Informatie:
- COPD is een veelvoorkomende, vaak te voorkomen en behandelbare (ongeneesbare)
aandoening die wordt gekarakteriseerd door persisterende luchtwegklachten en
chronische luchtstroombeperking als gevolg van luchtweg en/of alveolaire
abnormaliteiten, meestal veroorzaakt door significante blootstelling aan schadelijke
deeltjes en gassen
- Klinische beeld: blijvende luchtstroombeperking en respiratoire symptomen, zoals
kortademigheid bij inspanning (en mogelijk later ook in rust) en eventueel chronische
hoest met of zonder sputumproductie.
- Etiologische factoren: roken is de belangrijkste etiologische factor voor het
ontwikkelen van COPD. Ook luchtvervuiling, sociaal-economische status,
omgevingsfactoren in de vroege levensfase en genetische factoren
- Prognostische factoren: het beloop kan negatief worden beïnvloed door: blijven
roken, longaanvallen, respiratoire insufficiëntie, een slechte voedingsstatus en
comorbiditeit (roken is de belangrijkste prognostische factor)
- Naast fysieke aspecten zijn emotionele, psychologische en/of sociale aspecten van
belang
- Longaanval (exacerbatie): een acute verergering van respiratoire symptomen. Een
longaanval is een verslechtering van de conditie van de patiënt binnen 1 of enkele
dagen, die wordt gekenmerkt door een toename van dyspneu en/of hoesten
- Het chronische ontstekingsproces in de kleine luchtwegen en het longparenchym
wordt veroorzaakt door factoren die een ontsteking kunnen veroorzaken en in stand
houden -> roken is hierbij de belangrijkste factor (en meest beïnvloedbare)
- COPD: FEV1/FVC: kleiner dan 0,7 (70`%)
Saturatie normaal: tussen de 95 en 100%
Hartfrequentie normaal: tussen de 60 en 100
Ademfrequentie goed: rond de 10 keer per minuut (meeste mensen meer)
Fysiotherapie is gericht op:
De fysieke capaciteit
- Het vermogen om activiteiten uit te voeren die fysieke acties vereisen, uitgedrukt in
de volgende grootheden die door therapie te beïnvloeden zijn: spierkracht,
spieruithoudingsvermogen, cardiovasculair inspanningsvermogen en balans
- Cardiaal
- Diffusie
- Psychologisch (psychogeen: geen fysieke oorzaak voor de klachten)
- Perifere spierkracht
- Ventilator
,De fysieke activiteit:
- Een parameter voor beweeggedrag, die bestaat uit elke lichaamsbeweging die wordt
teweeggebracht door skeletspieren en energieverbruik vereist
Het adembewegingsapparaat:
- De vitale pomp voor de ventilatie bestaande uit de borstwand en de ademspieren –
te beïnvloeden door therapie d.m.v.: ademhalingstechniek, lichaamshouding en
mucusevacuatie
De pathologie COPD bestaat uit emfyseem en chronische bronchitis
Veelvoorkomende co morbiditeit bij COPD:
- Cardiovasculaire aandoeningen
- Symptomen van angst en depressie
- Abnormale lichaamssamenstelling
- Aandoening aan het houdings en bewegingsapparaat
,Profiel 1:
- Geen therapie, adviseer deelname aan reguliere beweeg en/of sportactiviteiten,
overweeg overleg met huisarts over verwijzing voor een gecombineerde
leefstijlinterventie
Profiel 2:
- Geen (of zeer beperkt) therapie, adviseer deelname aan reguliere beweeg en/of
sportactiviteiten, overweeg overleg met huisarts over verwijzing voor een
gecombineerde leefstijlinterventie
Profiel 3:
- Eerstelijns therapie primair gericht op het optimaliseren van fysieke activiteit en
daarna overgang naar reguliere beweeg en/of sportactiviteiten of opvolging in de
vorm van onderhoudsbehandeling
Profiel 4:
- Eerstelijns therapie primair gericht op het bevorderen van fysieke capaciteit en
daarna overgang naar reguliere beweeg en/of sportactiviteiten of opvolging in de
vorm van onderhoudsbehandeling
Profiel 5:
- Eerstelijns therapie primair gericht op het bevorderen naar fysieke capaciteit,
optimaliseren van fysieke activiteit en daarna overgang naar regulaire beweeg en/of
sportactiviteiten of opvolging in de vorm van onderhoudsbehandeling
Profiel 6:
- Tweede of derdelijns interdisciplinaire longrevalidatie, gevolgd door
onderhoudsbehandeling in de eerstelijnszorg
,1RM bereken via het Holten Diagram:
Of: 24: 75%
VO2 max:
- Maximale zuurstofopname
- Meting voor je conditie
- VO2 max is een meting van het maximale volume aan zuurstof dat je lichaam kan
opnemen en gebruiken tijdens intensieve aerobe inspanning
Voor patiënten die beschikken over voldoende fysieke capaciteit én over voldoende fysieke
activiteit, is fysio- of oefentherapie niet geïndiceerd. Het is de taak van de therapeut de
patiënt te stimuleren om de huidige fysieke activiteit onderhouden door adviezen te geven,
informatie te verstrekken en/of te verwijzen naar
het aanbod van regionale of landelijke beweeg- en/of sportactiviteiten indien de patiënt zelf
daar nog geen passende opties voor heeft gevonden. De therapeut staat de patiënt actief bij
in het overstappen naar deze reguliere activiteiten. Volhouden van het gewenste gedrag kan
worden bevorderd door te bespreken welke belemmerende factoren zich in de toekomst
voor zouden kunnen doen en daarbij dan een passend plan te bedenken. Voor aanvullende
beweegtips bij COPD kan de patiënt verwezen worden naar de website van het Longfonds
(Longfonds 2019).
Fysieke training leidt tot een afname in de dagelijkse symptomen (zoals minder
kortademigheid, vermoeidheid, angst en depressie) en een toename in de kwaliteit van
leven, terwijl de mate van luchtwegobstructie gelijk blijft
,Duurtraining is bij sommige mensen bv niet mogelijk door ernstige luchtwegobstructie en
verzwakte bovenbeenspieren
De trainingsintensiteit en/of -duur van de hiervoor beschreven algemene trainingsvormen
worden veelal line- air opgebouwd op geleide van de symptomen (score van 4-6 op een
Borgschaal 0-10) om de fysieke capaciteit bij patiënten met COPD te vergroten
Een acceptabele borg dyspneu is tussen de 4-6 (onder de 5 of 4)
Actieve expiratie
- Buikspieren aanspannen tijdens het ademhalen – navel intrekken bij uitademen
Effect interval/duurtraining: 8 weken
Effect kracht: 6 weken
Geforceerde expiratie
- Een techniek die gebruikt wordt om sputum in de luchtwegen los te maken en af te
voeren
- Een geforceerde uitademing na een diepe inademing (krachtig zuchten)
- Deze techniek is effectiever dan explosief hoesten
- De geforceerde uitademing brengt de bronchuswand in trilling
- Deze trilling en de turbulentie van de luchtstroom in de vernauwde bronchien maken
het sputum los dat met de luchtstroom verder wordt afgevoerd
- Wordt getracht de expiratoire luchtstroomsnelheden sterk op te voeren
- Door die hoge stroomsnelheden wordt de mucus laag in trilling gebracht als gevolg
van de differential airflow
- Deze techniek helpt om sputum uit de hogere luchtwegen richting de keel te
verplaatsen zodat het kan worden uitgehoest of doorgeslikt
- Het expiratoire debiet is groot tijdens het hoesten en de geforceerde expiratie: op
die manier wordt een bijdrage geleverd aan het mucustransport van de perifere naar
de centrale luchtwegen
- Tijdens het hoesten wordt initieel een hoge intrathoracale druk opgebouwd met
gesloten glottis, wanneer de glottis zich opent (huffen) ontstaat een krachtige
expiratoire luchtstroom
- Bij patiënten met instabiele luchtwegen (emfyseem) kunnen geforceerde expiratoire
manouvres echter resulteren in een collaps van de luchtwegen en een insufficient
mucustransport
, Actieve expiratie
- Bij actieve expiratie worden de buikspieren bewust aangespannen waardoor tijdens
het uitademen de middenrifspier in een betere stand komt en zo meer kracht kan
leveren
Huffen:
- Is een geforceerde expiratie
- Hiermee kan de patiënt zelf de mucusklaring bevorderen
- Het strottenklepje beweegt tijdens het huffen minder dan bij het hoesten
- Er is tijdens het huffen wel vervorming, maar geen samenvalling
Tracheobronchiale collaps
- De luchtwegen vallen samen
- Als je te krachtig hoest, kunnen de longdelen tegen elkaar vallen
- Emfyseem: komt dit veel voor, de elasticiteit van het longweefsel is hierbij niet
voldoende
- Er is sprake van een verminderde expiratoire flow
- Herkennen: de flow valt weg, een zacht hoest geluid (ookal heeft iemand voldoende
kracht in de buikspieren), binnensmonds hoesten, repeated hoest, spontane PLB
- Spontane PLB, wegvallen expiratoire flow tijdens poging tot geforceerde expiratie,
hoesten met gesloten mond (heeft ermee te maken om de luchtwegen open te
houden)
- Oorzaken: bronchusobstructie (er zit slijm in de luchtwegen), stabiliteit
bronchuswand (emfyseem)
- Collaps luchtwegen -> de expiratoire flow wordt verminderd -> geen
mucus/sputumtransport
- Tijdens de expiratie neemt de luchtwegdiameter zo weer af door de mucus die in de
luchtwegen kan zijn, kan de bronchus wand afsluiten = collaps – de lucht kan niet
meer naar buiten stromen en er blijft lucht achter in de longblaasjes: air trapping
(piek) Expiratoire flow:
- De piekstroom is de maximale stroomsterkte in liters/minuut of liters/seconde die bij
een geforceerde expiratie kan bereikt worden
- Flow = de hoeveelheid lucht die u, nadut u zo diep mogelijk heeft ingeademd, weer
kunt uitblazen
Elastische retractiekracht: retractie - terugtrekken
- De elasticiteit van de long
- De elastische retractiekracht van de long zorgt voor de uitademing
- Verlies van de elastische retractiekracht (de longen worden steeds minder
rekbaar/elastisch) van de longblaasjes bij emfyseem