Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvattingen wetenschappelijke artikelen PTSS

Beoordeling
5.0
(1)
Verkocht
2
Pagina's
45
Geüpload op
20-06-2020
Geschreven in
2019/2020

Uitgebreide samenvatting van alle wetenschappelijke artikelen voor het vak bijvak PTSS. Vertaald naar het Nederlands. 1. DSM 5 PTSD 2. Meta-Analysis of Risk Factors for Posttraumatic Stress Disorder in Trauma-Exposed Adults (Bewin) 3. Predictors of Posttraumatic Stress Disorder and Symptoms in Adults: A Meta-Analysis (Ozer) 4. Reformulating PTSD for DSM-V: Life After Criterion A (Brewin) 5. Testing a DSM-5 Reformulation of Posttraumatic Stress Disorder: Impact on Prevalence and Comorbidity Among Treatment-Seeking Civilian Trauma Survivors (van Emmerik) 6. Comparison of DSM-IV and Proposed ICD-11 Formulations of PTSD Among Civilian Survivors of War and War Veterans (Morina) 7. Cognitive model of posttraumatic stress disorder (Ehlers) 8. Psychological theories of posttraumatic stress disorder (Brewin) 9. Protocollaire behandeling van patiënten met een posttraumatische-stressstoornis: imaginaire exposure en exposure in vivo 10. Cognitieve therapie bij posttraumatische stress stoornis (Engelhard) 11. Writing Therapies for Post-Traumatic Stress and Post-Traumatic Stress Disorder: A Review of Procedures and Outcomes

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting artikelen PTSS

, Artikel 1: DSM 5 PTSD

*Hieronder staan 3 stoornissen beschreven volgens de DSM 5 die als het goed is al
bekend zijn. Focus bij het leren vooral op de verschillen en overeenkomsten.

Posttraumatische-stressstoornis (>6 jaar):

A. Blootstelling aan een feitelijke of dreigende dood, ernstige verwonding of
seksueel geweld op 1 of meer van de volgende manieren:
1. Zelf ondergaan van traumatische gebeurtenis(sen).
2. Persoonlijk getuige zijn geweest van de gebeurtenis(en) terwijl deze andere
overkwam
3. Vernemen dat de psychottraumatische gebeurtenis een naast familielid of vriend
is overkomen. Bij een feitelijke of dreigende dood van een familielid/vriend moet
de gebeurtenis gewelddadig van karakter zijn of een ongeval betreffen.
4. Ondergaan van herhaaldelijke of extreme blootstelling van de afschuwwekkende
details van de traumatische gebeurtenissen (hulpverleners, politieagenten). Niet
via media, foto’s etc. tenzij werk gerelateerd

B. De aanwezigheid van 1 of meer van de volgende intrusieve symptomen die
samenhangen met de psychotraumatische gebeurtenis en die zijn begonnen
nadat de gebeurtenis heeft plaatsgevonden:
1. Recidiverende, onvrijwillige en intrusieve pijnlijke herinneringen aan de
gebeurtenis(en).
2. Recidiverende onaangename dromen waarin de inhoud en/of affect van de
droom samenhangt met de traumatische gebeurtenis(en)
3. Dissociatieve reacties (bv flashbacks) waarbij de betrokkene het gevoel heeft of
handelt alsof de psychotraumatische gebeurtenis(en) opnieuw plaatsvindt.
4. Intense of langdurige psychische lijdensdruk bij blootstelling aan interne of
externe prikkels die een aspect van de traumatische gebeurtenis(en)
symboliseren of erop lijken.

C. Persisterende vermijding van prikkels die geassocieerd worden met de
traumatische gebeurtenis(en) die begon nadat de gebeurtenis(en) heeft
plaatsgevonden zoals blijkt uit 1 van de volgende kenmerken:
1. Vermijding of pogingen tot vermijding van pijnlijke herinneren, gedachten of
gevoelens over, of sterk samenhangend met de traumatische gebeurtenis(en)
2. Vermijding of pogingen tot vermijding van externe aspecten die aan de
traumatische gebeurtenis(en) herinneren (mensen, plaatsen, gesprekken,
situaties) die pijnlijke herinneringen, gedachten of gevoelens oproepen over of
sterk samenhangen met de gebeurtenis.

D. Negatieve veranderingen in cognities en stemming, gerelateerd aan de
traumatische gebeurtenis(en) die zijn begonnen of verergerd nadat de
gebeurtenis(en) heeft plaatsgevonden, zoals blijkt uit 2 of meer van de volgende
kenmerken:
1. Onvermogen om zich een belangrijk aspect van de traumatische gebeurtenis(en)
te herinneren.


2

, 2. Persisterende en overdreven negatieve overtuigingen of verwachten over
zichzelf, anderen of de wereld.
3. Persisterende, vertekende cognities over de oorzaak of gevolgen van de
traumatische gebeurtenis(en) die ertoe leiden dat de betrokkene zichzelf of
anderen er de schuld van geeft.
4. Persisterende negatieve gemoedstoestand.
5. Duidelijk verminderde belangstelling voor, of deelname aan belangrijke
activiteiten.
6. Gevoelens van onthechting of vervreemding van anderen.
7. Persisterend onvermogen om positieve emoties te ervaren.

E. Duidelijke veranderingen in arousal en reactiviteit, gerelateerd aan de
psychotraumatische gebeurtenis(en), die zijn begonnen of verergerd nadat de
gebeurtenis(en) hebben plaatsgevonden zoals blijkt uit 2 of meer van de
volgende kenmerken:
1. Prikkelbaar gedrag en woede-uitbarstingen, gewoonlijk tot uiting komend in
verbale of fysieke agressie jegens mensen of voorwerpen.
2. Roekeloos of zelfdestructief gedrag
3. Hypervigilantie
4. Overdreven schrikreacties
5. Concentratieproblemen
6. Verstoring van slaap

F. De duur van de stoornis is langer dan 1 maand

G. De stoornis veroorzaakt klinisch significante lijdensdruk of beperkingen in het
sociale of beroepsmatige functioneren (of andere terreinen).

H. De stoornis kan niet worden toegeschreven aan de fysiologische effecten van een
middel of aan een somatische aandoening


Specificeer indien:
 Met dissociatieve symptomen. De symptomen voldoen aan de criteria voor PTSS,
en bovendien ervaart de betrokkene persisterende of recidiverende symptomen
van 1 van de volgende typen:
1. Depersonalisatie. Persisterende of recidiverende ervaringen van gevoelens van
vervreemding van de eigen psychische processen of het eigen lichaam, of alsof de
betrokkene zichzelf van buitenaf waarneemt.
2. Derealisatie. Persisterende of recidiverende ervaringen alsof de omgeving niet
echt is.
Let op: de dissociatieve symptomen worden niet toegeschreven aan de fysiologische
effecten van een middel of somatische aandoening.

Specifieer indien:
 Met uitgestelde expressie. Indien gedurende minstens de eerste zes maanden na
de gebeurtenis niet volledig wordt voldaan aan de classificatiecriteria.




3

, Posttraumatische stress stoornis (<6 jaar):

A. Bij kinderen van 6 jaar en jonger betreft het blootstelling aan een feitelijke of
dreigende dood, ernstige verwonding of seksueel geweld op een (of meer) van de
volgende manieren:
1. Zelf ondergaan van psychotraumatische gebeurtenis(sen).
2. Persoonlijk getuige zijn geweest van de gebeurtenis(sen) terwijl deze andere
overkwam(en), in het bijzonder de primaire verzorgers. (Let op: gebeurtenis via
elektronische media, televisie, films of foto’s vallen hier NIET onder).
3. Vernemen dat de psychotraumatische gebeurtenis(en) een ouder of verzorger is
overkomen.
B. De aanwezigheid van een (of meer) van de volgende intrusieve symptomen die
samenhangen met de psychotraumatische gebeurtenis(en) en die begonnen zijn
nadat de psychotraumatische gebeurtenis(sen) heeft plaatsgevonden:
1. Recidiverende, onvrijwillige en intrusieve pijnlijke herinneringen aan de
psychotraumatische gebeurtenis(sen). (Let op: de herinneringen hoeven niet
pijnlijk te lijken en kunnen zich uiten in de vorm van gespeelde heropvoering).
2. Recidiverende onaangename dromen waarin de inhoud en/of affect van de
droom samenhangt met de psychotraumatische gebeurtenis(sen). (Let op: soms
niet mogelijk om vast te stellen of de inhoud samenhangt met de gebeurtenis).
3. Dissociatieve reacties (bv. flashbacks) waarbij het kind het gevoel heeft of
handelt alsof de psychotraumatische gebeurtenis(sen) opnieuw plaatsvindt.
4. Intense of langdurige psychische lijdensdruk bij blootstelling aan interne of
externe prikkels die een aspect van de psychotraumatische gebeurtenis(sen)
symboliseren of erop lijken.
5. Duidelijke fysiologische reacties op herinneringen aan de psychotraumatische
gebeurtenis(sen).

C. Een (of meer) van de volgende symptomen, die na de psychotraumatische
gebeurtenis(sen) beginnen of verergeren, moet aanwezig zijn. Deze symptomen
betreffen persisterende vermijding van prikkels die samenhangen met de
psychotraumatische gebeurtenis(sen) of negatieve veranderingen in cognities en
stemming die samenhangen met de psychotraumatische gebeurtenis(sen):

- Persisterende vermijding van prikkels
1. Vermijding of pogingen tot vermijding van activiteiten, plaatsen of fysieke
aspecten die herinneringen aan de psychotraumatische gebeurtenis(sen)
oproepen.
2. Vermijding of pogingen tot vermijding van mensen, gesprekken of
interpersoonlijke situaties die herinneringen aan de psychotraumatische
gebeurtenis(sen) oproepen.

- Negatieve veranderingen in cognities
3. Sterk toegenomen frequentie van negatieve gemoedstoestanden.
4. Duidelijk verminderde belangstelling voor of deelname aan belangrijke
activiteiten, inclusief sterke verarming van het spel.
5. Sociaal teruggetrokken gedrag.
6. Persisterende afname van het uiten van positieve emoties.


4

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
20 juni 2020
Aantal pagina's
45
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$8.96
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
5 jaar geleden

Uitgebreid en toch beknopt en helder! Heel fijn en handig voor het leren.

5 jaar geleden

Bedankt voor je beoordeling! Veel succes met leren.

5.0

1 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
psychoxlogy Universiteit van Amsterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
15
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
15
Documenten
17
Laatst verkocht
5 jaar geleden
Complete en duidelijke samenvattingen voor de opleiding psychologie (UvA)

3.3

3 beoordelingen

5
1
4
0
3
1
2
1
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen