,Voorkennis: Hoofdstuk 1, 2, 5 & 19
Hoofdstuk 1: De aard van onderzoek.
Wetenschappelijk onderzoek is van grote waarde omdat het ons helpt
betrouwbare en nauwkeurige informatie te verkrijgen. De wetenschappelijke
methode biedt een systematische manier om vragen te beantwoorden en
resultaten te interpreteren. Belangrijke stappen in de methode zijn
probleemidentificatie, gegevensverzameling, analyse en interpretatie. Onderzoek
kan worden gerepliceerd, wat de geloofwaardigheid en het potentieel voor
toekomstige toepassingen vergroot.
Manieren van kennisverwerving:
- Zintuiglijke ervaring – Onze zintuigen kunnen misleidend en onvolledig
zijn.
- Expertopinie – Experts geven meningen op basis van kennis, maar weten
niet alles.
- Logica – Syllogisme (alle mensen zijn sterfelijk, Sally is een mens → Sally is
sterfelijk). Alleen juist als de algemene en specifieke premissen beide juist
zijn..
De wetenschappelijke manier heeft vijf stappen:
1. Een probleem identificeren.
2. Het probleem nauwkeurig definiëren.
3. Relevante informatie verzamelen.
4. Gegevens organiseren en analyseren.
5. Resultaten interpreteren
Hypothese verschillende mogelijke verklaringen voor een probleem.
Waarde van wetenschappelijk onderzoek is dat het gerepliceerd kan worden.
Soorten onderzoek:
- Fundamenteel onderzoek richt zich op verhelderen van onderliggende
processen, waarbij hypothese vaak als theorie wordt uitgedrukt
- Toegepast onderzoek richt zich op het oplossen van praktische problemen
- Kwantitatief onderzoek werkt met cijfers en zoekt verbanden tussen
variabelen. Hebben het idee dat de wereld uit een werkelijkheid bestaat en
die door onderzoek doen ontdekt kan worden.
- Kwalitatief onderzoek richt zich op het begrijpen van situaties en
gebeurtenissen vanuit het oogpunt van deelnemers. Gaan uit van
meerdere realiteiten die worden gevormd door verschillende opvattingen
over dezelfde situatie.
- Mixed-method onderzoek combineert kwantitatieve en kwalitatieve
methoden.
Specifieke onderzoeksmethoden:
- Experimenteel onderzoek: behandelingen en de effectiviteit hiervan en
controleert voor externe factoren.
, - Correlationeel onderzoek: onderzoekt relatie tussen variabelen, maar geen
causaliteit.
- Causaal-vergelijkend onderzoek bepaalt oorzaak-gevolgrelaties tussen
groepen. Het is echter moeilijk om met zekerheid te zeggen dat een factor
de oorzaak of het gevolg is van waargenomen gedrag
- Survey-onderzoek verzamelt gegevens via vragenlijsten of interviews. Dit
wordt gebruikt om specifieke kenmerken van een groep te bepalen.
- Etnografisch onderzoek observeert en documenteert dagelijkse
ervaringen. Doel is om diep en hollistisch inzicht te krijgen in cultuur,
gewoonten en context.
- Historisch onderzoek analyseert gebeurtenissen uit het verleden.
Bijvoorbeeld door analyseren van documenten van toen of interviews met
mensen die in die tijd leefden. Doel is om reconstructie te maken van wat
er gebeurde en waarom.
- Actieonderzoek richt zich op het verbeteren van specifieke situaties. Dus
verzamelen van informatie om directe veranderingen door te voeren in
specifieke situatie waar onderzoeker zelf betrokken bij is. Generalisatie
minder van belang. Zowel participanten als personen die door de
resultaten worden beïnvloed, erg betrokken.
- Evaluatieonderzoek onderzoekt effecten van programma’s en kan
formatief (ter verbetering → verfijnen en verbeteren) of summatief (om
effecten te meten → effectiviteit meten) zijn.
Algemene onderzoekstypen:
- Beschrijvende studies beschrijven een situatie zo nauwkeurig mogelijk
(enquete)
- Associatief onderzoek onderzoekt relaties, zoals correlaties. (correlationeel-
en causaal-vergelijkende methodes)
- Interventiestudies bestuderen de effecten van behandelingen.
- Meta-analyse combineert resultaten van meerdere studies voor een breder
inzicht.
Kritische analyse van onderzoek:
Onderzoekers moeten kritisch nadenken over de realiteit en interpretatie van
gegevens, communicatie en waardeoordelen in onderzoek, niet-verklaarde
aannames en maatschappelijke gevolgen.
Hoofdstuk 2: Het onderzoeksprobleem
Onderzoeksprobleem: Een probleem dat men wil onderzoeken, vaak
geformuleerd als een vraag. Het is de kern van het onderzoek.
De essentiële eigenschap van een onderzoekbare vraag is dat er informatie
verzameld kan worden om de vraag te beantwoorden.
Niet-onderzoekbare vragen: