AANTEKENINGEN ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE
Haanraads, I. (Inke)
,ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE AANTEKENINGEN
HOORCOLLEGE 1 (3 FEBRUARI) – INTRODUCTIE ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE
Ontwikkelingspsychologie = houdt zich bezig met verandering van psychologie doorheen het
leven psychologie van verandering bijv. biologische veranderingen.
We leren ontwikkelingspsychologie, omdat we ontwikkeling willen begrijpen, voorspellen en
om eventuele problemen te voorkomen.
Belangrijke principes ontwikkelingspsychologie:
o Plasticiteit dingen zijn veranderbaar
o Hele levensloop dus niet alleen focus op vroege ontwikkeling
o Multidimensionaal verschillende domeinen beïnvloeden elkaar
o Multidirectioneel ontwikkeling betekent niet dat er alleen groei is, maar ook juist
afname van bepaalde dingen.
o Contextueel afhankelijk van omgeving
Er zijn verschillende ontwikkelingsfasen (mensen kunnen hier andere grenzen in hebben):
o Prenatal development = alles voor geboorte
o Infancy = tot 12 maanden
o Toddlerhood = 12-30 maanden
o Early childhood = 30 maanden–6 jaar
o Middle/late childhood = 6 jaar-begin puberteit
o Adolescence = begin puberteit-20 jaar
o Early adulthood = 20-30 jaar
o Established adulthood = 30-45 jaar
o Middle adulthood = 45-65 jaar
o Late adulthood = 65-overlijden
Een belangrijk thema is nature vs nurture.
Continue vs discontinue ontwikkeling vooral veel continue / psychologische ontwikkeling
continue, maar komt boven grens uit waardoor het opeens iets nieuws kan.
Bij ontwikkelingspsychologie vaak gemeten d.m.v.: observaties, rapportage (zelf / door
ouders, leerkrachten, leeftijdsgenoten). Fysiologie, onderzoeksdesign (cross sectioneel vs
longitudinaal).
Academisch schrijven:
Niet hoe, maar waarom schrijf ik!
schrijven om te denken is fundamenteel anders dan schrijven voor een lezer.
mensen begrijpen dingen verkeerd / stoppen met lezen werk voor niets gedaan.
Wat hebben academische lezers nodig?
vraag antwoord Hoe Onderdeel
1. Waar gaat Onderwerp Noemen/beschrijven Titel, abstract, begin
dit over? van onderwerp introductie
2. Wie denk je Ik weet wat jullie Literature review 1e helft introductie
wel niet dat over dit onderwerp over het onderwerp (onderdeel van
je bent? denken literatuur theoretisch kader)
3. Ok leuk, Jullie denken over Maar… (hoe ze Midden introductie
maar wat dit dingetje verkeerd zitten) probleem voor lezer /
, boeit mij dit? verkeerd dat beschrijven relevantie
heeft gevolgen gevolgen
4. Oh, dat is Wij hebben Oplossing 2e helft introductie
een oplossing, namelijk: argument, waarom literature review /
probleem, (idee) denk je dat dit de onderzoeksvraag en
wat nu? oplossing is (op hypothese
basis van literatuur)
5. Werkt dit o Testen Dit onderzoek Laatste alinea
ook echt? o Of literatuur gedaan, dit introductie
over gevonden, methoden/resultaten/1e
reviewen veel/weinig alinea
vertrouwen in discussie/gedeelte in
resultaten discussie waar je het
hebt over limitatie
6. Wat moet ik Dit is dus nu hoe o Interpretaties Rest van de discussie
hier nu jullie anders over geven
mee? dingen moeten o Claims
denken maken
o Implicaties
beschrijven
Focus op de lezer die je tekst aan het lezen is.
HOORCOLLEGE 2 (6 FEBRUARI) – EVOLUTIONAIRE ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE
Het is lastig om met het blote oog te zien hoe een embryo er in de toekomst uit zal gaan
zien. Veel van psychologie gaat over waarom mensen zijn wie ze zijn en doen wat ze doen,
maar die vraag is bijna niet te beantwoorden zonder ook te kijken naar hoe we worden wie
we zijn. Wanneer beginnen bijv. verschillen tussen mensen en chimpansees? hoe ouder
we worden hoe groter de verschillen.
Genotype in combinatie met omgeving = fenotype gaat niet altijd goed, dus daarom zit er
een bepaald filter op genotypes. Niet iedereen is instaat om zich voor te plannen =
natuurlijke selectie. grootse deel van onze huidige genen zijn het resultaat van miljoenen
jaren natuurlijke selectie.
survival of the fittest klopt niet helemaal fit is niet sportief fit, maar de persoon die het
beste bij de omgeving past & je hoeft niet het beste te passen bij de omgeving, alleen maar
goed genoeg dus survival of the fit enough zou beter zijn.
Evolutie is een theorie, maar er is wel veel bewijs voor:
o Knock-out studies we gaan van genotype naar fenotype brengen ook onderling
veranderingen aan. Bij zo’n studie schakel je een bepaald gen uit en kijk je wat er
dan gebeurt. d.m.v. genetica kun je dus wel degelijk iets zeggen over of ze
gemeenschappelijke voorouders hadden.
o Natuurlijke selectie in het lab fruitvliegjes in donkere/lichte omgeving na verloop
van generaties leefde alleen nog fruitvliegjes die zich in de donkere omgeving
bevonden, en andersom.
o lastiger in de echte wereld in Chernobyl uiteindelijk bacteriën resistenter
geworden tegen radioactieve stralingen.
Evolutie is dus niet alleen maar een theorie en ook een observeerbaar fenomeen.
Haanraads, I. (Inke)
,ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE AANTEKENINGEN
HOORCOLLEGE 1 (3 FEBRUARI) – INTRODUCTIE ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE
Ontwikkelingspsychologie = houdt zich bezig met verandering van psychologie doorheen het
leven psychologie van verandering bijv. biologische veranderingen.
We leren ontwikkelingspsychologie, omdat we ontwikkeling willen begrijpen, voorspellen en
om eventuele problemen te voorkomen.
Belangrijke principes ontwikkelingspsychologie:
o Plasticiteit dingen zijn veranderbaar
o Hele levensloop dus niet alleen focus op vroege ontwikkeling
o Multidimensionaal verschillende domeinen beïnvloeden elkaar
o Multidirectioneel ontwikkeling betekent niet dat er alleen groei is, maar ook juist
afname van bepaalde dingen.
o Contextueel afhankelijk van omgeving
Er zijn verschillende ontwikkelingsfasen (mensen kunnen hier andere grenzen in hebben):
o Prenatal development = alles voor geboorte
o Infancy = tot 12 maanden
o Toddlerhood = 12-30 maanden
o Early childhood = 30 maanden–6 jaar
o Middle/late childhood = 6 jaar-begin puberteit
o Adolescence = begin puberteit-20 jaar
o Early adulthood = 20-30 jaar
o Established adulthood = 30-45 jaar
o Middle adulthood = 45-65 jaar
o Late adulthood = 65-overlijden
Een belangrijk thema is nature vs nurture.
Continue vs discontinue ontwikkeling vooral veel continue / psychologische ontwikkeling
continue, maar komt boven grens uit waardoor het opeens iets nieuws kan.
Bij ontwikkelingspsychologie vaak gemeten d.m.v.: observaties, rapportage (zelf / door
ouders, leerkrachten, leeftijdsgenoten). Fysiologie, onderzoeksdesign (cross sectioneel vs
longitudinaal).
Academisch schrijven:
Niet hoe, maar waarom schrijf ik!
schrijven om te denken is fundamenteel anders dan schrijven voor een lezer.
mensen begrijpen dingen verkeerd / stoppen met lezen werk voor niets gedaan.
Wat hebben academische lezers nodig?
vraag antwoord Hoe Onderdeel
1. Waar gaat Onderwerp Noemen/beschrijven Titel, abstract, begin
dit over? van onderwerp introductie
2. Wie denk je Ik weet wat jullie Literature review 1e helft introductie
wel niet dat over dit onderwerp over het onderwerp (onderdeel van
je bent? denken literatuur theoretisch kader)
3. Ok leuk, Jullie denken over Maar… (hoe ze Midden introductie
maar wat dit dingetje verkeerd zitten) probleem voor lezer /
, boeit mij dit? verkeerd dat beschrijven relevantie
heeft gevolgen gevolgen
4. Oh, dat is Wij hebben Oplossing 2e helft introductie
een oplossing, namelijk: argument, waarom literature review /
probleem, (idee) denk je dat dit de onderzoeksvraag en
wat nu? oplossing is (op hypothese
basis van literatuur)
5. Werkt dit o Testen Dit onderzoek Laatste alinea
ook echt? o Of literatuur gedaan, dit introductie
over gevonden, methoden/resultaten/1e
reviewen veel/weinig alinea
vertrouwen in discussie/gedeelte in
resultaten discussie waar je het
hebt over limitatie
6. Wat moet ik Dit is dus nu hoe o Interpretaties Rest van de discussie
hier nu jullie anders over geven
mee? dingen moeten o Claims
denken maken
o Implicaties
beschrijven
Focus op de lezer die je tekst aan het lezen is.
HOORCOLLEGE 2 (6 FEBRUARI) – EVOLUTIONAIRE ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE
Het is lastig om met het blote oog te zien hoe een embryo er in de toekomst uit zal gaan
zien. Veel van psychologie gaat over waarom mensen zijn wie ze zijn en doen wat ze doen,
maar die vraag is bijna niet te beantwoorden zonder ook te kijken naar hoe we worden wie
we zijn. Wanneer beginnen bijv. verschillen tussen mensen en chimpansees? hoe ouder
we worden hoe groter de verschillen.
Genotype in combinatie met omgeving = fenotype gaat niet altijd goed, dus daarom zit er
een bepaald filter op genotypes. Niet iedereen is instaat om zich voor te plannen =
natuurlijke selectie. grootse deel van onze huidige genen zijn het resultaat van miljoenen
jaren natuurlijke selectie.
survival of the fittest klopt niet helemaal fit is niet sportief fit, maar de persoon die het
beste bij de omgeving past & je hoeft niet het beste te passen bij de omgeving, alleen maar
goed genoeg dus survival of the fit enough zou beter zijn.
Evolutie is een theorie, maar er is wel veel bewijs voor:
o Knock-out studies we gaan van genotype naar fenotype brengen ook onderling
veranderingen aan. Bij zo’n studie schakel je een bepaald gen uit en kijk je wat er
dan gebeurt. d.m.v. genetica kun je dus wel degelijk iets zeggen over of ze
gemeenschappelijke voorouders hadden.
o Natuurlijke selectie in het lab fruitvliegjes in donkere/lichte omgeving na verloop
van generaties leefde alleen nog fruitvliegjes die zich in de donkere omgeving
bevonden, en andersom.
o lastiger in de echte wereld in Chernobyl uiteindelijk bacteriën resistenter
geworden tegen radioactieve stralingen.
Evolutie is dus niet alleen maar een theorie en ook een observeerbaar fenomeen.