Pagina 5 t/m 16 - Engels artikel
Hoofdstuk 1.
1 Cracking de aphabetic code
Als een kind wordt blootgesteld aan een rijke gesproken-taalomgeving, zal dat kind
vrijwel zeker leren om de gesproken taal te begrijpen en te produceren.
Pinker (2009)
Stelt dat er bijna geen manier om het te leren van de gesproken taal te
voorkomen. Behalve door een kind in een vat op te voeden.
Spreken is ander dan lezen. Bij lezen geldt dit niet.
Ondanks dat spreken een erfelijke eigenschap is vereist het jarenlange instructie
en oefening. Wanneer kinderen beginnen te lezen, hebben ze meestal al redelijk
ontwikkelde gesproken-taalskills.
De uitdaging van lezen = om willekeurige visuele symbolen met betekenissen te
associëren. Kinderen moeten leren de gedrukt vormen van woorden te analyseren
en deze aan betekenis te koppelen.
1.1 Writing systems and their implications for learning to read
Schrijven is een recente culturele uitvinding.
Schrijfsystemen verschillen veel in hoe ze gesproken taal in symbolen weergeven.
Alle schrijfsystemen zijn een soort code voor gesproken taal.
Leren lezen vraagt van kinderen om te begrijpen hoe deze code werkt. Dit
verschilt per taal. Voor talen met meer dan één schrift, zoals het Japans, moeten
kinderen verschillende codes leren.
Er zijn drie hoofdtypen schrijfsystemen:
1. Alfabetisch
2. Syllabisch
3. Morfophaonetisch (ook wel logografisch genoemd).
De opkomst van bepaalde schrijfsystemen is beïnvloed door politieke invloeden, invasies
en nationalisme. Sommige schrijfsystemen zijn geschikter voor talen dan andere. Dit
blijkt bijvoorbeeld uit het Mandarijns Chinees, waar de ontwikkeling van Chinese
karakters ambiguïteit in de gesproken taal voorkomt.
Daarentegen hebben Indo-Europese talen zoals Engels minder homofonie (2 dezelfde
woorden met een andere betekenis), waardoor het gebruik van een alfabet makkelijker en
efficiënter is.
Er is veel discussie geweest over hoe kinderen het beste leren associëren tussen visuele
symbolen en de gesproken taal. De juiste manier om dit te leren hangt af van het
schrijfsysteem dat het kind moet beheersen.
In alfabetische systemen worden klanken vertegenwoordigd door letters.
o Dit maakt het voor kinderen makkelijker om woorden om te zetten naar
gesproken taal. Hoewel lezen in een alfabetisch systeem voordelen heeft,
zoals het vergemakkelijken van toekomstige leerervaringen, heeft het leren
van Chinese karakters een veel trager proces aangezien er vele symbolen
moeten worden gememoriseerd. Het systeem Pinyin werd geïntroduceerd
om lezen makkelijker te maken.
Er is variatie in schriftelijke diepte binnen alfabetische systemen.
Dit heeft invloed op de leesvaardigheid.
, Onderzoek toont aan dat kinderen die leren lezen in talen met een ondiepe
orthografie, zoals het Welsh, beter presterend zijn in de aanvangsfasen van leren
lezen in vergelijking met kinderen die leren in diepere systemen zoals het Engels.
Diepe orthografie = de uitspraak van de woorden komt niet altijd overeen met de
spelling (NL en ENG. bijv.)
Ondiepe orthografie = de klank-tekenrelatie is vrij rechtlijnig, uitspraak is duidelijk en
consistent met hoe je het schrijft. (Spaans of Italiaans)
1.2 The devolopment of alphabetic decoding skills
Het type schriftsysteem bepaalt wat kinderen nodig hebben om verbanden tussen print
en betekenis te leggen, maar niet precies hoe ze dat doen.
1.2.1 Including the alphabetic principle: the child’s initalhypotheses about print
Als kinderen alleen hun eigen middelen zou gebruiken, welke aannames zouden ze dan
vormen over print en de relatie met geluid en betekenis?
Dit zijn de vragen die Byrne en collega’s stelden in een serie experimenten met
kleuters van 3 tot 5 jaar.
De experimentatoren gebruikten een transfer van training paradigma: Kinderen die geen
letters kenden, werden geleerd om paren van geschreven woorden hardop te lezen, zoals
"vet" en "bat". Vervolgens kregen ze de transfer taak waarbij ze bijv. het geschreven
woord "plezier" zagen en moesten zeggen of het woord "plezier" of "bunie" was.
Resultaten waren duidelijk: van de meer dan 80 deelnemende kleuters slaagde
vrijwel niemand in deze taak. Wanneer kinderen alleen werden gelaten, toonden
ze geen bewijs van het induceren van het alfabetische principe.
Verdere onderzoeken werden uitgevoerd om te bepalen wat de verwerving van het
alfabetische principe bij kleuters op gang brengt.
Betrouwbaar succes op de transfer taak werd meestal alleen behaald wanneer kinderen
geleerd werd om
1. Fonemen in gesproken woorden op te delen en hun begin(eerste)fonemen te
identificeren
2. Grafische symbolen te herkennen die overeenkwamen met de belangrijkste
geluiden in de transfer taak.
Kinderen die het alfabetische inzicht hadden in de transfer taak, leerde relatief
goed en konden deze ook toepassen in andere taken.
1.2.2 Phases of alphabetic decoding development
Wanneer kinderen het alfabetische principe onder de knie hebben kunnen ze starten met
het leren van de relaties tussen grafemen en fonemen. Vervolgens kunnen ze dit dan
gaan toepassen in het lezen en spellen.
Dit is een moeilijk ontwikkelingsproces en verschillende onderzoekers hebben
"fasen" geïdentificeerd die kinderen doorlopen tijdens dit proces.
Belangrijk = hoe het decoderen zich ontwikkelt zodra het alfabetische inzicht is
opgedaan!
Ehri en Wilce stellen dat er verschillende fases zijn binnen het ontwikkelingsproces van
het alfabetisch principe; fasentheorie.
FASE 1 – gedeeltelijke alfabetische fase
Er wordt een rudimentaire vorm van decoderen gebruikt.
Onderzoek van Ehri en Wilce toont aan dat beginnende lezers lettercombinaties
moesten associëren met gesproken woorden. Er werden 2 lettercombinaties
gebruikt:
o Visueel opvallende/ verschillende formaten
Prereaders kunnen dit gemakkelijk leren.
o Klanken van de bijbehorende woorden.
Kinderen die enkele woorden kunnen lezen kunnen dit gemakkelijker