1
,Inhoud
Hoofdstuk 3: Identiteit en persoonlijkheid..............................................................3
Hoofdstuk 4: Wat is een merk?............................................................................... 4
Hoofdstuk 5: Merkwaarde....................................................................................... 5
Hoofdstuk 6: Positionering...................................................................................... 6
Hoofdstuk 7: Merkgroei.......................................................................................... 7
Hoofdstuk 8: Overeenkomst en verschillen............................................................8
Hoofdstuk 9: Onderscheidende merkkenmerken...................................................9
Hoofdstuk 10: Vormen en identiteit......................................................................10
Hoofdstuk 11: Een sterk merk.............................................................................. 10
Hoofdstuk 12: Merk en design.............................................................................. 12
Hoofdstuk 15: Brandmanagement........................................................................12
Hoofdstuk 17: De vraag en de briefing.................................................................14
Hoofdstuk 18: Interne analyse.............................................................................. 16
Hoofdstuk 19: Externe analyse (t/m paragraaf 5)................................................19
Hoofdstuk 20: De organisatie en het merk (paragraaf 2 t/m 7)............................21
Hoofdstuk 21: Merkstrategie................................................................................ 23
Hoofdstuk 22: Merkarchitectuur...........................................................................25
Hoofdstuk 23: Visuele merkidentiteit...................................................................26
Hoofdstuk 24: Interne communicatie...................................................................28
Aanvullende powerpoints..................................................................................... 29
Design les 1:......................................................................................................... 32
Merkwijzer............................................................................................................ 33
POP en POD.......................................................................................................... 34
Betekenisstructuuranalyse................................................................................... 35
2
,Hoofdstuk 3: Identiteit en persoonlijkheid
3.1 Het organisatie-identiteitsmodel
als startpunt
Het organisatie-identiteitsmodel van Birkigt
en Stadler:
Corporate identity: bestaat uit vier
verschillende onderdelen.
- Persoonlijkheid: is het hart van het
model.
- Symboliek
- Communicatie
- Gedrag
De identiteit zegt iets over de organisatie zelf: wat zij is of wat zij wil zijn, huidig
of gewenst.
Het imago is hoe de buitenwereld er naar kijkt.
Bij het model van Bikigt en Stadler zie je twee perspectieven: het perspectief van
de organisatie en het perspectief van de buitenwereld.
3.2 Wat is persoonlijkheid
Persoonlijkheid: datgene wat een persoon karakteriseert.
In het geval van een organisatie gaat het niet om een persoon, dus in dat geval
kijken we naar de normen, waarden en de gedragsuitingen die gedeeld worden
door de leden van de organisatie. Organisatiecultuur
De persoonlijkheid van een organisatie bepaalt alles wat die organisatie doet.
3.3 Identiteit en imago
- Symboliek: alle visuele elementen die de organisatie representeren: logo,
lettertype en kleur, maar ook het pand waar ze gevestigd zijn.
- Communicatie: de manier waarop de organisatie met belanghebbende
communiceert: website, jaarverslag, brochures enz. het gaat dan ook om
de vorm en inhoud van de communicatie en ook de taal en de toon ervan.
- Gedrag: hoe de organisatie en haar individuele leden zich gedragen. Dit is
misschien wel de belangrijkste. Het gedrag van medewerkers kan heel erg
bepalend zijn voor een organisatie.
3.4 Huidige en gewenste identiteit en imago
3
, Ze veranderen door de tijd heen en. De identiteit is minder veranderlijk dan het
imago, maar beide veranderen. Het is daarom wel belangrijk in je hoofd te
houden waar je het over hebt: de werkelijke, huidige identiteit of imago of de
gewenste identiteit en imago.
3.5 het organisatie-identiteitsmodel
anno nu
Het model van Birkigt en Stadler is
natuurlijk gebaseerd op lang geleden,
daarom praten we nu over meerdere
onderdelen die deel uitmaken van de
identiteit van een organisatie.
3.6 het verschil tussen organisatie- en
merkidentiteit
Organisatie identiteit en merkidentiteit zijn
twee verschillende dingen, het model word er niet anders op, dat past ook op
merken.
De belangrijke vraag is: zijn de medewerkers (mede) bepalend voor de uitstraling
van de organisatie of het merk?
3.7 Aspecten van een organisatie-identiteit
Je hebt zes aspecten volgens Riezebos en Van der Grinten:
1. Historie: ontstaansgeschiedenis
en belangrijke mijlpalen uit het
verleden.
2. Bedrijf oriëntatie: waar zijn we
goed in
3. Kerncompetenties: waar ligt de
focus op
4. Visie en missie: wat is onze rol in
de markt
5. Cultuur: hoe gaan we met elkaar om
6. Organisatie- en klantenwaarden: op welke waarden leggen we de
nadruk
Riezebos en Van der Grinten onderscheiden vier soorten organisaties:
Hoofdstuk 4: Wat is een merk?
4.1 wat is een merk?
4
,Inhoud
Hoofdstuk 3: Identiteit en persoonlijkheid..............................................................3
Hoofdstuk 4: Wat is een merk?............................................................................... 4
Hoofdstuk 5: Merkwaarde....................................................................................... 5
Hoofdstuk 6: Positionering...................................................................................... 6
Hoofdstuk 7: Merkgroei.......................................................................................... 7
Hoofdstuk 8: Overeenkomst en verschillen............................................................8
Hoofdstuk 9: Onderscheidende merkkenmerken...................................................9
Hoofdstuk 10: Vormen en identiteit......................................................................10
Hoofdstuk 11: Een sterk merk.............................................................................. 10
Hoofdstuk 12: Merk en design.............................................................................. 12
Hoofdstuk 15: Brandmanagement........................................................................12
Hoofdstuk 17: De vraag en de briefing.................................................................14
Hoofdstuk 18: Interne analyse.............................................................................. 16
Hoofdstuk 19: Externe analyse (t/m paragraaf 5)................................................19
Hoofdstuk 20: De organisatie en het merk (paragraaf 2 t/m 7)............................21
Hoofdstuk 21: Merkstrategie................................................................................ 23
Hoofdstuk 22: Merkarchitectuur...........................................................................25
Hoofdstuk 23: Visuele merkidentiteit...................................................................26
Hoofdstuk 24: Interne communicatie...................................................................28
Aanvullende powerpoints..................................................................................... 29
Design les 1:......................................................................................................... 32
Merkwijzer............................................................................................................ 33
POP en POD.......................................................................................................... 34
Betekenisstructuuranalyse................................................................................... 35
2
,Hoofdstuk 3: Identiteit en persoonlijkheid
3.1 Het organisatie-identiteitsmodel
als startpunt
Het organisatie-identiteitsmodel van Birkigt
en Stadler:
Corporate identity: bestaat uit vier
verschillende onderdelen.
- Persoonlijkheid: is het hart van het
model.
- Symboliek
- Communicatie
- Gedrag
De identiteit zegt iets over de organisatie zelf: wat zij is of wat zij wil zijn, huidig
of gewenst.
Het imago is hoe de buitenwereld er naar kijkt.
Bij het model van Bikigt en Stadler zie je twee perspectieven: het perspectief van
de organisatie en het perspectief van de buitenwereld.
3.2 Wat is persoonlijkheid
Persoonlijkheid: datgene wat een persoon karakteriseert.
In het geval van een organisatie gaat het niet om een persoon, dus in dat geval
kijken we naar de normen, waarden en de gedragsuitingen die gedeeld worden
door de leden van de organisatie. Organisatiecultuur
De persoonlijkheid van een organisatie bepaalt alles wat die organisatie doet.
3.3 Identiteit en imago
- Symboliek: alle visuele elementen die de organisatie representeren: logo,
lettertype en kleur, maar ook het pand waar ze gevestigd zijn.
- Communicatie: de manier waarop de organisatie met belanghebbende
communiceert: website, jaarverslag, brochures enz. het gaat dan ook om
de vorm en inhoud van de communicatie en ook de taal en de toon ervan.
- Gedrag: hoe de organisatie en haar individuele leden zich gedragen. Dit is
misschien wel de belangrijkste. Het gedrag van medewerkers kan heel erg
bepalend zijn voor een organisatie.
3.4 Huidige en gewenste identiteit en imago
3
, Ze veranderen door de tijd heen en. De identiteit is minder veranderlijk dan het
imago, maar beide veranderen. Het is daarom wel belangrijk in je hoofd te
houden waar je het over hebt: de werkelijke, huidige identiteit of imago of de
gewenste identiteit en imago.
3.5 het organisatie-identiteitsmodel
anno nu
Het model van Birkigt en Stadler is
natuurlijk gebaseerd op lang geleden,
daarom praten we nu over meerdere
onderdelen die deel uitmaken van de
identiteit van een organisatie.
3.6 het verschil tussen organisatie- en
merkidentiteit
Organisatie identiteit en merkidentiteit zijn
twee verschillende dingen, het model word er niet anders op, dat past ook op
merken.
De belangrijke vraag is: zijn de medewerkers (mede) bepalend voor de uitstraling
van de organisatie of het merk?
3.7 Aspecten van een organisatie-identiteit
Je hebt zes aspecten volgens Riezebos en Van der Grinten:
1. Historie: ontstaansgeschiedenis
en belangrijke mijlpalen uit het
verleden.
2. Bedrijf oriëntatie: waar zijn we
goed in
3. Kerncompetenties: waar ligt de
focus op
4. Visie en missie: wat is onze rol in
de markt
5. Cultuur: hoe gaan we met elkaar om
6. Organisatie- en klantenwaarden: op welke waarden leggen we de
nadruk
Riezebos en Van der Grinten onderscheiden vier soorten organisaties:
Hoofdstuk 4: Wat is een merk?
4.1 wat is een merk?
4