TOE - Hoorcollege 1/15
Vandaag → survey
Correlationele data
- Bijv. klantentevredenheid
- Gegevens worden op verschillende manieren gegenereerd:
- organisch = toevallig aanwezig
- designed = speciaal ontworpen
Correlationele data (designed)
- We ontwerpen een onderzoek en verzamelen gegevens om:
, - de sociale werkelijkheid te beschrijven
- (causale) relaties bestuderen
- te generaliseren naar de populatie
Inferentiële doelen
- beschrijven
- causaliteit
- voorspellen
Soorten surveys
- Face-to-face (CAPI)
- Post
- Telefonisch (CATI)
- Via het internet
- Mixed-models
Verschillen tussen typen surveys
- Mate van betrokkenheid van de interviewer
- Mate van interactie met de respondent
- Mate van privacy
- Communicatiemogelijkheden
- visueel
- auditief
- Gebruik technologie
Soorten surveys in Nederland
- Bevolkingsregister en meer dan 90% internetgebruik
- Telefonische enquêtes (random digit dialing) niet veel gebruikt
, - Combinaties veel gebruikt
- Uitnodiging via de post voor internetenquête
- Telefooncomponent indien nummers bekend zijn
- Marktonderzoekers gebruiken zowel selecte als aselecte online panels
- Surveys ontworpen speciaal voor verschillende digitale media
- Computer/smartphone
Mixed-modes surveys
- Een type voor sommige respondenten, een ander type voor anderen
- bv: online enquête met mailcomponent voor mensen zonder internet
- Een type voor werving, een andere voor administratie van de enquête
- bv: uitnodiging per post voor een online enquête
- Een type voor gegevensverzameling, een anderen voor herinneringen, follow-up
- bv: telefonische herinneringen voor een online enquête
- Een type voor het hoofdgedeelte, een andere voor vragen over een gevoelig onderwerp
- bv: telefoon & audio computer self-administrated
- Een type voor een ronde van het panelonderzoek, een andere voor andere
- bv: eerste ronde face-to-face, volgende rondes online om kosten te besparen
Cross-sectionele en panelonderzoek
- Panelonderzoeken volgen respondenten over een langere periode
- Inhoud van de vragenlijsten is meestal hetzelfde (maar kan verschillen)
- Voordelen
- We kunnen binnen-persoon verandering en causaliteit meten
- We kunnen leeftijds-, periode- en cohort effecten verklaren
- Cohorteffecten = onderzoeken in verschillende jaren, hoe mensen zich ontwikkelen,
generatie effecten)
- Potentiële fouten
- verloop (attrition) = uitval
- non respons in opeenvolgende rondes
- Panel conditionering
- Leereffecten
Operationaliseren
- Om een theoretisch begrip te meten, moeten onderzoekers bepaalde stappen volgen
Theoretisch begrip → conceptuele definitie → operationele definitie → variabele
Bv : PTSS → een psychiatrische aandoening die … na blootstelling aan een traumatische gebeurtenis
→ PTSS vragenlijst → hoe?
Manieren voor likertschaal
- punten tellen van hoe vaak een bepaalde vraag is beantwoord = itemscore
- 1 punt bij not at all, 2 punten bij a little …
- kan ook met andere hoeveelheden punten
, Een variabele creeren
- Doel : 1 score maken die de ernst van PTSS aangeeft
- Optie 1:
- Tel alle itemscores bij elkaar op
- 12 items, item scores tussen 1 en de 4
→ schaalscores tussen de 12 en 48
- Optie 2:
- berekenen het gemiddelde van alle itemscores
- dit kan ook berekend worden met een paar missende waarden
- Een lage score zou “milde of geen PTSS” moeten betekenen
- Een hoge score zou “ernstige PTSS” moeten betekenen
- In veel vragenlijsten vinden we omgekeerd geformuleerde items
- “I felt attached to others” (symptoom is eigenlijk bindingsangst) → hoge score =
weinig PTSS
lage score → weinig overeenkomst met gemeten begrip
Omgekeerd geformuleerde items
- moeten omgekeerd worden gecodeerd
- hercoderen
- ompolen (zelfde als hercoderen)
- Met de omgepoolde items kan nu een schaalscore worden berekend
- PTSS schaal score = gemiddelde over alle items
→ omgepoolde items worden gebruikt
TOE - Hoorcollege 2/15
Hoe weten we of een meetinstrument een goed instrument is?
- (Begrips)Validiteit
- Betrouwbaarheid
Betrouwbare meting
- De meting varieert niet door kenmerken van
a) de manier waarop je hebt gemeten
b) het meetinstrument
- aka precisie → consistentie van de meting
- BV: een weegschaal in de badkamer moet hetzelfde gewicht aangeven als je er 2x op stapt
Valide meting
- Hoe goed je meting overeenkomt met het theoretische begrip waarin je geïnteresseerd bent
- AKA nauwkeurigheid → correctheid van de meting
Begripsvaliditeit
- Indruk: lijkt de meting in orde?
Vandaag → survey
Correlationele data
- Bijv. klantentevredenheid
- Gegevens worden op verschillende manieren gegenereerd:
- organisch = toevallig aanwezig
- designed = speciaal ontworpen
Correlationele data (designed)
- We ontwerpen een onderzoek en verzamelen gegevens om:
, - de sociale werkelijkheid te beschrijven
- (causale) relaties bestuderen
- te generaliseren naar de populatie
Inferentiële doelen
- beschrijven
- causaliteit
- voorspellen
Soorten surveys
- Face-to-face (CAPI)
- Post
- Telefonisch (CATI)
- Via het internet
- Mixed-models
Verschillen tussen typen surveys
- Mate van betrokkenheid van de interviewer
- Mate van interactie met de respondent
- Mate van privacy
- Communicatiemogelijkheden
- visueel
- auditief
- Gebruik technologie
Soorten surveys in Nederland
- Bevolkingsregister en meer dan 90% internetgebruik
- Telefonische enquêtes (random digit dialing) niet veel gebruikt
, - Combinaties veel gebruikt
- Uitnodiging via de post voor internetenquête
- Telefooncomponent indien nummers bekend zijn
- Marktonderzoekers gebruiken zowel selecte als aselecte online panels
- Surveys ontworpen speciaal voor verschillende digitale media
- Computer/smartphone
Mixed-modes surveys
- Een type voor sommige respondenten, een ander type voor anderen
- bv: online enquête met mailcomponent voor mensen zonder internet
- Een type voor werving, een andere voor administratie van de enquête
- bv: uitnodiging per post voor een online enquête
- Een type voor gegevensverzameling, een anderen voor herinneringen, follow-up
- bv: telefonische herinneringen voor een online enquête
- Een type voor het hoofdgedeelte, een andere voor vragen over een gevoelig onderwerp
- bv: telefoon & audio computer self-administrated
- Een type voor een ronde van het panelonderzoek, een andere voor andere
- bv: eerste ronde face-to-face, volgende rondes online om kosten te besparen
Cross-sectionele en panelonderzoek
- Panelonderzoeken volgen respondenten over een langere periode
- Inhoud van de vragenlijsten is meestal hetzelfde (maar kan verschillen)
- Voordelen
- We kunnen binnen-persoon verandering en causaliteit meten
- We kunnen leeftijds-, periode- en cohort effecten verklaren
- Cohorteffecten = onderzoeken in verschillende jaren, hoe mensen zich ontwikkelen,
generatie effecten)
- Potentiële fouten
- verloop (attrition) = uitval
- non respons in opeenvolgende rondes
- Panel conditionering
- Leereffecten
Operationaliseren
- Om een theoretisch begrip te meten, moeten onderzoekers bepaalde stappen volgen
Theoretisch begrip → conceptuele definitie → operationele definitie → variabele
Bv : PTSS → een psychiatrische aandoening die … na blootstelling aan een traumatische gebeurtenis
→ PTSS vragenlijst → hoe?
Manieren voor likertschaal
- punten tellen van hoe vaak een bepaalde vraag is beantwoord = itemscore
- 1 punt bij not at all, 2 punten bij a little …
- kan ook met andere hoeveelheden punten
, Een variabele creeren
- Doel : 1 score maken die de ernst van PTSS aangeeft
- Optie 1:
- Tel alle itemscores bij elkaar op
- 12 items, item scores tussen 1 en de 4
→ schaalscores tussen de 12 en 48
- Optie 2:
- berekenen het gemiddelde van alle itemscores
- dit kan ook berekend worden met een paar missende waarden
- Een lage score zou “milde of geen PTSS” moeten betekenen
- Een hoge score zou “ernstige PTSS” moeten betekenen
- In veel vragenlijsten vinden we omgekeerd geformuleerde items
- “I felt attached to others” (symptoom is eigenlijk bindingsangst) → hoge score =
weinig PTSS
lage score → weinig overeenkomst met gemeten begrip
Omgekeerd geformuleerde items
- moeten omgekeerd worden gecodeerd
- hercoderen
- ompolen (zelfde als hercoderen)
- Met de omgepoolde items kan nu een schaalscore worden berekend
- PTSS schaal score = gemiddelde over alle items
→ omgepoolde items worden gebruikt
TOE - Hoorcollege 2/15
Hoe weten we of een meetinstrument een goed instrument is?
- (Begrips)Validiteit
- Betrouwbaarheid
Betrouwbare meting
- De meting varieert niet door kenmerken van
a) de manier waarop je hebt gemeten
b) het meetinstrument
- aka precisie → consistentie van de meting
- BV: een weegschaal in de badkamer moet hetzelfde gewicht aangeven als je er 2x op stapt
Valide meting
- Hoe goed je meting overeenkomt met het theoretische begrip waarin je geïnteresseerd bent
- AKA nauwkeurigheid → correctheid van de meting
Begripsvaliditeit
- Indruk: lijkt de meting in orde?