Bestuursprocesrec
ht samenvatting
Week 1: inleiding rechtsbescherming tegen de
overheid
Werkcollege
Besluitvorming door bestuursorgaan (bv. aanvraag wordt afgewezen) inroepen
rechtsbescherming door belanghebbende (bezwaarschriftprocedure starten) oordeelsvorming
door de onafhankelijke rechter
Bezwaarschriftprocedure
- Belanghebbende dient bezwaar in bij bevoegd orgaan;
- Bestuursorgaan bekijkt bezwaarschrift en kijkt dus opnieuw naar het besluit toetst daarbij
aan doelmatigheid & rechtmatigheid
- Wordt bezwaar ongegrond verklaard? belanghebbende kan beroep instellen bij de
bestuursrechter
Benthem arrest
Bepaalt dat het kroonberoep/administratief beroep niet voldoet aan art. 6 EVRM, nu een zaak niet
meer wordt behandeld door een onafhankelijke en onpartijdige rechter. Administratief beroep is
geen eindprocedure meer in het bestuursrecht, maar mag alleen nog toegepast worden in de
voorprocedure
Functies en kenmerken huidige bestuursprocesrecht
1. Rechtsbescherming: bescherming van burger tot overheid. Hier ligt nu ook de nadruk op!
Daarvoor lag de nadruk op de toezichtsfunctie: gevaar hiervan was dat de rechter de grenzen
overtrad en de burger in een slechtere positie kwam
2. Controlefunctie/toezichtsfunctie: toezicht op het recht/controle op de rechtmatigheid van
het bestuurshandelen van de bestuursrechter
Het huidige leidende principe is streven naar finale/definitieve geschilbeslechting: de rechter brengt
een geschil zoveel mogelijk tot een zo definitief mogelijke oplossing. Bestuursrechters hebben hier
een speciaal beslisschema voor waarbij ze verschillende stappen langslopen om het geschil definitief
te beslechten (dit komt terug in week 3)
Enige centrale beginselen
Het verdedigingsbeginsel: art. 8:69 lid 1 Awb. Het beginsel van hoor en wederhoor. Partijen
moeten op elkaars stukken kunnen reageren. Rechter mag niet buiten de beroepsgronden
treden, dan gaat de rechter ultra petita
Aanvullen van rechtsgronden door de rechter: art. 8:69 lid 2 Awb. Als je als procespartij een
stuk naar voren brengt, hoef jij niet te stellen of bewijzen. Dit hoort de rechter namelijk te
kennen en verplicht toe te passen
, Niet-lijdelijkheid van de bestuursrechter (ambtshalve de feiten aanvullen): art. 8:69 lid 3
Awb. De rechter mag aanvullen, maar hij is niet verplicht. Dit is anders dan bij lid 2. Op
papier is de rechter niet-lijdelijk, maar in de praktijk is hij wel lijdelijk
Vrijbewijsleer: de Awb bevat nauwelijks regels over de procedure van bewijsbegraving, dus
de wijze waarop bewijs verzameld wordt. De rechter heeft hier dus veel vrijheid in
Procedure van primair besluit tot aan de bestuursrechter
Procedure op hoofdlijnen: onderscheiding
- Vooronderzoek: draait vooral om de relevante gegevens bepalen en de standpunten bepalen
van partijen. Het beroepsschrift wordt ingediend door de belanghebbende/appellant. De
rechtbank stuurt deze naar het verwerende bestuursorgaan en die weer naar de
bestuursrechter. Welke rechter is relatief en absoluut bevoegd? Het beroep moet ook
ontvankelijk zijn. Dit is voor de rechter het moment om zijn onderzoeksbevoegdheden in te
zetten
Onderzoek ter zitting
Is alleen wanneer een bestuursrechter dit nodig acht! De zitting is openbaar, maar uitzonderingen zie
art. 8:62 Awb. De uitspraak is binnen 6 weken, maar kan met 6 weken verlengd worden
Toegang tot de rechter
Bevoegdheid rechter art. 8:1 Awb: “alleen een belanghebbende kan tegen een besluit beroep
instellen bij de bestuursrechter” absolute en relatieve competentie art. 8:6 jo 8:7 Awb
Hoofdregel absolute competentie art. 8:6 Awb
Bestuursrechter eerste aanleg is rechtbank, tenzij een bijzondere rechtsgang bij een bijzondere
bestuursrechter. Kijk in de bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak! Blz 3460 art. 2 t/m 4
Hoofdregel relatieve competentie art. 8:7 Awb
Gaat over de zetelaanknoping (lid 1)/woonplaatsaanknoping (lid 2)
1. Bestuursorgaan van een provincie/gemeente/waterschap (decentraal bestuursorgaan)
zetelaanknoping bestuursorgaan
2. Anders dan dat/Rijk (centraal bestuursorgaan) woonplaats indiener
ht samenvatting
Week 1: inleiding rechtsbescherming tegen de
overheid
Werkcollege
Besluitvorming door bestuursorgaan (bv. aanvraag wordt afgewezen) inroepen
rechtsbescherming door belanghebbende (bezwaarschriftprocedure starten) oordeelsvorming
door de onafhankelijke rechter
Bezwaarschriftprocedure
- Belanghebbende dient bezwaar in bij bevoegd orgaan;
- Bestuursorgaan bekijkt bezwaarschrift en kijkt dus opnieuw naar het besluit toetst daarbij
aan doelmatigheid & rechtmatigheid
- Wordt bezwaar ongegrond verklaard? belanghebbende kan beroep instellen bij de
bestuursrechter
Benthem arrest
Bepaalt dat het kroonberoep/administratief beroep niet voldoet aan art. 6 EVRM, nu een zaak niet
meer wordt behandeld door een onafhankelijke en onpartijdige rechter. Administratief beroep is
geen eindprocedure meer in het bestuursrecht, maar mag alleen nog toegepast worden in de
voorprocedure
Functies en kenmerken huidige bestuursprocesrecht
1. Rechtsbescherming: bescherming van burger tot overheid. Hier ligt nu ook de nadruk op!
Daarvoor lag de nadruk op de toezichtsfunctie: gevaar hiervan was dat de rechter de grenzen
overtrad en de burger in een slechtere positie kwam
2. Controlefunctie/toezichtsfunctie: toezicht op het recht/controle op de rechtmatigheid van
het bestuurshandelen van de bestuursrechter
Het huidige leidende principe is streven naar finale/definitieve geschilbeslechting: de rechter brengt
een geschil zoveel mogelijk tot een zo definitief mogelijke oplossing. Bestuursrechters hebben hier
een speciaal beslisschema voor waarbij ze verschillende stappen langslopen om het geschil definitief
te beslechten (dit komt terug in week 3)
Enige centrale beginselen
Het verdedigingsbeginsel: art. 8:69 lid 1 Awb. Het beginsel van hoor en wederhoor. Partijen
moeten op elkaars stukken kunnen reageren. Rechter mag niet buiten de beroepsgronden
treden, dan gaat de rechter ultra petita
Aanvullen van rechtsgronden door de rechter: art. 8:69 lid 2 Awb. Als je als procespartij een
stuk naar voren brengt, hoef jij niet te stellen of bewijzen. Dit hoort de rechter namelijk te
kennen en verplicht toe te passen
, Niet-lijdelijkheid van de bestuursrechter (ambtshalve de feiten aanvullen): art. 8:69 lid 3
Awb. De rechter mag aanvullen, maar hij is niet verplicht. Dit is anders dan bij lid 2. Op
papier is de rechter niet-lijdelijk, maar in de praktijk is hij wel lijdelijk
Vrijbewijsleer: de Awb bevat nauwelijks regels over de procedure van bewijsbegraving, dus
de wijze waarop bewijs verzameld wordt. De rechter heeft hier dus veel vrijheid in
Procedure van primair besluit tot aan de bestuursrechter
Procedure op hoofdlijnen: onderscheiding
- Vooronderzoek: draait vooral om de relevante gegevens bepalen en de standpunten bepalen
van partijen. Het beroepsschrift wordt ingediend door de belanghebbende/appellant. De
rechtbank stuurt deze naar het verwerende bestuursorgaan en die weer naar de
bestuursrechter. Welke rechter is relatief en absoluut bevoegd? Het beroep moet ook
ontvankelijk zijn. Dit is voor de rechter het moment om zijn onderzoeksbevoegdheden in te
zetten
Onderzoek ter zitting
Is alleen wanneer een bestuursrechter dit nodig acht! De zitting is openbaar, maar uitzonderingen zie
art. 8:62 Awb. De uitspraak is binnen 6 weken, maar kan met 6 weken verlengd worden
Toegang tot de rechter
Bevoegdheid rechter art. 8:1 Awb: “alleen een belanghebbende kan tegen een besluit beroep
instellen bij de bestuursrechter” absolute en relatieve competentie art. 8:6 jo 8:7 Awb
Hoofdregel absolute competentie art. 8:6 Awb
Bestuursrechter eerste aanleg is rechtbank, tenzij een bijzondere rechtsgang bij een bijzondere
bestuursrechter. Kijk in de bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak! Blz 3460 art. 2 t/m 4
Hoofdregel relatieve competentie art. 8:7 Awb
Gaat over de zetelaanknoping (lid 1)/woonplaatsaanknoping (lid 2)
1. Bestuursorgaan van een provincie/gemeente/waterschap (decentraal bestuursorgaan)
zetelaanknoping bestuursorgaan
2. Anders dan dat/Rijk (centraal bestuursorgaan) woonplaats indiener