Vanaf 9:40
Soorten besluiten
1. Beschikkingen (Individueel gericht)
Beschikkingen zijn besluiten die gericht zijn op een specifieke persoon of zaak.
Persoonsgerichte beschikking → Gericht op een individuele persoon of
organisatie.
Voorbeeld: Een vergunning voor een café-eigenaar.
Zaaksgerichte beschikking → Gericht op een specifiek object of locatie.
Voorbeeld: Een sloopvergunning voor een bepaald gebouw.
2. Besluiten van algemene strekking (BAS)
Dit zijn besluiten die voor een bredere groep gelden.
Algemeen verbindend voorschrift (AVV) → Regels met algemene werking, vaak
afkomstig van de overheid.
Voorbeeld: Een verkeersregel zoals de maximumsnelheid.
Beleidsregel → Geeft aan hoe een bestuursorgaan zijn beleid uitvoert, maar is
juridisch niet bindend.
Voorbeeld: Een richtlijn over hoe subsidies worden toegekend.
Concretiserend besluit van algemene strekking → Past bestaande regels toe
op een specifieke situatie zonder nieuw beleid te maken.
Voorbeeld: Een besluit dat een bepaalde weg tot 30 km/u-zone verklaart.
Plannen → Brede beleidsdocumenten die richting geven aan toekomstig beleid.
Voorbeeld: Een bestemmingsplan dat bepaalt waar woningen of bedrijven mogen
komen.
Besluitbegrip: art 1:3 lid 1 awb.
Onder besluit wordt verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan
(week 1), inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling
,De eis van schriftelijk:
Schriftelijk is breed. Schrifttekens.
Voorbeeld toezichthouder geeft stempel en keurde af, dat is al schriftelijk. Dit
geldt ook bij mailtjes. Soms geldt deze eis niet zoals bij vreemdelingenwet art 72.
Bevel van het ene naar het andere opvangcentrum bijvoorbeeld.
De eis van publiekrechtelijke rechtshandeling:
Rechtshandeling is gericht op rechtsgevolg. Er moet een wijziging zijn in een van
je plichten, in een recht of in de bevoegdheid.
Recht
Voorbeeld wijziging in jouw recht: je wil een restaurant. Zonder vergunning is het
verboden. Als je de vergunning krijgt is er sprake van een rechtshandeling en
rechtsgevolg omdat je nu het recht hebt het te exploiteren en dus een wijziging in
het recht.
Plicht
Voorbeeld van de wijziging dat plicht creëert: overtreding van regelgeving en je
krijgt een bestuurlijke boete, de plicht om de boete te betalen.
Bevoegdheid
Voorbeeld wijziging bevoegdheid: bevoegdheid gaat vooraf rechten en plichten.
De burgemeester krijgt de bevoegdheid om een horecavergunning te verlenen. Dit
hangt samen met legaliteitsbeginsel. Deze bevoegdheden toegekend in een
wettelijk voorschrift zoals de apv. Bij de wijziging van de wet ontstaat er ook een
wijziging van de bevoegdheid. Dat kan het gevolg zijn van het besluit omdat het de
bevoegdheid verandert.
Het voorbeeld van de burgemeester is een voorbeeld van besluit en een
rechtshandeling, echter je kan niet ertegen een beroep instellen dat de
burgemeester die bevoegdheid krijgt art 8:3 awb.
Dit betekent dus dat je niet tegen elke besluit je een bezwaar kan indienen.
, In de wet
Rechtsgevolg of het nou een rechtshandeling is en rechten en plichten creëert of
een verandering brengt in de bevoegdheid kan je alleen zien in de wettelijke
bepaling want in de wet zelf staat er welk rechtsgevolg er is. Dit is soms heel
makkelijk bijv. restuarantvergunning en je hebt dan rechten om het te exploiteren.
Soms kijken naar de systematiek. Een voorbeeld daarvan is het
evenementkalender.
Voorbeeld systematiek en evenementenkalender.
Handig voor openbaar bestuur wanneer ze politie in moeten zetten, en het is dus
duidelijk wanneer de evenementen zijn.
Zutphen:
Voorbeeld Burgemeester van Zutphen had evenement in kalender gezet:
Iemand bezwaar door de overlast. Bezwaar niet ontvankelijk en later ongegrond
verklaard. Dit omdat plaatsing van evenement is geen rechtshandeling en ook geen
besluit. Beoogd geen enkel rechtgevolg het betekent niet dat het evenement
georganiseerd mag worden. Enkel de plaatsing in de kalender zelf is geen besluit.
Pas als er vergunning wordt verleend.
Rotterdam
Voorbeeld andere gemeente in Rotterdam:
College van B&W, als evenement erin stond, kon burgemeester de vergunning
verlenen. Maar als het er niet had gestaan dan was de burgemeester niet bevoegd.
Dan moet de burgemeester weigeren. Op grond van de verordening moest de
burgemeester de aanvraag weigeren want je staat niet in de kalender.
Er was dus wel sprake van een besluit want er verandert iets in de bevoegdheid van
de burgemeester. Deze verandering in de bevoegdheid heeft een rechtsgevolg en
als het beoogd is, is het ook een rechtshandeling.
Deze handeling moet gericht zijn op het rechtsgevolg.