonplaats van de
verdachte die paste bij de modus operandi van de verdachte tot dan
toe.
• Hoge Raad: observatie zoals de onderhavig, waarvoor geen
machtiging is gegeven (artikel 126g Sv) kunnen jegens de
geobserveerde onrechtmatig zijn indien zij in verband met
Zwart zakje - vragen staat Het ontbreken van een sterk vermoeden van schuld betekent niet
vrij, inbreuk op grondrechten. dat de agenten de verdachte niet om toestemming hadden mogen
vragen om de auto van de verdachte te doorzoeken. Het gebruik
van dwangmiddelen is wel een inbreuk op de grondrechten die een
wettelijke legitimatie behoeft, maar aan die wettelijk vereisten
hoeft niet te zijn voldaan in geval van toestemming van degene aan
wie het betreffende grondrecht toekomt.
Ruisstrategie - inzet De politie had twee medeverdachten van een woningoverval met
opsporingsmiddelen, beperkte geweld beiden op de mouw gespeld dat naast de daadwerkelijke
inbreuk, artikel 8 EVRM, weggenomen buit, ook een enveloppe met €1200 was gestolen.
recht op privacy. Daarna werden zij in vrijheid gesteld en kregen zij een taxi naar
huis, niet wetende dat zij werden vervoerd door een
opsporingsambtenaar die hun gesprek heeft opgenomen. Het
gesprek vormde bewijs dat zij de overval hadden gepleegd. De
raadsman betoogde dat dit in strijd was met de beginselen van de
behoorlijke procesorde. Het OM vond echter dat deze bevoegdheid
kon worden ontleend aan artikel 3 Politiewet, er was geen
machtiging vereist en de inzet was proportioneel en subsidiair. Bij
de beoordeling werd door de rechter gekeken naar de ernst van het
feit, de beperkte mate van misleiding, de uitgebreide
verslaglegging, de controlemogelijkheden en het ontbreken van
andere succesvolle opsporingsmethoden. Uiteindelijk werd de inzet
toelaatbaar geacht, omdat de inbreuk beperkt was en de inzet niet
zeer risicovol was voor de integriteit en beheersbaarheid van de
opsporing, waardoor doelbewust of met grove veronachtzaming
van de belangen van de verdachte aan diens recht op een eerlijk
proces te kort is gedaan.
M.M. tegen Nederland - De advocaat van de verdachte zou het huis van de vrouw van zijn
recht op privacy/beslisschema cliënt hebben opgezocht en haar seksueel hebben lastiggevallen.
artikel 8 EVRM, inbreuk De vrouw deed geen aangifte, omdat zij dacht dat niemand haar
begaan door overheid. zou geloven. Uiteindelijk nam zij toch contact op met de politie en
deze stelde voor telefoongesprekken op te nemen. De vrouw heeft
dat gedaan met software die de politie voor haar op haar
smartphone heeft geïnstalleerd. Daarbij gaf de politie haar
bedieningsinstructies. Uiteindelijk is de advocaat veroordeeld,
maar zonder dat de rechter gebruik heeft gemaakt van de opnamen.
Toch is over het opnemen geklaagd, omdat dit een inbreuk op de
privacy zou zijn.
• Hoge Raad: geen inbreuk die was begaan door een
overheidsorgaan en dus kan het niet worden aangerekend.
De vrouw heeft immers zelf gehandeld en de politie was
slechts behulpzaam geweest.
• EHRM: politie heeft belangrijke bijdrage geleverd bij de
uitvoering van het plan.
, K.U. tegen Finland - recht Artikel 8 EVRM brengt voornamelijk positieve verplichtingen mee
op privacy, artikel 8 EVRM. voor de overheid, maar kan ook positieve verplichtingen met zich
meebrengen. Het recht op privacy eist soms dat er
opsporingsbevoegdheden worden gecreëerd.
Warmtebeeldkijker - recht In het recht is geen steun te vinden voor de stelling dat het
op privacy, artikel 8 EVRM. opsporingsambtenaren niet is toegestaan met betrekking van een
wartmebeeldkijker een onderzoek in te stellen naar de
aanwezigheid van een ongewone warmtebron (hennepkwekerijen)
zolang er geen inbreuk wordt gemaakt op de persoonlijke
levenssfeer van de verdachte. Dat is niet het geval indien er geen
sprake is van stelselmatige observatie, die tot resultaat kan hebben
dat een min of meer volledig beeld wordt verkregen van bepaalde
aspecten van het leven van de verdachte. Wanneer het bijvoorbeeld
gaat om een opsporingsmiddel dat eenmalig is ingezet en dit
middel slechts een algemene aanwijzing oplevert, is dit dus geen
inbreuk op het recht van de privacy.
IMSI-catcher - recht op Door opsporingsambtenaren kunnen IMSI-catchers worden ingezet
privacy, artikel 8 EVRM voor onder meer het achterhalen van een bepaald nummer van een
mobiele telefoon en voor het afbakenen van een geografisch gebied
waarbinnen deze telefoon zich bevindt. De inzet van de IMSI-
catcher is niet toegesneden op een specifieke wettelijke bepaling en
dus moet worden aangenomen dat artikel 3 Politiewet jo. 141 en
142 Sv voldoende grondslag bieden. Wel mag er slechts een
beperkte inbreuk worden gemaakt op de grondrechten van de
burgers die niet zeer risicovol is voor de integriteit en
beheersbaarheid van de opsporing. Er wordt onder andere gekeken
naar de duur en de intensiteit. In casu was er geen sprake van
privacy-schending.
Stille SMS - Het toezenden van de ‘stille SMS’ (niet leesbaar) is niet
opsporingsmethoden, recht toegesneden op een wettelijke bepaling en dus zijn artikel 3
op privacy, artikel 8 EVRM. Politiewet jo. 141 en 142 Sv voldoende. Wel mag er slechts een
beperkte inbreuk worden gemaakt op de grondrechten van de
burgers die niet zeer risicovol is voor de integriteit en
beheersbaarheid van de opsporing. Er wordt onder andere gekeken
naar de duur en de intensiteit. In casu werd geen schending van de
privacy aangenomen.
Peilbaken - Van de verdacht werd vermoed dat hij regelmatig woninginbraken
opsporingsmethoden, pleegde. Bij die inbraken zou hij telkens dezelfde auto gebruiken.
observatie, legaliteit, De officier van justitie gaf toestemming tot het plaatsen van een
grondslag. peilbaken op die auto (gedurende 3 weken). De positie van de auto
werd steeds doorgegeven, maar deze gegevens werden niet gelogd.
De auto werd steeds gevolgd buiten de woonplaats van de
verdachte die paste bij de modus operandi van de verdachte tot dan
toe.
• Hoge Raad: observatie zoals de onderhavig, waarvoor geen
machtiging is gegeven (artikel 126g Sv) kunnen jegens de
geobserveerde onrechtmatig zijn indien zij in verband met