AFP Mond en Gebit
Inhoudsopgave
Les 1.......................................................................................................................................................2
Les 2.......................................................................................................................................................5
Les 3.....................................................................................................................................................10
Les 4.....................................................................................................................................................12
Les 5.....................................................................................................................................................14
,Les 1
1.2 De bouw van gebitselementen
, - Onderverdeling in:
1. Tandkroon (corona dentis) – boven het tandvlees
2. Tandhals (collum dentis) – overgang kroon naar wortel
3. Tandwortel (radix dentis) – onder het tandvlees
- Bouw van een gebitselement
1. Glazuurlaag (email)
Natuurlijk afweermechanisme
2. Tandbeen (dentine)
Hoofdbestanddeel gebitselement
3. Tandpulpa (pulpa dentis)
Het levende deel
Vult de pulpaholte (4) en het
wortelkanaal
- Parodontium = steunweefsels rondom de
gebitselementen
- Cement (substantia ossea)
Bescherming tandbeen
- Tandvlees (gingiva)
Bedekking en bescherming tandhals
- Kaakbot (alveolair bot)
Steunweefsel tandkassen
- Wortelvlies (parododontaal ligament)
Schokbreker
- Spleten en aanhechtingen
Sulcus gingivalis – ruimte tussen gebitselement en het tandvlees
Epitheliale aanhechting – bodem van de sulcus gingivalis
Pocket – ruimte in de sulcus gingivalis, deze is verdiept bij ontsteking
- 1.3 Vorm van de schedel
Dolichocephaal – lang en
smal
Mesocefaal – gemiddeld
Brachycefaal – kort en breed
- 1.4 De beet
Beet = manier waarop de kaken en gebitselementen op elkaar staan
De beet is afhankelijk van:
Positie gebitselement
Stand gebitselement
Aansluiting gebitselementen onderkaak en bovenkaak (occlusie)
Stand onderkaak t.o.v. bovenkaak en schedel
Normale beet: schaargebit
Inhoudsopgave
Les 1.......................................................................................................................................................2
Les 2.......................................................................................................................................................5
Les 3.....................................................................................................................................................10
Les 4.....................................................................................................................................................12
Les 5.....................................................................................................................................................14
,Les 1
1.2 De bouw van gebitselementen
, - Onderverdeling in:
1. Tandkroon (corona dentis) – boven het tandvlees
2. Tandhals (collum dentis) – overgang kroon naar wortel
3. Tandwortel (radix dentis) – onder het tandvlees
- Bouw van een gebitselement
1. Glazuurlaag (email)
Natuurlijk afweermechanisme
2. Tandbeen (dentine)
Hoofdbestanddeel gebitselement
3. Tandpulpa (pulpa dentis)
Het levende deel
Vult de pulpaholte (4) en het
wortelkanaal
- Parodontium = steunweefsels rondom de
gebitselementen
- Cement (substantia ossea)
Bescherming tandbeen
- Tandvlees (gingiva)
Bedekking en bescherming tandhals
- Kaakbot (alveolair bot)
Steunweefsel tandkassen
- Wortelvlies (parododontaal ligament)
Schokbreker
- Spleten en aanhechtingen
Sulcus gingivalis – ruimte tussen gebitselement en het tandvlees
Epitheliale aanhechting – bodem van de sulcus gingivalis
Pocket – ruimte in de sulcus gingivalis, deze is verdiept bij ontsteking
- 1.3 Vorm van de schedel
Dolichocephaal – lang en
smal
Mesocefaal – gemiddeld
Brachycefaal – kort en breed
- 1.4 De beet
Beet = manier waarop de kaken en gebitselementen op elkaar staan
De beet is afhankelijk van:
Positie gebitselement
Stand gebitselement
Aansluiting gebitselementen onderkaak en bovenkaak (occlusie)
Stand onderkaak t.o.v. bovenkaak en schedel
Normale beet: schaargebit