Toepassingen van behavioristische
principes
Behaviorisme toegepast in het klaslokaal
Mensen raken snel afgeleid en laten vaak gedragingen zien die hun leerproces
verstoort. Volgens Skinner is een van de redenen waarom kinderen zo vaak niet
opletten op school het feit dat ze dingen leren die later relevant zijn en nog niet
nu. Omdat de beloningen nog niet aanwezig zijn in het dagelijks leven, moeten
leraren onnatuurlijke beloningen geven, zoals goede cijfers of complimenten.
Een productief klasklimaat kan ook gevormd worden door leerlingen school te
laten associëren met positieve emoties in plaats van met negatieve. Leerlingen
zullen dan meer gedreven zijn. Er wordt gezegd dat er op school meer sprake
moet zijn van succes dan van mislukking, maar leerlingen moeten wel in
aanraking komen met mislukkingen, zodat ze leren hoe ze hiermee om moeten
gaan. Bovendien leren ze hier van. Teveel slechte ervaringen op school is niet
goed, want dan ontstaat er een geconditioneerde response van angst en stress,
wat erg moeilijk weer uitdooft.
Mythes en misvattingen over reinforcement en straffen in het klaslokaal
reinforcement is omkoperij
omkoperij gaat alleen om slechte gedragingen, met reinforcement wordt
goed gedrag gestimuleerd
reinforcement leidt tot afhankelijkheid van concrete, externe beloningen
voor goed gedrag
reinforcement gaat niet alleen maar over materiële of externe beloningen.
Bovendien kan het voor goed gedrag zorgen dat anders nooit tot uiting
was gekomen, dus dan is dit het waard
de ene student reinforcen voor goed gedrag leidt tot slecht gedrag bij
andere studenten als hiervan sprake is, wordt de reinforcer niet op de
juiste manier aangeboden, iedere student zou beloond moeten worden
door hun eigen gedragingen
straf zorgt voor minder eigenwaarde
dit geldt alleen voor constante, psychologische straffen. Kleine straffen, die
geen invloed hebben op de lange termijn, kunnen geen kwaad. Het kan
prestaties verbeteren, waardoor het zelfs kan leiden tot meer
zelfvertrouwen
het gedrag elimineren laat de oorzaak niet verdwijnen, waardoor het
onderliggende mechanisme op een andere slechte manier geuit zal worden
dit kan een probleem zijn, maar vaak verdwijnt het onderliggende
mechanisme ook
, Reële zorgpunten over reinforcement en straffen in het klaslokaal
enkel het gedrag reinforcen houdt geen rekening met cognitieve factoren
die het leren wellicht moeilijker maken
wanneer het probleem motivatie is, zal reinforcement helpen, maar
wanneer het probleem iets cognitiefs is, zal reinforcement niet effectief zijn
het reinforcen van bepaald gedrag kan voor problemen zorgen bij de
maximale potentie en het uitvoeren van het gedrag op lange termijn
leerlingen zullen bijvoorbeeld afkijken bij een toets om de beloning te
krijgen
extrinsieke reinforcers kunnen de effecten van intrinsieke reinforcers
verminderen
dit is een probleem omdat, wanneer de extrinsieke reinforcer verdwijnt, het
effect van de intrinsieke reinforcer niet meer groot genoeg is en het goede
gedrag afneemt. De kans dat dit gebeurt is het grootst wanneer de
oorspronkelijke intrinsieke reinforcer veel effect had, de extrinsieke
reinforcer tastbaar is, mensen weten dat de extrinsieke reinforcer zal
komen en als het gedrag op zich al gereinforced wordt, zonder dat het
goed uitgevoerd hoeft te worden
een afgestrafte gedraging wordt niet vergeten en kan terugkeren
een straf onderdrukt het gedrag alleen en vaak is dit van tijdelijke aard
straffen kunnen negatieve bijeffecten hebben
fysieke straffen kunnen tot verwondingen leiden, psychologische straffen
kunnen tot minder zelfvertrouwen leiden en er kunnen andere emoties bij
komen kijken, zoals angst, agressie of verdriet. Door klassieke
conditionering kunnen deze reacties al optreden in dezelfde setting, zonder
dat de straf nog heeft plaatsgevonden. Tot slot kan het leiden tot
vermijdend gedrag (denk in schoolcontext aan spijbelen, liegen, afkijken,
etc.)
het verbeteren van het ene gedrag in de ene context kan leiden tot meer
frequent probleemgedrag in de andere context (behavioral contrast)
kinderen gedragen zich thuis bijvoorbeeld veel beter dan op school of
andersom omdat het op de ene plek veel strenger afgestraft wordt
Productieve manieren om reinforcement te gebruiken
specificeer het gewenste gedrag (terminal behavior) kwantitatief en
kwalitatief in vorm, uiting en frequentie
bepaal consequenties voor iedere student, niet elke reinforcer werkt bij
iedereen
wees er zeker van dat de leerling meer verdient dan dat hij verliest
wanneer hij zijn gedrag aanpast (cost-benefit analysis)
beschrijf expliciet de response-consequentie verbanden, zorg dat het
gevolg duidelijk is
contingency contract = problematisch gedrag bespreken, gewenst gedrag
uitspreken, reinforcers vaststellen bij het tonen van het gewenste gedrag
geef reinforcers consistent