Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Inleiding Belastingrecht

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
19
Geüpload op
30-03-2025
Geschreven in
2023/2024

Hierbij een samenvatting van het vak Inleiding Belastingrecht. Een vak in het tweede semester van leerjaar 1 op de Tilburg University. De samenvatting is gebaseerd op aantekeningen van de hoorcolleges, uitwerkingen van de werkcolleges en het boek.

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting - Inleiding Belastingrecht
Week 1
Belasting in de Romeinse tijd: belastingen werden alleen opgelegd in tijden van noodzaak
(oorlogvoering of het bouwen van gebouwen). De grondbelasting was een bijzondere vorm van
directe belasting, waarbij het draagkrachtbeginsel al zijn intrede deed (vruchtbare grond werd
zwaarder belast dan woestijngrond). Vaak werd belasting in natura betaald (met runderhuiden).

Belasting in de Middeleeuwen: de geestelijken en adel waren volledig vrijgesteld van belastingheffing
(ook wel privilege). Alleen de laagste klassen betaalde belasting (in strijd met gelijkheidsbeginsel).
Doeleinde van belasting waren zowel stadsuitgave, zoals stadmuren als fiscale verplichtingen jegens
de vorst.

Belastingheffing ten tijde van de Spaanse overheersing: Hertog Alva voerde na z’n komst in Nederland
drie categorieën van belastingen in om de Spaanse staatskas te vullen:
- De Honderdste penning: eenmalige afdracht van 1% over alle roerende en onroerende bezittingen.
- De Twintigste penning: soort omzetbelasting (btw) van 5% op verkoopprijs onroerende zaken (huis).
- De Tiende penning: soort omzetbelasting van 10% op verkoopprijs roerende zaken. Veel verzet.

Belasting in de Gouden Eeuw: aan het einde van de 16e eeuw ontstond de Republiek der Zeven
Verenigde Nederlanden. Dit leidde nog niet tot een algemeen belastingstelsel. Tot de 18 e eeuw bleef
de belastingheffing een regionale heffing. Deze regionale heffingen vonden veelal in de vorm van
accijnzen op de eerste levensbehoeftes plaats.

Belasting ten tijde van de Franse Bezitting: aan het einde van de 18e eeuw maakte de Franse
verovering een einde aan de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Nederland kreeg een
centraal bestuur en werd gedemocratiseerd waardoor er een volksvertegenwoordiging kwam. Zo
kwamen en grondrechten en in 1806 werd het eerste algemene belastingstelsel ingevoerd naar een
ontwerp van Gogel (daarom ook wel de vader van de Nederlandse belastingdienst). Privileges werden
afgeschaft en belastingheffing werd eerlijk verdeeld. Rijken betaalden meer, armen minder. Gogel’s
belastingstelsel bestond uit een mix van directe en indirecte belastingen.

Belasting = alle betalingen die de overheid o.g.v. een publiekrechtelijke regeling, uitsluitend of mede
ter verwerving van inkomsten door de in die regeling aangewezen lichamen, en anders dan o.g.v. een
privaatrechtelijke overeenkomst, dwangmatig en overeenkomstig algemene regels vordert.
Doelen van belastingen: (1) dekking van overheidsuitgaven en (2) ordening samenleving

Belastingheffing in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden: zie Athena

Belastingobject = hetgeen waarover belasting wordt geheven
Belastingsubject = degene die belasting moet betalen
> onder te verdelen in: (1) natuurlijk persoon en (2) rechtspersoon

Directe belasting = belastingen op inkomen, winst en vermogen. Deze draag je zelf af aan de
Directe belasting = belastingdienst. Voorbeelden: inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting.
Indirecte belasting = belasting die is verwerkt in de prijs van goederen en diensten. Anderen dragen
Indirecte belasting = deze af aan de belastingdienst. Voorbeelden: btw en accijnzen.

Heffingsgrondslag = het bedrag waarover belasting wordt geheven
Genietingsmoment = het moment waarop belasting wordt geheven

Verzamelinkomen = inkomsten van persoon uit drie boxen samen

, Vereisten draagkrachtindicatoren (meet-eenheid)
> Bekende draagkrachtindicatoren bij vermogen
- indicator 1: inkomen uit/met vermogen (IB) - indicator 2: bezit van vermogen (VB)
- indicator 3: verkrijgen van vermogen (SW)

Functies van belasting:
1. Budgettaire functie: het financieren van collectieve uitgaven van de overheid, zodat Nederland een
sociale rechtsstaat/verzorgingsstaat kan zijn
2. Instrumentele functie: middel om sociaal of economische doelen te bereiken. Bijvoorbeeld de
bijtelling van de elektrische auto. Vereiste voor instrumentele functie is dat het effectief en doelmatig
gebeurt. Er bestaat een principiële grens: bij inbreuk op gelijkheidsbeginsel en draagkrachtbeginsel
moet een overtuigende motivering gegeven worden. Daarnaast bestaat een praktische grens: de
effectiviteit en doelmatigheid van de maatregel moeten hierbij in acht worden genomen
3. Herverdelende functie: zorgen dat de inkomensverschillen tussen arm en rijk niet te groot worden


Rechtvaardigheidsgronden:
1. Profijtbeginsel: belasting moet leiden tot baat bij voorzieningen die de overheid ermee treft
2. Draagkrachtbeginsel: voor veel belastingen is het draagkrachtbeginsel leidend. Adam Smith
noemde het draagkrachtbeginsel ook wel “ability to pay”. Dit houdt in dat belastingheffing afhankelijk
is van de mogelijkheid om belasting te betalen (als iemand geen betaalcapaciteit heeft, kan hij ook
geen belasting betalen).
Wat tot iemands draagkracht behoort is lastig te bepalen. Indicatoren van draagkracht zijn (1)
inkomen/winst, (2) vermogen en (3) consumptie. Volgens wetenschappers is de
vermogensvergelijkingstheorie de meest juiste manier om iemands draagkracht te bepalen. Hierbij
maakt het dan ook niet uit hoe je je inkomen hebt verdiend (loon, erfenis, etc). Vaak wordt er ook
naar persoonlijke omstandigheden gekeken. Hier wordt onder andere rekening mee gehouden inde
heffingskorting en de persoonsgebonden aftrek. Heffingskorting is een korting die de
belastingplichtige krijgt op zijn te betalen belasting. Er wordt dan eerst belasting berekend in alle
boxen die aan de orde zijn en uiteindelijk gaat daar nog een bedrag vanaf (rond 2000).
3. Gelijkheidsbeginsel: de wetgever moet gelijke gevallen gelijk behandelen en ongelijke moet hij
ongelijk behandelen. De belasting is dus alleen rechtvaardig als er wordt geheven naar draagkracht.
Verdiende (gerechtvaardigde) vermogensongelijkheid: het vermogen is verkregen door prestaties en
inzet van de capaciteiten. Er moet ook sprake zijn van kansengelijkheid (iedereen krijgt dezelfde
kansen), pas dan is de verdiende ongelijkheid maatschappelijk geen probleem.
Onverdiende (ongerechtvaardigde) vermogensgelijkheid: het vermogen is verkregen door
regelgeving/toeval of het bezit is niet gerechtvaardigd door eigen verdiensten. Hier is wel sprake van
een maatschappelijk probleem gezien er sprake is van een onverdiende gelijkeheid.
4. Fiscaal legaliteitsbeginsel: belastingen mogen slechts geheven worden uit kracht van een
voorgaande wet. Zonder wettelijke grondslag mag er geen belastingheffing plaatsvinden


Rangorderegeling: Er bestaan een rangorde bij de
drie boxen. Hierbij is box 1 de hoogste in de rang
en box 3 het laagste. Dit houdt in dat als iets zowel
in box 1 als in box 3 terecht kan, box 1 gekozen
moet worden. Ook al pakt dit nadelig uit.
Dit is geregeld in art. 2.14 Wet IB.


Drie boxen: < Artikel 2.3 Wet IB: de Wet IB 2001 onderscheidt 3 soorten inkomens
1. Het inkomen uit werk en woning (box 1) - belastbaar inkomen uit werk en woning
1. Inkomensbronnen: (1) loon, (2) winst uit onderneming, (3) resultaat uit overige werkzaamheden,

, 1. (4) inkomsten uit eigen woning en (5) periodieke uitkering en verstrekking
1. In box 1 wordt een progressief tarief gehanteerd (hoe hoger het inkomen, hoe meer belasting je 1.
1. procentueel betaald).
2. Het inkomen uit aanmerkelijk belang (box 2)
2. Inkomen dat wordt behaald met een belang van minimaal 5% in een BV/NV. Dit houdt in dat je 5%
2. of meer van alle aandelen van een bepaalde vennootschap bezit. Denk hierbij aan
2. dividenduitkering en vervreemdingswinsten.
2. In box 2 wordt vanaf 2024 een basistarief gehanteerd van 24,5% voor inkomsten tot €67.000. Over
2. het inkomen boven die €67.000 moet 33% belasting worden betaald (art. 2.12 IB). Voor 2024 was
2. er sprake van een vast tarief (26,90%). De twee schijven zorgen er nu voor dat bedrijven liever hun
2. winst uitkeren in de vorm van dividend, want met uitstel lopen ze namelijk het risico dat ze meer
2. belasting moeten betalen. Dit geeft de overheid daarnaast ook meer zekerheid over hun jaarlijkse
2. belastinginkomsten uit box 2 nu er minder winst wordt uitgesteld.
3. Het inkomen uit sparen en beleggen (box 3)
3. Inkomen dat wordt behaald met vermogen, zoals een spaarrekening, effecten en/of onroerende
3. zaken ziet zijnde de eigen woning. Het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen (box 3) is het
3. voordeel uit sparen en beleggen verminderd met de persoonsgebonden aftrek (art. 5.1 IB). Bij het
3. huidige systeem gebruikt de Belastingdienst fictieve rendementen die dichtbij de werkelijke
3. rendementspercentages voor sparen en beleggen liggen. Voor sparen is dit lager dan voor
3. beleggingen. De eerste €57.000 (€114.000 bij fiscale partners) is vrijgesteld van heffing (art. 5.5
3. Wet IB). Het box-3 tarief is per 1 januari 2024 verhoogd van 32% naar 36% (art. 2.13 IB).

Voordat de Wet IB 2001 in Nederland in werking trad, bestond de Wet IB 1994. Daarin was sprake van
een synthetisch belastingstelsel (dit houdt in dat boxen niet gescheiden waren). Hierdoor konden
verliezen en winsten uit de verschillende boxen bij elkaar worden opgeteld en op grond daarvan
belasting betaald worden geheven. Vanaf 2001 is het dus wel een verschil wat voor soort inkomen
iemand geniet. Beleggingsinkomens wordt namelijk anders belast dan loon. Daarom kent men
tegenwoordig een analytisch belastingstelsel. Een kenmerk hiervan is dat er schotten tussen de boxen
zitten. Verlies bij de ene box is in beginsel niet te verrekenen met verlies uit aanmerkelijk belang.
Uitzonderingen hierop zijn de persoonsgebonden aftrek en verlies uit aanmerkelijk belang. Zij kunnen
wel over de boxen heen worden verrekend.

3 bronvereisten:
- Deelname aan economisch verkeer
- Oogmerk om voordeel te behalen
- Het voordeel is redelijkerwijs te verwachten
Aan deze drie vereisten moet voldaan worden om te spreken van een inkomensbron. Als er dus niet
drie keer met ‘ja’ geantwoord kan worden is er geen sprake van een inkomensbron en kan het dus
ook niet belast worden in een van de drie boxen. Indien inkomensbron niet aanwezig is, wordt dit een
buitenbronnelijk voordeel genoemd.
Dit is niet meer het geval wanneer de echtgenoten niet meer op
Fiscaalpartners: hetzelfde woonadres staan ingeschreven EN er een verzoek tot
echtscheiding is ingediend
> Partners zijn in ieder geval (art. 5a AWR)
- Gehuwden/Geregistreerde partner
- Ongehuwd meerderjarig met notarieel samenlevingscontract en ingeschreven op zelfde
- woonadres
> Art. 1.2 Wet IB 2001, zelfde adres en:
- Pensioenregeling - Gezamenlijk woning als hoofdverblijf en eigendom
- Kind erkend - Minderjarig kind van één van beide woont in

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
30 maart 2025
Aantal pagina's
19
Geschreven in
2023/2024
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$6.29
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
vandongenmats2

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
vandongenmats2
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
2
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
1
Documenten
18
Laatst verkocht
1 jaar geleden

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen