Aan dit antwoordmodel kunnen geen rechten worden ontleend. Over de antwoordindicaties
kan niet worden gecorrespondeerd voordat de uitslag van het examen bekend is. Bent u het
niet eens met de beoordeling, dan kunt u na ontvangst van de uitslag bezwaar indienen (zie
Examenreglement, artikel 30).
De paginaverwijzingen in dit antwoordmodel zijn gebaseerd op het reguliere materiaal. In-
dien u de module in de e-Learningvariant heeft gevolgd, kunnen de paginaverwijzingen af-
wijken. De verwijzingen naar de hoofdstukken blijven wel gelijk.
Open vragen (70 punten)
1. a. De act-fase.
Bedrijfseconomie voor de manager, hfdst. 1.3.1, p. 19
b. Bedrijfsadministratie.
Bedrijfseconomie voor de manager, hfdst. 1.4, p. 21
Aantal punten: 6
Juist antwoord (a): 3 punten
Juist antwoord (b): 3 punten
2. (1) Een reserve is onderdeel van het eigen vermogen, een voorziening hoort tot de
langlopende verplichtingen.
(2) Een reserve wordt gevormd nadat het resultaat bepaald is, een toevoeging aan een
voorziening gaat ten laste van het resultaat.
(3) Een reserve is vrij te besteden, een voorziening is een verplichting.
Bedrijfseconomie voor de manager, hfdst. 4.2.4, p. 156
Aantal punten: 6
Per juist genoemd voorbeeld: 2 punten (maximaal 6 punten)
5823 73078.ex_v1
NCOI Opleidingsgroep 1