Week 1
Leerdoelen:
• Begrijpt de student de basisbeginselen van het verbintenissenrecht en kan hij de
relatie met de regels over de totstandkoming van overeenkomsten uitleggen;
Een verbintenis kunnen slechts ontstaan, indien dit uit de wet voortvloeit – art. 6:1 BW.
Het begrip verbintenis heeft twee betekenissen:
1. Een vermogensrechtelijke betrekking tussen twee of meer personen.
Deze kunnen ontstaan rechtstreeks uit de wet:
- Onrechtvaardige verrijking
- Onverschuldigde betaling
- Onrechtmatige daad
- Zaakwaarneming
Of uit rechtshandelingen
- Obligatoire overeenkomst (art. 3:33 BW).
Dit gaat dan door middel van een aanbod en aanvaarding.
2. Door een schuldenaar die verplicht is tot prestatie (= hetgeen waartoe de schuldenaar
zich heeft verplicht).
• Begrijpt de student de relatie tussen het verbintenissenrecht en het goederenrecht;
Beginselen van het verbintenissenrecht:
- Iedereen draagt zijn eigen schade
- Houdt rekening met de gerechtvaardigde belangen van anderen
- Relativiteit
- Contractvrijheid
- Pacta sunt servanda
Verhouding aansprakelijkheidsrecht en contractenrecht:
Primaire functies aansprakelijkheidsrecht en contractenrecht
Aansprakelijkheidsrecht: handhaving/herstel rechten slachtoffer
Contractenrecht: verwezenlijking autonomie burger
- Begrensd door bescherming autonomie wederpartij
Overlap en samenloop tussen contractuele en buitencontractuele
aansprakelijkheid
- Bij vordering tot schadevergoeding (art. 6:74 en 6:162 BW)
, o Vestiging aansprakelijkheid steeds causaal verband, toerekenbaarheid, schade
en relativiteit vereist
o Omvang schadevergoeding: dezelfde regels (afd. 6.1.10 BW, art. 6:95-110 BW)
- Bij vordering tot rechterlijk gebod of verbod (art. 3:296 BW) en verklaring
voor recht (art. 3:302 BW) ook dezelfde regels
- Daarbovenop ook andere remedies bij contractenrecht vanwege aard
rechtsverhouding
o Vernietiging/nietigheid/bedenktijd bij probleem totstandkomingsfase
o Ontbinding, opschorting, bijzondere vormen van nakoming in uitvoeringsfase
Contract van begin tot eind
- Precontractuele fase
- Contracteerfase
- Uitvoeringsfase
- Beëindigingsfase
- Postcontractuele fase
• Kan de student de regels over de totstandkoming van de overeenkomst en over
informatieplichten en bedenktijden bij consumentenovereenkomsten toepassen op
een verbintenisrechtelijke casus.
Vereisten voor totstandkoming:
Wilsovereenstemming → want contractsvrijheid
- Aanbod
- Aanvaarding
- Verklaringen in de zin van art. 3:37 BW Vormvrij (lid 1)
- Moeten wederpartij hebben bereikt (lid 3)
- Verklaring moet niet zijn ingetrokken door snellere verklaring (lid 5)
- Rechtshandelingen in de zin van art. 3:33 en 3:35 BW
- Op rechtsgevolg gerichte wil
- Geopenbaard door met wil overeenstemmende verklaring
Wilsvertrouwensleer (art. 3:33, 3:35 BW)
In beginsel alleen rechtshandeling indien er een wil is om rechtstoestand te wijzigen die wordt
geopenbaard door met wil overeenstemmende verklaring.
Bescherming gerechtvaardigd vertrouwen wederpartij
1. Vertrouwen bij wederpartij dat verklaring = wil
2. Gerechtvaardigd vertrouwen
- Bij twijfel: evt. onderzoeksplicht of verklaring = wil
3. Toedoen verklarende partij
Geestelijke stoornis – art. 3:34 BW.
Overeenkomst is vernietigbaar (lid 2) tenzij te goeder trouw art. 3:35 BW (wederpartij kon niet
weten van de geestelijke stoornis).
,Informatieplichten consumentenovereenkomst
Bij veel consumentenovereenkomsten gelden informatieplichten. Dat geldt zowel voor koop
binnen verkoopruimte als koop op afstand als voor koop buiten verkoopruimte.
Verschillende artikelen zijn belangrijk:
- Art. 6:230g-6:230m BW
Ook informatieplicht bij onlinemarktplaatsen → art. 6:230m lid 3 BW.
- Sanctie is (nog) onbekend.
Bedenktijd consumentenovereenkomst
Ontbindingsbevoegdheid tijdens bedenktijd → art. 6:230O BW
- Bedenktijd bedraagt 14 dagen (bij consumentenkoop gaat dit in vanaf de dag waarop
de zaak wordt afgeleverd)
Gevolgen ontbinding: art. 6:230q – art. 6:230s BW
- Verplichting tot nakoming vervalt
- Terugbetaling (inclusief verzendkosten) art. 6:230r BW
Binnen 14 dagen na ontvangst ontbindingsverklaring en retour zaken/bewijs van
verzending → art. 6:230r lid 1 en 4 BW.
Consument moet:
- Terugzending zaken – art. 6:230s BW
Samenvatting: eerst moet de consument de geleverde zaken terug zenden pas na ontvangst
(of bewijs) wordt de consument door de handelaar terugbetaald.
Soms heb je geen bedenktijd – art. 6:230p BW
Week 2
• Kan de student de regels over wilsgebreken en andere gronden voor nietigheid of
vernietiging van een overeenkomst, rechtshandeling of beding en de gevolgen van
nietigheid toepassen op een casus;
Nietigheden:
Vormvoorschriften, strijd met de wet. Art. 3:39 BW – vormvoorschriften
In beginsel is een overeenkomst vormvrij (art. 3:37 lid 1 BW)
Soms gelden er wel wettelijke vormvereisten:
- Koop woning door consument (art. 7:2 lid 1 BW) schriftelijk
- Non-concurrentie arbeidsovereenkomst (art. 7:653 BW) schriftelijk
- Opzegging huur woning (art. 7:271 lid 3 BW) aangetekend
- Huwelijkse voorwaarden (art. 1:115 BW) notariële akte
Wet = wet in formele zin
Sanctie geldt niet voor contractuele vormvoorschriften
Vormvereiste geldt ook voor een voorovereenkomst (art. 6:226 BW).
, Functies van vormvoorschriften:
- Bescherming van (zwakkere) partijen
- Rechtszekerheid partijen
- Bescherming derden (rechtszekerheid)
- Bewijs bestaan rechtshandeling
Sanctie bij schending vormvoorschrift: rechtshandeling is niet geldig (nietig) art. 3:39 BW –
dus er is nog geen overeenkomst verricht. Tenzij de wet anders bepaalt indien alleen
bewijsfunctie (geldig).
Sanctie schending vormvoorschriften (art. 7:2 lid 1 BW)
- Koop woning door consument
Beroep op nietigheid kan in strijd zijn met redelijkheid en billijkheid zijn: opzegging door
huurder moet aangetekend zijn (art. 7:271 lid 3 BW), maar mondeling/schriftelijk soms ook
indien ontvangst vaststaat.
Stijd met de wet – art. 3:40 lid 2 BW.
Toepassing van deze wet:
- Een wet in formele zin of een verdrag of het EU recht.
- Mits dwingend recht
- Wetsbepaling verbiedt verrichten rechtshandeling
▪ Opzegging behandelingsovk door arts (art. 7:460 BW)
▪ Afwijking bepalingen consumentenkoop (art. 7:6 BW)
▪ Verkopen van product aan consument ex BTW (art. 38 Wet op de
Omzetbelasting 1968)
Sanctie in geval van strijd met de wet – leidt tot nietigheid tenzij bescherming van 1 partij:
vernietigbaar door die partij. Tenzij uit strekking bepaling anders volgt???
Art. 3:40 lid 1 BW – goede zeden en openbare orde. De rechtshandeling is niet bij de wet
verboden, wel in strijd met algemene opvattingen/algemeen belang. Sanctie hierop is
nietigheid (en rechter moet ambtshalve toepassen).
Onverschuldigde betaling – art. 6:203 BW
Een uitgangspunt in het recht is dat niemand zomaar iets voor niks doet en de gedachte is
natuurlijk dat je geen prestatie hoeft te leveren als er geen geldige reden voor die prestatie is.
Als je nou toch die prestatie hebt verricht al dan niet per ongeluk dan heb je in beginsel recht
op ongedaan making daarvan. Dit noemen we onverschuldigde betaling. Je mag de prestatie
die je geleverd hebt terugvorderen.
- Lid 1) zaak moet terug
- Lid 2) prijs moet ook terug
Tot het moment van teruggegeven moet er netjes voor de zaak gezorgd worden (art. 6:27 BW)
- Art. 6:204 lid 1 BW
- Kosten gemaakt om voor de zaak te zorgen? → Voor zover redelijk recht op
vergoeding (art. 6:207 BW).