Werkcollege 3 – aansprakelijkheid voor zaken en dieren
Opdracht 1
Eveline is na afronding van haar masteropleiding Fiscaal Recht aan Tilburg University
begonnen als advocaat–stagiaire bij een kantoor in Tilburg. Zij verhuist naar Tilburg om
dichter bij het kantoor te wonen. Beste vriendin Selma bewondert na de verhuizing het
nieuwe appartement van Eveline. Selma heeft vooral interesse in de gloednieuwe zware
industriële stellingkast van het merk Berliner die Eveline tegen een muur heeft gezet. Door
de open uitstraling is het een echte eyecatcher in haar woonkamer. Wanneer Eveline in de
keuken koffie zet, hoort zij plotseling een hels kabaal uit de woonkamer. De onderste plank
van de stellingkast is losgeschoten door een fout in het productieproces, waardoor de kast is
omgevallen en is neergekomen op Selma. Selma loopt als gevolg van dit ongeval een
gebroken pols en verschillende kneuzingen aan beide armen op. Na een bezoek aan de
EHBO worden de ziekenhuiskosten ter hoogte van € 2500 vastgesteld. Daarnaast is haar
nieuwe designerblouse gescheurd door het ongeval. Deze blouse kostte € 250 en is
onherstelbaar beschadigd.
Vraag 1a
Kan Selma met succes Berliner aanspreken voor de door haar geleden schade? Motiveer uw
antwoord.
Het gaat hier om productaansprakelijkheid. Volgens art. 6:185 BW is een producent
aansprakelijk voor schade veroorzaakt door een gebrek in zijn product. Aan de
voorwaarden moet zijn voldaan:
1. Gebrek in product: de stellingkast vertoonde een gebrek want de onderste
plank was losgeschoten door een productiefout.
2. Schade: Selma heeft haar pols gebroken en heeft kneuzingen in haar arm, er
zijn ziekenhuiskosten (2500) en haar blouse is onherstelbaar beschadigd (250).
3. Causaal verband: doordat de onderste plank van de kast was losgeschoten, is
de kast op Selma gevallen waardoor zij schade heeft geleden. Er is een direct
oorzakelijk verband tussen het gebrek en de schade.
Aan alle voorwaarden is voldaan, dus kan Selma met succes Berliner aanspreken voor
de door haar geleden schade.
Art. 6:185 lid 1 BW: productaansprakelijkheid:
1. Producent: er is sprake van een producent, want Berliner is de fabrikant van
het eind product, art. 6:187 lid 2 BW.
2. Product: er is sprake van een product, want een kast is een roerende zaak en
een product in de zin van het productaansprakelijkheidsrichtlijn.
3. Gebrek: de kast is gebrekkig, want je mag verwachten dat de kast niet zomaar
uit elkaar valt. De kast biedt niet de veiligheid die men van hem mag
verwachten.
4. Schade: de kosten voor het ziekenhuis worden vergoed op grond van art. 6:190
sub a BW, de kosten van de blouse worden niet vergoed door de producent,
want sub b.
5. Causaal verband: er is sprake van een causaal verband want vanwege de
gebrekkige kast is hij omgevallen en heeft Selma schade geleden.
Aan alle vereisten is voldaan, dus is de producent aansprakelijk voor de
ziekenhuiskosten.
, Vraag 1b
Het blijkt dat Berliner slechts het merk van de kast is. De Tsjechische firma ToKas is de ware
producent. Kan Berliner zich jegens Selma verweren met de stelling dat zij aan het
verkeerde adres is met haar schadevordering?
De definitie van producent, art. 6:187 BW:
- De fabrikant van eindproduct
- De producent van grondstof
- De fabrikant van een onderdeel
- Iedere persoon die zichzelf als producent presenteert door zijn naam, merk of
ander onderscheidend teken op het product aan te brengen.
Berliner heeft zijn merk op de stellingkast aangebracht en kan dus in de zin van art.
6:187 worden aangemerkt als producent. Berliner kan dus niet aanvoeren dat Selma
aan het verkeerde adres is met haar schadevordering.
Berliner presenteert zich als producent door zijn naam op het product te zetten.
Berliner is quasi producent.
Vraag 1c
Kan Selma met succes Eveline aanspreken voor de door haar geleden schade? Motiveer uw
antwoord.
We kijken naar de onrechtmatige daad, art. 6:162 BW. Als aan de voorwaarden voor
OD is voldaan kan Selma met succes Eveline aanspreken voor haar schade:
1. Onrechtmatigheid: de handeling van Eveline moet onrechtmatig zijn. Eveline
handelt niet onrechtmatig aangezien zij zelf de kast niet heeft geproduceerd, er
is geen direct handelen van Eveline.
2. Toerekenbaarheid: het onrechtmatige handelen moet kunnen worden
toegerekend. Eveline is niet verantwoordelijk voor het productieproces van de
kast, dus dit kan waarschijnlijk niet aan haar worden toegerekend.
3. Schade: er is sprake van schade, Selma heeft haar pols gebroken en heeft
kneuzingen in haar arm, er zijn ziekenhuiskosten (2500) en haar blouse is
onherstelbaar beschadigd (250).
4. Causaal verband: er moet een causaal verband zijn tussen het handelen van
Eveline en de schade, die is er niet.
Selma kan niet met succes Eveline aanspreken voor de door haar geleden schade, de
aansprakelijkheid ligt meer bij de producent van de stellingkast.
Art. 6:173 lid 1 BW: aansprakelijk stellen van de bezitter van een gebrekkig roerende
zaak. De vereisten:
1. Bezitter: Eveline is bezitter, want zij houdt de kast voor zichzelf en is eigenaar.
2. Roerende zaak: de kast is een roerende zaak, art. 3:3 BW.
3. Gebrek: de kast voldoet niet aan de eisen die men mag verwachten. Wanneer er
sprake is van een intrinsiek gebrek, een abnormaal kenmerk of een eigenschap
die een zaak niet behoort -> dan sprake van gebrek.
4. Bijzonder gevaar: er is sprake van een bijzonder gevaar, niet elke kast valt om
dit komt omdat hij gebrekkig is.
5. Bekendheidseis: stel dat Eveline wist dat de kast gebrekkig was, wist Eveline
dan dat dit een bijzonder gevaar zou opleveren? Als de kast wankel staat en er
Opdracht 1
Eveline is na afronding van haar masteropleiding Fiscaal Recht aan Tilburg University
begonnen als advocaat–stagiaire bij een kantoor in Tilburg. Zij verhuist naar Tilburg om
dichter bij het kantoor te wonen. Beste vriendin Selma bewondert na de verhuizing het
nieuwe appartement van Eveline. Selma heeft vooral interesse in de gloednieuwe zware
industriële stellingkast van het merk Berliner die Eveline tegen een muur heeft gezet. Door
de open uitstraling is het een echte eyecatcher in haar woonkamer. Wanneer Eveline in de
keuken koffie zet, hoort zij plotseling een hels kabaal uit de woonkamer. De onderste plank
van de stellingkast is losgeschoten door een fout in het productieproces, waardoor de kast is
omgevallen en is neergekomen op Selma. Selma loopt als gevolg van dit ongeval een
gebroken pols en verschillende kneuzingen aan beide armen op. Na een bezoek aan de
EHBO worden de ziekenhuiskosten ter hoogte van € 2500 vastgesteld. Daarnaast is haar
nieuwe designerblouse gescheurd door het ongeval. Deze blouse kostte € 250 en is
onherstelbaar beschadigd.
Vraag 1a
Kan Selma met succes Berliner aanspreken voor de door haar geleden schade? Motiveer uw
antwoord.
Het gaat hier om productaansprakelijkheid. Volgens art. 6:185 BW is een producent
aansprakelijk voor schade veroorzaakt door een gebrek in zijn product. Aan de
voorwaarden moet zijn voldaan:
1. Gebrek in product: de stellingkast vertoonde een gebrek want de onderste
plank was losgeschoten door een productiefout.
2. Schade: Selma heeft haar pols gebroken en heeft kneuzingen in haar arm, er
zijn ziekenhuiskosten (2500) en haar blouse is onherstelbaar beschadigd (250).
3. Causaal verband: doordat de onderste plank van de kast was losgeschoten, is
de kast op Selma gevallen waardoor zij schade heeft geleden. Er is een direct
oorzakelijk verband tussen het gebrek en de schade.
Aan alle voorwaarden is voldaan, dus kan Selma met succes Berliner aanspreken voor
de door haar geleden schade.
Art. 6:185 lid 1 BW: productaansprakelijkheid:
1. Producent: er is sprake van een producent, want Berliner is de fabrikant van
het eind product, art. 6:187 lid 2 BW.
2. Product: er is sprake van een product, want een kast is een roerende zaak en
een product in de zin van het productaansprakelijkheidsrichtlijn.
3. Gebrek: de kast is gebrekkig, want je mag verwachten dat de kast niet zomaar
uit elkaar valt. De kast biedt niet de veiligheid die men van hem mag
verwachten.
4. Schade: de kosten voor het ziekenhuis worden vergoed op grond van art. 6:190
sub a BW, de kosten van de blouse worden niet vergoed door de producent,
want sub b.
5. Causaal verband: er is sprake van een causaal verband want vanwege de
gebrekkige kast is hij omgevallen en heeft Selma schade geleden.
Aan alle vereisten is voldaan, dus is de producent aansprakelijk voor de
ziekenhuiskosten.
, Vraag 1b
Het blijkt dat Berliner slechts het merk van de kast is. De Tsjechische firma ToKas is de ware
producent. Kan Berliner zich jegens Selma verweren met de stelling dat zij aan het
verkeerde adres is met haar schadevordering?
De definitie van producent, art. 6:187 BW:
- De fabrikant van eindproduct
- De producent van grondstof
- De fabrikant van een onderdeel
- Iedere persoon die zichzelf als producent presenteert door zijn naam, merk of
ander onderscheidend teken op het product aan te brengen.
Berliner heeft zijn merk op de stellingkast aangebracht en kan dus in de zin van art.
6:187 worden aangemerkt als producent. Berliner kan dus niet aanvoeren dat Selma
aan het verkeerde adres is met haar schadevordering.
Berliner presenteert zich als producent door zijn naam op het product te zetten.
Berliner is quasi producent.
Vraag 1c
Kan Selma met succes Eveline aanspreken voor de door haar geleden schade? Motiveer uw
antwoord.
We kijken naar de onrechtmatige daad, art. 6:162 BW. Als aan de voorwaarden voor
OD is voldaan kan Selma met succes Eveline aanspreken voor haar schade:
1. Onrechtmatigheid: de handeling van Eveline moet onrechtmatig zijn. Eveline
handelt niet onrechtmatig aangezien zij zelf de kast niet heeft geproduceerd, er
is geen direct handelen van Eveline.
2. Toerekenbaarheid: het onrechtmatige handelen moet kunnen worden
toegerekend. Eveline is niet verantwoordelijk voor het productieproces van de
kast, dus dit kan waarschijnlijk niet aan haar worden toegerekend.
3. Schade: er is sprake van schade, Selma heeft haar pols gebroken en heeft
kneuzingen in haar arm, er zijn ziekenhuiskosten (2500) en haar blouse is
onherstelbaar beschadigd (250).
4. Causaal verband: er moet een causaal verband zijn tussen het handelen van
Eveline en de schade, die is er niet.
Selma kan niet met succes Eveline aanspreken voor de door haar geleden schade, de
aansprakelijkheid ligt meer bij de producent van de stellingkast.
Art. 6:173 lid 1 BW: aansprakelijk stellen van de bezitter van een gebrekkig roerende
zaak. De vereisten:
1. Bezitter: Eveline is bezitter, want zij houdt de kast voor zichzelf en is eigenaar.
2. Roerende zaak: de kast is een roerende zaak, art. 3:3 BW.
3. Gebrek: de kast voldoet niet aan de eisen die men mag verwachten. Wanneer er
sprake is van een intrinsiek gebrek, een abnormaal kenmerk of een eigenschap
die een zaak niet behoort -> dan sprake van gebrek.
4. Bijzonder gevaar: er is sprake van een bijzonder gevaar, niet elke kast valt om
dit komt omdat hij gebrekkig is.
5. Bekendheidseis: stel dat Eveline wist dat de kast gebrekkig was, wist Eveline
dan dat dit een bijzonder gevaar zou opleveren? Als de kast wankel staat en er