Aantekeningen werkgroep
Werkgroep 1: Vereniging, coöperatie, OWM en stichting
Mag een stichting commerciële activiteiten ontplooien?
Art. 2:285 lid 1 BW. Het is geen vereiste om een ideëel doel te hebben.
Een stichting mag dus wel winst maken, dit is geoorloofd. Een stichting
kan derhalve een onderneming drijven in de zin van de Hrgw 2007, gericht
op het maken van winst.
Uitkeringsverbod? Het doel van de stichting mag niet inhouden het doen
van uitkering aan hen die deel uitmaken van haar organen 2:285 lid 3
BW.
Uitkering = alle handelingen om niet of prestatie waartegen niet een
gelijkwaardige tegenprestatie staat. Uitkering aan derden mag niet
geschieden, tenzij wat hen betreft de uitkeringen ideële of sociale
strekking hebben.
Wanneer het gaat om bijvoorbeeld een marktconform salaris is er sprake
van gelijkwaardigheid. Het is geen bovenmatige prestatie en het is geen
uitkering.
Art. 2:286 lid 4 sub c ontslagbevoegdheid van de stichting. Dit moet zijn
opgenomen in de statuten en uit de casus blijken dat het daadwerkelijk in
de statuten is opgenomen!
Art. 2:298 een bestuurder kan, onder bijzondere omstandigheden, op
verzoek van een belanghebbende dor de rechtbank worden ontslagen.
HR ANV Fondsen: wie zijn belanghebbende?
- Formeel belanghebbenden = degene die bij uitkomst procedure
eigen belang hebben (bijvoorbeeld de bestuurders)
1. Dit belang wordt verondersteld
- Informeel belanghebbenden = degene die op andere wijze zo nauw
zijn betrokken bij onderwerp procedure dat zij o.g.v. die
betrokkenheid belang hebben in procedure te verschijnen
(bijvoorbeeld ex bestuurder)
1. Moeten specifiek en concreet belang stellen dat tevens moet
blijken
Ontslaggronden van art. 2:298 BW:
- Taakverwaarlozing
1. Onbehoorlijke taakvervulling 2:9 BW
2. Doen of nalaten in strijd met de wet of statuten
3. Financieel wanbeheer
- Andere gewichtige redenen
1. Disfunctioneren stichting als gevolg van impasse
, - Ingrijpende wijziging van omstandigheden
1. Door fusie nieuwe samenstelling bestuur nodig
2. Aanzien van of vertrouwen in bestuurder objectief
gerechtvaardigd weggevallen
- Niet (behoorlijk) voldoen aan rechtelijk bevel van art. 2:297 BW
Verschil tussen een formele en informele vereniging:
- Formele vereniging notariële akte (2:27 BW)
- Informele vereniging vormvrij (2:28 lid 1 BW)
1. HR Bandidos r.o. 3.4.1
Formele vereniging Informele vereniging
Oprichting Notariële akte (2:27 Vormvrij (2:28 lid 1 en
BW) 2:30 lid 1 BW)
Rechtsbevoegdheid Mag alles Geen registergoederen
verkrijgen en geen
erfgenaam zijn (2:30
lid 1)
Aansprakelijkheid Geen hoofdelijke Bestuurders hoofdelijk
aansprakelijkheid aansprakelijk voor
bestuurders rechtshandelingen die
tijdens het bestuur
openbaar worden
(2:30 lid 2)
Handelsregister Inschrijving in Inschrijving is niet
handelsregister is verplicht (2:30 lid 3).
verplicht (2:29 lid 1). Indien inschrijving
bestuur slechts
Vergeten? Hoofdelijke subsidiair
aansprakelijkheid aansprakelijkheid (lid
bestuurder voor 4)
rechtshandeling die
vereniging bindt.
Informele vereniging omzetten naar formele vereniging statuten
opnemen in een notariële akte. De algemene vergadering moet daartoe
besluiten (2:28 lid 1).
Art. 2:45 lid 2 tweehandtekeningenclausule. Deze wettelijke beperking
moet zijn ingeschreven in het handelsregister (art. 28 lid 1 sub a Hrb).
Alleen dan kan de vereniging zich erop beroepen (2:6 lid 2 BW jo. 25 lid 1
Hrw). De vereniging kan zich er dan tegenover derde op beroepen.
Tentamenvraag over vertegenwoordiging en wettelijke beperking hiervan!
art. 2:35 lid 1 – gronden voor einde lidmaatschap:
- De dood van het lid
- Opzegging door het lid
- Opzegging door de vereniging
1. In gevallen genoemd in de statuten (2:35 lid 2)
, 2. Lid opgehouden te voldoen aan vereisten door statuten voor
lidmaatschap gesteld
3. Van vereniging kan redelijkerwijs niet worden gevergd
lidmaatschap te laten voortduren
- Ontzetting/royement
1. Lid handelt in strijd met statuten, reglementen of besluiten
vereniging (2:35 lid 3)
2. Lid benadeelt vereniging op onredelijke wijze (2:35 lid 3)
Ontzetting vs. Opzegging:
- Zowel ontzetting als opzegging vinden met onmiddellijke ingang
plaats indien voortzetting lidmaatschap in redelijkheid niet kan
worden gevergd (2:36 lid 1 laatste volzin)
- Ontzetting heeft disciplinair of tuchtrechtelijke karakter
- 2:45 lid 4: beroepsmogelijkheid tegen ontzetting bij ALV
Coöperatie = bijzondere vereniging (2:53 lid 1). 2:53a lid 1 BW kunnen
toepassen op het tentamen! Let altijd op de uitzonderingen opgenomen in
dit artikel.
Oprichting coöperatie:
- Meerzijdige rechtshandeling (2:53a lid 1 jo. 2:26 lid 2 BW) +
notariële akte (2:54 en 2:53a lid 1 jo. 2:27 BW)
- Andere vereisten, niet zijnde vereisten voor geldigheid oprichting:
1. 2:54 lid 2 (naam coöperatief bevatten, naam moet W.A., B.A.
of U.A. bevatten aan het einde van de naam)
2. 2:53a lid 1 jo. 2:27
3. Coöperatie moet ingevolge 6 lid 1 sub a Hrgw 2007 worden
ingeschreven in het handelsregister (2:53a lid 1 jo. 2:29 lid 1
BW)
Ontslag lid Raad van Toezicht:
- 2:53a lid 1 jo. 2:47 BW
- 2:47a lid 1 jo. 2:37 lid 6 jo. 2:37 lid 2 BW
Dubbele rechtsverhouding tussen lid en OWM: lidmaatschap &
verzekeringsovereenkomst. Duur lidmaatschap gekoppeld aan door lid
gesloten verzekeringsovereenkomst (2:62 sub b). Tenzij de statuten iets
anders hebben bepaald.
Werkgroep 1: Vereniging, coöperatie, OWM en stichting
Mag een stichting commerciële activiteiten ontplooien?
Art. 2:285 lid 1 BW. Het is geen vereiste om een ideëel doel te hebben.
Een stichting mag dus wel winst maken, dit is geoorloofd. Een stichting
kan derhalve een onderneming drijven in de zin van de Hrgw 2007, gericht
op het maken van winst.
Uitkeringsverbod? Het doel van de stichting mag niet inhouden het doen
van uitkering aan hen die deel uitmaken van haar organen 2:285 lid 3
BW.
Uitkering = alle handelingen om niet of prestatie waartegen niet een
gelijkwaardige tegenprestatie staat. Uitkering aan derden mag niet
geschieden, tenzij wat hen betreft de uitkeringen ideële of sociale
strekking hebben.
Wanneer het gaat om bijvoorbeeld een marktconform salaris is er sprake
van gelijkwaardigheid. Het is geen bovenmatige prestatie en het is geen
uitkering.
Art. 2:286 lid 4 sub c ontslagbevoegdheid van de stichting. Dit moet zijn
opgenomen in de statuten en uit de casus blijken dat het daadwerkelijk in
de statuten is opgenomen!
Art. 2:298 een bestuurder kan, onder bijzondere omstandigheden, op
verzoek van een belanghebbende dor de rechtbank worden ontslagen.
HR ANV Fondsen: wie zijn belanghebbende?
- Formeel belanghebbenden = degene die bij uitkomst procedure
eigen belang hebben (bijvoorbeeld de bestuurders)
1. Dit belang wordt verondersteld
- Informeel belanghebbenden = degene die op andere wijze zo nauw
zijn betrokken bij onderwerp procedure dat zij o.g.v. die
betrokkenheid belang hebben in procedure te verschijnen
(bijvoorbeeld ex bestuurder)
1. Moeten specifiek en concreet belang stellen dat tevens moet
blijken
Ontslaggronden van art. 2:298 BW:
- Taakverwaarlozing
1. Onbehoorlijke taakvervulling 2:9 BW
2. Doen of nalaten in strijd met de wet of statuten
3. Financieel wanbeheer
- Andere gewichtige redenen
1. Disfunctioneren stichting als gevolg van impasse
, - Ingrijpende wijziging van omstandigheden
1. Door fusie nieuwe samenstelling bestuur nodig
2. Aanzien van of vertrouwen in bestuurder objectief
gerechtvaardigd weggevallen
- Niet (behoorlijk) voldoen aan rechtelijk bevel van art. 2:297 BW
Verschil tussen een formele en informele vereniging:
- Formele vereniging notariële akte (2:27 BW)
- Informele vereniging vormvrij (2:28 lid 1 BW)
1. HR Bandidos r.o. 3.4.1
Formele vereniging Informele vereniging
Oprichting Notariële akte (2:27 Vormvrij (2:28 lid 1 en
BW) 2:30 lid 1 BW)
Rechtsbevoegdheid Mag alles Geen registergoederen
verkrijgen en geen
erfgenaam zijn (2:30
lid 1)
Aansprakelijkheid Geen hoofdelijke Bestuurders hoofdelijk
aansprakelijkheid aansprakelijk voor
bestuurders rechtshandelingen die
tijdens het bestuur
openbaar worden
(2:30 lid 2)
Handelsregister Inschrijving in Inschrijving is niet
handelsregister is verplicht (2:30 lid 3).
verplicht (2:29 lid 1). Indien inschrijving
bestuur slechts
Vergeten? Hoofdelijke subsidiair
aansprakelijkheid aansprakelijkheid (lid
bestuurder voor 4)
rechtshandeling die
vereniging bindt.
Informele vereniging omzetten naar formele vereniging statuten
opnemen in een notariële akte. De algemene vergadering moet daartoe
besluiten (2:28 lid 1).
Art. 2:45 lid 2 tweehandtekeningenclausule. Deze wettelijke beperking
moet zijn ingeschreven in het handelsregister (art. 28 lid 1 sub a Hrb).
Alleen dan kan de vereniging zich erop beroepen (2:6 lid 2 BW jo. 25 lid 1
Hrw). De vereniging kan zich er dan tegenover derde op beroepen.
Tentamenvraag over vertegenwoordiging en wettelijke beperking hiervan!
art. 2:35 lid 1 – gronden voor einde lidmaatschap:
- De dood van het lid
- Opzegging door het lid
- Opzegging door de vereniging
1. In gevallen genoemd in de statuten (2:35 lid 2)
, 2. Lid opgehouden te voldoen aan vereisten door statuten voor
lidmaatschap gesteld
3. Van vereniging kan redelijkerwijs niet worden gevergd
lidmaatschap te laten voortduren
- Ontzetting/royement
1. Lid handelt in strijd met statuten, reglementen of besluiten
vereniging (2:35 lid 3)
2. Lid benadeelt vereniging op onredelijke wijze (2:35 lid 3)
Ontzetting vs. Opzegging:
- Zowel ontzetting als opzegging vinden met onmiddellijke ingang
plaats indien voortzetting lidmaatschap in redelijkheid niet kan
worden gevergd (2:36 lid 1 laatste volzin)
- Ontzetting heeft disciplinair of tuchtrechtelijke karakter
- 2:45 lid 4: beroepsmogelijkheid tegen ontzetting bij ALV
Coöperatie = bijzondere vereniging (2:53 lid 1). 2:53a lid 1 BW kunnen
toepassen op het tentamen! Let altijd op de uitzonderingen opgenomen in
dit artikel.
Oprichting coöperatie:
- Meerzijdige rechtshandeling (2:53a lid 1 jo. 2:26 lid 2 BW) +
notariële akte (2:54 en 2:53a lid 1 jo. 2:27 BW)
- Andere vereisten, niet zijnde vereisten voor geldigheid oprichting:
1. 2:54 lid 2 (naam coöperatief bevatten, naam moet W.A., B.A.
of U.A. bevatten aan het einde van de naam)
2. 2:53a lid 1 jo. 2:27
3. Coöperatie moet ingevolge 6 lid 1 sub a Hrgw 2007 worden
ingeschreven in het handelsregister (2:53a lid 1 jo. 2:29 lid 1
BW)
Ontslag lid Raad van Toezicht:
- 2:53a lid 1 jo. 2:47 BW
- 2:47a lid 1 jo. 2:37 lid 6 jo. 2:37 lid 2 BW
Dubbele rechtsverhouding tussen lid en OWM: lidmaatschap &
verzekeringsovereenkomst. Duur lidmaatschap gekoppeld aan door lid
gesloten verzekeringsovereenkomst (2:62 sub b). Tenzij de statuten iets
anders hebben bepaald.