We willen weten wat er in een populatie, maar kunnen niet alles/iedereen
observeren. Is wat we zien toevallig zo of is het systematisch?
Waarom M&S belangrijk voor psychologie: veel vakliteratuur waarbij je
moet beoordelen of wat beschreven/onderzocht is op een goede manier is
gedaan, ook moet je er kritisch op reflecteren. M&S is een is belangrijk
gereedschap. Beoordelen van kwaliteit onderzoeken, want er is goed en
slecht wetenschappelijk onderzoek, maar hoe herken je dat? Slecht door
bijvoorbeeld te kleine steekproeven & de groep die voor het onderzoek
gebruikt is, is niet representatief voor de grote groep waar je naar wilt
kijken.
Twee vragen centraal:
1) hoe moet/kan je een construct (bv. depressie) meten?
2) hoe kunnnen we bepalen of het één het ander verklaart?
Hoe moet/kan je een construct meten?
Voorbeeld: depressie
Vraag: helpt CGT bij het afnemen van depressie?
Hoe zit het met depressie? Kun je dit direct zien? Wat is het überhaupt?
Mate van depressie kan niet worden gezien zoals iemands lente, dus hoe
te meten?
Dus we hebben een operationele definitie nodig van depressie (hoe
definiëren we depressie) en daar moeten we het mee eens zijn. Ook kijken
naar de kenmerken/indicatoren van depressie. Dan gaan we de
operationele definitie omzetten in een vragenlijst (bv. Door steeds
stellingen die ‘erger’ worden). Hoe kies je de beste operationele definitie?
Twee belangrijke concepten: betrouwbaarheid & validiteit.
Betrouwbaarheid
Betrouwbaarheid = herhaalbaarheid.
Wat is de betrouwbaarheid van lichaamsgewicht gemeten met een
weegschaal?
Betrouwbaarheid is ookwel een meetinstrument en geeft betrouwbare
resultaten wanneer dat meetinstrument steeds dezelfde resultaten geeft
onder verschillende condities (plaats, tijd, omstandigheden).
Hoe inschatten:
-test-hertest, dezelfde test later opnieuw afnemen.
-parallel-test, 2 vragenlijsten parallel aan elkaar afnemen (vergelijking).
-split-halftest, vragegenlijst splitsen willekeurige verdelen, dezelfde
uitkomst moet dan blijken (ookal zijn het andere vragen).