Werkcolleges Capita Selecta Europees en Internationaal Belastingrecht 2019-2020
Werkcollege 1 Opfrissen van fundamenten van Europees en Internationaal belastingrecht
Werkcollege 2 Private pensioenen en soortgelijke uitkeringen
Werkcollege 3 Inkomsten uit bijzondere dienstbetrekkingen
Werkcollege 4 Transfer Pricing 1
Werkcollege 5 Transfer Pricing 2
Werkcollege 6 Staatssteun en belastingen
Werkcollege 7 Dividend
Werkcollege 8 Vervreemdingswinsten op aandelen
Werkcollege 9 Rente, vervreemdingswinsten op vorderingen, auteursrechten en dergelijke & royalty’s
Werkcollege 10 Voorkoming van dubbele belasting
Werkcollege 11 Alternatief: Systeem gebaseerd op het oorsprongsbeginsel
Werkcollege 12 Enige formeelrechtelijke thema’s en responsie
Werkcollege 1 Opfrissen van fundamenten van Europees en Internationaal belastingrecht
CASUS 1.1
Karel de Kleine woont met zijn echtgenote in Loon op Zand en is werkzaam voor een Nederlands bedrijf
uitgeoefend door een in Nederland gevestigde vennootschap, A BV. Dit bedrijf is actief op het gebied van
export van melk, ten behoeve van de productie van kaas in Frankrijk. Karel verbleef vorig jaar voor het
uitoefenen van zijn dienstbetrekking jaarlijks vijf maanden en één week in Frankrijk. Karel ontvangt zijn salaris
van A BV. Dit salaris is gelijk aan € 125.000. Hiervan is € 35.000 toerekenbaar aan zijn in Frankrijk vervulde
dienstbetrekking.
Vraag 1
Geef gemotiveerd aan wat de fiscale gevolgen zijn voor Karel de Kleine voor de inkomstenbelasting (u dient
daarbij geen rekening te houden met de belastingtarieven en de heffingskortingen) volgens
a. het nationale recht;
b. het OESO-modelverdrag.
Let op!! Soms wordt er expliciet naar de IB gevraagd en niet naar LB.
Nationale recht
• Subject à Op grond van artikel 1.1 IB wordt er inkomstenbelasting geheven van natuurlijke personen.
Aangezien Karel in Nederland woont is hij op grond van artikel 2.1 letter a binnenlands belastingplichtig.
• Object à Karel wordt voor zijn wereldinkomen belast op grond van artikel 2.3 letter a jo. Artikel 2.4 lid 1
letter a IB. Nederland mag op grond van artikel 3.1 lid 1 jo. lid 2 letter b jo. artikel 3.80 en 3.81 IB loon- en
inkomstenbelasting heffen over het loon uit dienstbetrekking ᾲ €125.000 euro.
• Let op!!! Altijd opschrijven binnenlands belastingplichtig + artikel 3.80 en 3.81 (hoeft niet nog meer)
OESO-modelverdrag
• Subject à Karel is inwoner van Nederland, dus hij heeft toegang tot het verdrag FR-NL op grond van
artikel 1 jo. artikel 4 OMV. Als hij als inwoner van beide landen wordt beschouwd dan geldt de tie-breaker
van artikel 4 lid 3 OMV.
• Object à Inkomen uit dienstbetrekking artikel 15 OMV.
Inkomen uit dienstbetrekking – Artikel 15 OMV (Wordt in elk tentamen gevraagd!!)
• Lid 1: Hoofdregel = Woonstaat (NL) mag in beginsel heffen
• Lid 1: Uitzondering = Werkstaat heft als er een dienstbetrekking uitgeoefend wordt in dat land (FR).
• Lid 2: Uitzondering op de uitzondering = Woonstaat mag toch heffen als je cumulatief aan drie
voorwaarden voldoet:
a. Het verblijf in de werkstaat (FR) mag niet meer zijn dan 183 dagen à Karel is 5 maanden en 1 week in
Frankrijk, dus minder dan 183 dagen, dus voldaan aan voorwaarde.
Werkcollege 1 Opfrissen van fundamenten van Europees en Internationaal belastingrecht
Werkcollege 2 Private pensioenen en soortgelijke uitkeringen
Werkcollege 3 Inkomsten uit bijzondere dienstbetrekkingen
Werkcollege 4 Transfer Pricing 1
Werkcollege 5 Transfer Pricing 2
Werkcollege 6 Staatssteun en belastingen
Werkcollege 7 Dividend
Werkcollege 8 Vervreemdingswinsten op aandelen
Werkcollege 9 Rente, vervreemdingswinsten op vorderingen, auteursrechten en dergelijke & royalty’s
Werkcollege 10 Voorkoming van dubbele belasting
Werkcollege 11 Alternatief: Systeem gebaseerd op het oorsprongsbeginsel
Werkcollege 12 Enige formeelrechtelijke thema’s en responsie
Werkcollege 1 Opfrissen van fundamenten van Europees en Internationaal belastingrecht
CASUS 1.1
Karel de Kleine woont met zijn echtgenote in Loon op Zand en is werkzaam voor een Nederlands bedrijf
uitgeoefend door een in Nederland gevestigde vennootschap, A BV. Dit bedrijf is actief op het gebied van
export van melk, ten behoeve van de productie van kaas in Frankrijk. Karel verbleef vorig jaar voor het
uitoefenen van zijn dienstbetrekking jaarlijks vijf maanden en één week in Frankrijk. Karel ontvangt zijn salaris
van A BV. Dit salaris is gelijk aan € 125.000. Hiervan is € 35.000 toerekenbaar aan zijn in Frankrijk vervulde
dienstbetrekking.
Vraag 1
Geef gemotiveerd aan wat de fiscale gevolgen zijn voor Karel de Kleine voor de inkomstenbelasting (u dient
daarbij geen rekening te houden met de belastingtarieven en de heffingskortingen) volgens
a. het nationale recht;
b. het OESO-modelverdrag.
Let op!! Soms wordt er expliciet naar de IB gevraagd en niet naar LB.
Nationale recht
• Subject à Op grond van artikel 1.1 IB wordt er inkomstenbelasting geheven van natuurlijke personen.
Aangezien Karel in Nederland woont is hij op grond van artikel 2.1 letter a binnenlands belastingplichtig.
• Object à Karel wordt voor zijn wereldinkomen belast op grond van artikel 2.3 letter a jo. Artikel 2.4 lid 1
letter a IB. Nederland mag op grond van artikel 3.1 lid 1 jo. lid 2 letter b jo. artikel 3.80 en 3.81 IB loon- en
inkomstenbelasting heffen over het loon uit dienstbetrekking ᾲ €125.000 euro.
• Let op!!! Altijd opschrijven binnenlands belastingplichtig + artikel 3.80 en 3.81 (hoeft niet nog meer)
OESO-modelverdrag
• Subject à Karel is inwoner van Nederland, dus hij heeft toegang tot het verdrag FR-NL op grond van
artikel 1 jo. artikel 4 OMV. Als hij als inwoner van beide landen wordt beschouwd dan geldt de tie-breaker
van artikel 4 lid 3 OMV.
• Object à Inkomen uit dienstbetrekking artikel 15 OMV.
Inkomen uit dienstbetrekking – Artikel 15 OMV (Wordt in elk tentamen gevraagd!!)
• Lid 1: Hoofdregel = Woonstaat (NL) mag in beginsel heffen
• Lid 1: Uitzondering = Werkstaat heft als er een dienstbetrekking uitgeoefend wordt in dat land (FR).
• Lid 2: Uitzondering op de uitzondering = Woonstaat mag toch heffen als je cumulatief aan drie
voorwaarden voldoet:
a. Het verblijf in de werkstaat (FR) mag niet meer zijn dan 183 dagen à Karel is 5 maanden en 1 week in
Frankrijk, dus minder dan 183 dagen, dus voldaan aan voorwaarde.