Tentamen Methoden & Technieken 1, woensdag 27 mei 2020, 13.30 - 15.30
Vul hier je naam en studentnummer in
Naam:
Studentnummer: =
Het tentamen is uiteraard een individueel tentamen. We gaan ervan uit dat jullie er op een
ethische manier mee omgaan.
Het tentamen bestaat uit zes opgaven.
Kijk eerst even vluchtig naar alle opgaven. De eerste vijf opgaven hebben betrekking op
Statistiek en Analyse Software, de zesde opgave betreft een theorievraag over GIS/Cartografie.
De antwoorden moeten op de daartoe aangegeven plekken worden ingetikt (je kunt de ruimte
gebruiken die je nodig hebt).
Zorg dat je de wijzigingen in het document (jouw antwoorden dus) regelmatig saved.
Aan het einde van het tentamen moet deze file worden geupload naar de inleverbox Tentamen
op Canvas. De deadline voor uploaden is om 15:35. Te laat uploaden heeft uiteraard
consequenties. Stop dus uiterlijk om 15:30 met het tentamen zodat je genoeg tijd hebt voor
het uploaden. Mocht het uploaden om een of andere reden niet lukken stuur het tentamen
dan zo snel mogelijk per mail naar
Studenten met een dyslexie verklaring of een andere relevante verklaring die ze recht geeft op
extra tijd bij tentamens hebben 30 minuten langer de tijd, dus tot 16:05.
Mocht er zich onverhoopt een groot (niet-inhoudelijk) probleem voordoen waardoor je niet
verder kan werken, neem dan onmiddellijk contact op via de mail met Els Veldhuizen
().
1
, Opgave 1 (12 punten; bij de deelopgaven 4, 4, 2 en 2)
Hieronder staan twee onderzoeksvragen.
1. Is er een trend dat het aantal inwoners van Afrikaanse steden groter is naarmate de steden
dichter bij de zee liggen?
2. Hebben de huishoudens op Terschelling allemaal ongeveer evenveel kinderen, of zijn er juist
grote verschillen in kindertal?
Beantwoord naar aanleiding van deze onderzoeksvragen de volgende vragen.
a. Wat zijn bij de eerste onderzoeksvraag de onderzoekseenheden en de variabele(n), en wat is
het schaalniveau van de variabele(n)?
b. Wat zijn bij de tweede onderzoeksvraag de onderzoekseenheden en de variabele(n), en wat is
het schaalniveau van de variabele(n)?
c. Welke maat zou geschikt zijn om de eerste onderzoeksvraag te beantwoorden?
d. Welke maat zou geschikt zijn om de tweede onderzoeksvraag te beantwoorden?
Vul hieronder de antwoorden in, inclusief de toelichtingen
Opgave 1a De onderzoekseenheden bij de eerste onderzoeksvraag zijn de Afrikaanse steden. De
variabelen zijn het aantal inwoners en de afstand tot de zee. Het aantal inwoners heeft het
schaalniveau ratio en de variabele afstand tot zee heeft ook het schaalniveau ratio.
Opgave 1b De onderzoekseenheden bij de tweede onderzoeksvraag zijn de huishoudens op
Terschelling. De variabelen zijn het aantal kinderen. De variabele kinderen heeft het schaalniveau
ratio.
Opgave 1c De maat die geschikt is om de eerste onderzoeksvraag te beantwoorden is de maat van
Pearson. Dit is de productmoment correlatiecoëfficiënt (r), het gaat hier namelijk om ratio. Deze
maat is goed te gebruiken omdat met de maat de precieze waarden van de variabelen worden
berekend.
Opgave 1d Bij de tweede vraag wordt er gekeken naar de verschillen. Je gebruikt hierbij dus de
spreidingsmaat voor ratio variabelen. Als het gemiddelde de maat van centrale tendentie is
gebruik je de standaardafwijking (s). Hierbij kijk je naar de verschillen tussen de waarden en
kwadrateer je die verschillen om ze positief te maken. Als je de kwadraten op telt, krijg je de
variatie. Deel deze door n, dan krijg je de variantie. Als je hier de wortel uitneemt krijg je de
standaardafwijking.
2
Vul hier je naam en studentnummer in
Naam:
Studentnummer: =
Het tentamen is uiteraard een individueel tentamen. We gaan ervan uit dat jullie er op een
ethische manier mee omgaan.
Het tentamen bestaat uit zes opgaven.
Kijk eerst even vluchtig naar alle opgaven. De eerste vijf opgaven hebben betrekking op
Statistiek en Analyse Software, de zesde opgave betreft een theorievraag over GIS/Cartografie.
De antwoorden moeten op de daartoe aangegeven plekken worden ingetikt (je kunt de ruimte
gebruiken die je nodig hebt).
Zorg dat je de wijzigingen in het document (jouw antwoorden dus) regelmatig saved.
Aan het einde van het tentamen moet deze file worden geupload naar de inleverbox Tentamen
op Canvas. De deadline voor uploaden is om 15:35. Te laat uploaden heeft uiteraard
consequenties. Stop dus uiterlijk om 15:30 met het tentamen zodat je genoeg tijd hebt voor
het uploaden. Mocht het uploaden om een of andere reden niet lukken stuur het tentamen
dan zo snel mogelijk per mail naar
Studenten met een dyslexie verklaring of een andere relevante verklaring die ze recht geeft op
extra tijd bij tentamens hebben 30 minuten langer de tijd, dus tot 16:05.
Mocht er zich onverhoopt een groot (niet-inhoudelijk) probleem voordoen waardoor je niet
verder kan werken, neem dan onmiddellijk contact op via de mail met Els Veldhuizen
().
1
, Opgave 1 (12 punten; bij de deelopgaven 4, 4, 2 en 2)
Hieronder staan twee onderzoeksvragen.
1. Is er een trend dat het aantal inwoners van Afrikaanse steden groter is naarmate de steden
dichter bij de zee liggen?
2. Hebben de huishoudens op Terschelling allemaal ongeveer evenveel kinderen, of zijn er juist
grote verschillen in kindertal?
Beantwoord naar aanleiding van deze onderzoeksvragen de volgende vragen.
a. Wat zijn bij de eerste onderzoeksvraag de onderzoekseenheden en de variabele(n), en wat is
het schaalniveau van de variabele(n)?
b. Wat zijn bij de tweede onderzoeksvraag de onderzoekseenheden en de variabele(n), en wat is
het schaalniveau van de variabele(n)?
c. Welke maat zou geschikt zijn om de eerste onderzoeksvraag te beantwoorden?
d. Welke maat zou geschikt zijn om de tweede onderzoeksvraag te beantwoorden?
Vul hieronder de antwoorden in, inclusief de toelichtingen
Opgave 1a De onderzoekseenheden bij de eerste onderzoeksvraag zijn de Afrikaanse steden. De
variabelen zijn het aantal inwoners en de afstand tot de zee. Het aantal inwoners heeft het
schaalniveau ratio en de variabele afstand tot zee heeft ook het schaalniveau ratio.
Opgave 1b De onderzoekseenheden bij de tweede onderzoeksvraag zijn de huishoudens op
Terschelling. De variabelen zijn het aantal kinderen. De variabele kinderen heeft het schaalniveau
ratio.
Opgave 1c De maat die geschikt is om de eerste onderzoeksvraag te beantwoorden is de maat van
Pearson. Dit is de productmoment correlatiecoëfficiënt (r), het gaat hier namelijk om ratio. Deze
maat is goed te gebruiken omdat met de maat de precieze waarden van de variabelen worden
berekend.
Opgave 1d Bij de tweede vraag wordt er gekeken naar de verschillen. Je gebruikt hierbij dus de
spreidingsmaat voor ratio variabelen. Als het gemiddelde de maat van centrale tendentie is
gebruik je de standaardafwijking (s). Hierbij kijk je naar de verschillen tussen de waarden en
kwadrateer je die verschillen om ze positief te maken. Als je de kwadraten op telt, krijg je de
variatie. Deel deze door n, dan krijg je de variantie. Als je hier de wortel uitneemt krijg je de
standaardafwijking.
2