De verschillende kenmerken van soorten organisaties (volgens de configuraties van
Mintzberg) en de verschillende organisatiestructuren onderscheiden.
1 DE ORGANISATIESTRUCTUUR
De organisatiestructuur is de wijze waarop taken binnen een organisatie zijn verdeeld
en waarop vervolgens afstemming tussen deeltaken tot stand wordt gebracht. Zij heeft
dus te maken met de verdeling van activiteiten over afdelingen en de taken van de
werknemers.
Het is de weergave van de manier waarop een organisatie is samengesteld, onder andere
de taakverdeling en hiërarchie
Door de digitale revolutie zijn er nieuwe managementtrends:
1. Structureren van bedrijven in teams en/of cellen
2. Projecten middels de sprinttechniek snel en efficiënt worden geïmplementeerd
1.1 THEORIE VAN MINTZBERG
Hij ontwikkelde een model om organisaties makkelijker in te delen en te herkennen.
Binnen dat model wordt vooral gekeken naar dat deel van de organisatie dat de meeste
invloed heeft op het resultaat, het dominante organisatiedeel. Daarnaast nar de
meest gebruikte manier om activiteiten in een organisatie te sturen en op elkaar af te
stemmen, het coördinatiemechanisme.
A. BASISONDERDELEN VAN EEN ORGANISATIE
Voordat Mintzberg de organisatievormen beschrijft splitst hij de organisatie op in een
zestal onderdelen. Te weten het topmanagement, het middenkader, de uitvoerende kern,
de staforganisaties en de ideologie van de organisatie.
B. COÖRDINATIEMECHANISMEN
Vervolgens beschrijft Mintzberg 6 manieren waarop de taken van de uitvoerende kern
gecoördineerd kunnen worden. Zo kan de werkvloer worden aangestuurd door direct
toezicht uit te oefenen, door standaardisatie van werkprocessen of door zelfsturing.
C. ORGANISATIESTRUCTUREN = CONFIGURATIES
Met behulp van de 6 basisonderdelen van een organisatie en de 6 coördinatie
mechanismen configureert Mintzberg zeven ideaaltypische organisatiestructuren
(configuraties). Zoals de bureaucratische, de ondernemende de professionele- en de
divisie organisatie.
De 6 organisatie organisatieonderdelen:
1. De strategische top: de directie van een organisatie
2. Het lijnmanagement: ook wel het middenkader
3. De werkvloer: verantwoordelijk voor uitvoering van de werkzaamheden