Algemeen :
Grondmotorische eigenschappen:
Rehaboom (Rehab Tree):
Stroomschema voor de systematische training van de
grondmotorische eigenschappen kracht,
uithoudingsvermogen en snelheid vanaf de tweede fase van het revalidatieproces
(remodelleringsfase).
Uitvoering:
De PT doorloopt het stroomschema door op horizontale wijze naar boven te klimmen en zodoende
gebruik te maken van de diverse verschijningsvormen van kracht, snelheid en
uithoudingsvermogen. Afhankelijk van het gewenste eindniveau zal er hoger in de boom
geklommen dienen te worden.
Alleen wanneer er een horizontale stabilisatie is verkregen wordt de volgende verticale stap
ingezet.
Voorbeeld:
Stabiliteit is voorwaarde voor imitatie
oefeningen (underloaded imiteren van
sportspecifieke bewegingen; bijv. een
tennisservice).
Loopscholing en alle andere vormen van
training vereisen een minimale aerobe basis
uithoudingsvermogen.
Loop ABC (loopvormen) ligt op dezelfde
belastingshoogte als het kracht
uithoudingsvermogen en de aerobe
uithoudingsvermogens training.
Hoeveelheid rust voor supercompensatie:
Duurtraining:
,Borg RPE-schaal (vermoeidheid):
De Borg RPE-schaal (Ratings of Perceived Exertion) is een subjectieve belastingschaal. Het is een
hulpmiddel om de mate van inspanning, de belastinggraad en vermoeidheid te schatten op een
schaal van 6 tot 20.
Uitvoering:
Vooraf aan een bepaalde arbeidsbelasting, tijdens de arbeidsbelasting en in de herstelfase wordt
aan de proefpersoon gevraagd welke mate van inspanning hij ervaart op de schaal van 6-20. Hierbij
laat je de schaal ook zien! 6 is helemaal geen belasting en 20 betekend maximale inspanning. Deze
indeling gaat uit van de gedachte dat deze waarden correleren met de objectieve hartfrequentie (6
= 60 bpm en 20 = 200 bpm).
Interpretatie:
Je meet de objectieve HF en je vraagt de proefpersoon de Borgscore en daarbij kijk
je naar de correlatie.
Materiaal:
Borg RPE-schaal.
, Borg RPE-schaal (dyspneu):
De Borg RPE-schaal (Ratings of Perceived Exertion) is een subjectieve belastingschaal. Het is een
hulpmiddel om de mate van dyspneu in te schatten op een schaal van 1 tot 10.
Uitvoering:
Vooraf aan een bepaalde arbeidsbelasting, tijdens de arbeidsbelasting en in de herstelfase wordt
aan de proefpersoon gevraagd welke mate van dyspneu hij ervaart op de schaal van 1-10. Hierbij
laat je de schaal ook zien! 1 is helemaal geen dyspneu en 10 betekend maximale dyspneu.
Interpretatie:
Je vraagt de proefpersoon de Borgscore.
Materiaal:
Borg RPE-schaal.