,Anamnese
Activiteitenpatroon:
• Heeft u voldoende energie voor vereiste en gewenste activiteiten?
• In welke mate zorgt u voor lichaamsbeweging? Wat doet u? Hoe vaak doe je het?
• Kunt u uw vrijetijdsbesteding en de wijze waarop u zorgt voor ontspanning
beschrijven?
• Ik zou graag een goed beeld willen krijgen van uw vermogen om bepaalde functies/
dingen uit te voeren Hoe gaan de volgende dingen? Lukt dit nog zelf, heeft u
hulpmiddelen of anderen nodig?
– Eten ...
– Wassen ...
– Mobiliteit in bed ...
– Mobiliteit tijdens het lopen ...
– Bent u wel eens gevallen? Bent u wel eens bang om te vallen?
– Kleden ...
– Verzorging uiterlijk ...
– Algemene mobiliteit ...
– Koken ...
– Huishouden ...
– Boodschappen doen ...
Codes voor functieniveau:
Niveau 0: volledig vermogen tot persoonlijke zorg
Niveau 1: heeft apparaten of hulpmiddelen nodig
Niveau 2: heeft hulp of begeleiding van anderen nodig
Niveau 3: heeft hulp van anderen (en apparatuur en hulpmiddelen) nodig
Niveau 4: is volledig van anderen afhankelijk
Slaap- en rustpatroon:
• Hoe laat gaat u naar bed en hoe laat staat u op?
• Bent u gewoonlijk goed uitgerust en klaar voor de dag na het ontwaken?
• Heeft u problemen met in slaap komen? Droomt u veel? Heeft u last van
nachtmerries?
• Bent u vroeg wakker?
• Slaapt u wel eens overdag? Heeft u deze dutjes nodig?
Zintuigen:
• Bent u slechthorend?
• Bent u slechtziend? Draagt u normaal weleens een bril of contactlenzen?
,Screeningsinstrument
Mobiliteit
Timed Up & Go test (TUG)
Een test doen waarbij u op een stoel zit en moet opstaan en 3 meter verderop moet gaan
lopen, vervolgens weer terug moet gaan en weer moet gaan zitten. Dit ga ik dan timen
hoelang u erover duurt. Hierdoor krijg ik een beter beeld van hoe uw mobiliteit is tijdens het
lopen en opstaan.
Waarna ik kan zien of u zelfstandig nog veilig kan lopen of dat er hulp bij het lopen wel
noodzakelijk is.
Verstoorde slaap/ slapeloosheid:
ISI
Bij het meetinstrument ISI gaat het om zeven vragen over: inslaapklachten, frequent wakker
worden, te vroeg ontwaken, tevredenheid over de genoten slaap, klachten over het
functioneren overdag, klachten geuit door de directe omgeving en stress als gevolg van
slapeloosheid. De patiënt vult zelf de screeningslijst in met een Likertschaal variërend van 0
tot 4 (0 = geen klacht; 4 = veel last). In totaal kan men dus maximaal 28 punten scoren. Hoe
hoger het getal, des te ernstiger de klacht.
Richtlijnen voor score/interpretatie:
De totaalscore is de som van alle zeven items. De totale score varieert van 0-28.
0 – 7= Geen klinisch significante slapeloosheid
8 - 14 = Slapeloosheid onder de drempel
15 – 21 = Klinische slapeloosheid (matige ernst)
22 – 28 = Klinische slapeloosheid (ernstig)
, Diagnose
Mobiliteit
(P)probleem: Mobiliteit
- Diagnose= verminderde mobiliteit (p. 354)
(E)Etiologie:
- evenwichtsstoornis
- ouderdom
- cognitieve beperkingen
- depressiviteit
(S)Symptomen:
- schuifelen, sloffend en kleine stapjes tijdens het lopen
- lopen met fiets als steun
- houvast zoeken tijdens lopen binnen.
Verstoorde slaap/ slapeloosheid:
(P)probleem: Slaap
- Diagnose: verstoorde slaap (p. 496)
(E)Etiologie:
- depressiviteit
- veranderingen dag/nacht ritme
(S)Symptomen:
- overdag dutten
- agitatie
- Dag en nacht ritme ontregeld
Zelfzorgtekort
(P)probleem: zelfzorgtekort
- Potentiële diagnose: zelfzorgtekort: wassen lichaamsverzorging (p. 680)
(E)etiologie:
- Vasculaire dementie
(S)Symptomen:
- - hulpeloosheid
- toenemende mate uitgeput
- weigert huishoudelijke hulp en maaltijdservice
- beperkte mobiliteit
- Verminderde cognitieve vaardigheden
Potentiële PES
Risico op vallen
(P)probleem: valincidenten
- potentiële diagnose: risico op vallen (p. 310)
(E)Etiologie:
- verminderde mobiliteit
- instabiel lopen
Resultaten & interventies