Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Kiezen voor het jonge kind (Hoofdstuk 1 + 2 + 3 + 4.2 + 7.2.1 + 7.2.2 + 8 + 9.1)

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
79
Geüpload op
21-07-2020
Geschreven in
2019/2020

Vind jij het ook zo vervelend om het hele boek door te lezen? Dan is dit de perfecte samenvatting voor jou! Het boek 'Kiezen voor het jonge kind' is erg uitgebreid en in deze samenvatting is dit beknopter samengevat. Belangrijke begrippen zijn dikgedrukt. Met deze samenvatting ga jij je tentamen knallen!

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Tentamen I-INT7-O

Kiezen voor het jonge kind
9.1 Dagritme

Jonge kinderen willen weten wat er achtereenvolgens gaat gebeuren  biedt houvast + kunnen
eigen plannen hier op afstemmen

Daarom herkenbaar, steeds terugkerend dagritme  legt herkenbare momenten van het
dagprogramma vast  geen rooster, want inhoud activiteiten zie je hier niet

Dagprogramma visualiseren met foto’s, pictogrammen, symbolen!  dagritmekaarten  met
knijper/kaartje aangeven wanneer je van het ene moment naar het andere moment gaat

Bij wijzingen  dag van tevoren bespreken, zodat kinderen zicht blijven houden op hun dagplanning

Bij vaststellen van dagprogramma rekening houden met voldoende afwisseling tussen activiteiten die
concentratie vragen, activiteiten waarbij kinderen actief zijn en activiteiten die gericht zijn op
ontspanning.


9.1.1 Inlooptijd
Informele ontmoetingen  kinderen, ouders, leerkracht

Voor speelwerktijd kun je in kring gaan zitten  om plannen te maken en te bespreken

Je kunt ook niet eerst in de kring zitten  kinderen met plannen kunnen deze meteen uitvoeren,
geen tijd om met elkaar plannen te maken en te bespreken  kinderen met geen plannen, moeten
begeleid worden door juf, dus minder tijd om kind en ouders te begroeten


9.1.2 Kringactiviteiten
Gezamenlijke activiteiten in kringopstelling (kringgesprek), theateropstelling
(poppenkastvoorstelling), hoefijzervorm (voorlezen).


Samen plannen maken en terugblikken

Plannen voor speelwerktijd
Na afloop terugblikken op deze plannen


Gesprekken voeren

Gesprekken over onderwerpen die kinderen interesseren  doel is om kinderen aan te moedigen
hun gedachten vrij te uiten

,Het is goed mogelijk dat kinderen intensief bij kringgesprekken betrokken zijn, zonder dat ze
behoefte hebben zelf iets te zeggen: ze luisteren en denken na.

 Stel geen gesloten vragen
o Komen er dan niet achter wat kinderen denken
o Is vooral raden wat de leerkracht in haar hoofd heeft
 Leerkracht wil vooral luisteren naar wat kinderen denken of vinden
o Ze staat open voor hun onverwachte en vaak verrassende inbreng


Gesprekstechnieken:

 Herhalen of herformuleren
o Om iets helderder te krijgen
o Om een kind de gelegenheid te geven zijn formulering te herzien (‘Nee juf, ik
bedoel…’)
o Om de aandacht van anderen op een opmerking te richten
 Open vragen stellen
 Doorvragen
o Als niet duidelijk is wat een kind bedoelt
 Doorspelen
o Van vragen of opmerkingen (‘Zij zegt… Wat denk jij?)
 Bevestigen
o Verbaal (‘Ja, dat denk ik ook’)
o Non-verbaal (goedkeurend knikken)
 Bemoedigen
o ‘Dat lijkt me een goed idee’
 Betrokkenheid tonen
o (‘Oh ja, dat is leuk hè!)
 Samenvatten
o Wat er gezegd werd
 Conclusies trekken
o ‘Dus nu weten we…’
 Een nieuw aspect inbrengen
o ‘Wat zou er gebeuren als…?’
 Een eigen inbreng leveren
o Om een gesprek op gang te krijgen
o Om impasses te doorbreken (‘Volgens mij…’ of ‘Misschien moeten we…’)


Deze technieken geven het gesprek structuur:

 Ze moedigen kinderen aan zich te uiten
 Ze leren kinderen op elkaar te reageren
 Ze geven verdieping aan het gespreksonderwerp


Speciale techniek: Sustained Shared Thinking (SST)

 Geen oordelen geven als ‘Goed zo’ of ‘Ja, maar…’ zeggen als je iets anders wilde horen

,  Niet vragen stellen en opmerkingen maken als ‘Ik vraag me af hoe het komt dat…’ of ‘wat er
zou gebeuren als’
 Elke reactie van een kind serieus nemen
 Laten zien dat je het zelf ook interessant vindt: ‘Hé, kijk nou, ik zie dat…!’
 Een open houding hebben; zelf ook niet weten hoe het precies zit (‘Jij denkt dat?’… ‘Ik ben
benieuwd of dat waar is’)
 Niet opeens tevreden zijn als kinderen een (in jouw ogen) juist antwoord geven (‘Ja, daar
komt het door!’), maar blijven doorvragen of ze het zeker weten


Van echte gesprekken leren kinderen meer dan van schoolse gesprekken  vooral NT2-kinderen

Geen om-beurtenregel hanteren bij gesprek  hangt af van situatie, kinderen, onderwerp wie wat
op een bepaald moment vertelt

Je kunt kinderen aanmoedigen die verlegen zijn, maar dwing ze niet om in een bepaalde situatie iets
te zeggen (pijnlijk)

Gesprekken leiden is moeilijk en daarom zijn er veel regels  vinger opsteken als je iets wilt
vertellen, vuist naar voren als je wilt reageren op de ander, als je aan het woord bent geweest geef je
de beurt door aan de ander  gaat ten koste van spontaniteit van het gesprek

Leerkrachten die goed zijn in gespreksleiding hanteren weinig regels, maar luisteren wel goed 
letten op de reacties van de kinderen (verbaal + non-verbaal) en spelen hier adequaat op in

Praten met kinderen is een kunst die je alleen met veel oefening en de juiste basishouding (kinderen
aanvoelen en serieus nemen) onder de knie krijgt.


Verhalen voorlezen en vertellen

Kinderen zijn dol op verhalen  leerkrachten vinden voorlezen en vertellen leuk

Voorlezen  kinderen confronteren met verhalen in een taal die zorgvuldig overdacht is

Prentenboek met weinig of geen tekst  platen in boek vertellen het verhaal  geschikt voor kleine
kring, want nodigen kinderen uit er hun eigen verhalen bij te vertellen

Vertellen  taalgebruik is minder uitgebalanceerd dan de taal in (prenten)boeken, maar leerkracht
kan beter ingaan op de reacties en kan leerlingen actieve inbreng geven

Bewegingsverhalen  verhalen die kinderen aanzetten tot bewegen  geleide fantasie

Kinderen houden van vervolgverhalen  ze willen steeds weer nieuwe verhalen horen over …

Leerkracht kan ook handpoppen gebruiken  dialoog voeren met jezelf (leerkracht/verhaalfiguur)
en reageert op wat kinderen zeggen (als leerkracht of verhaalfiguur)
Kinderen leven zich altijd sterk in en gaan spontaan gesprekken aan met de pop  goed
improvisatievermogen van leerkracht nodig

, Poppenkast  leerkracht kan niet uit het verhaal stappen
Onervaren poppenspelers laten de poppen veel vertellen  ervaren laten ze vooral veel doen

Kinderen vinden het fijn om op meerdere manieren in aanraking te komen met het verhaal  ze
houden van herhalen


Kinderpoëzie

Gedichten voordragen of kinderen versjes leren
Door kinderpoëzie leren kinderen het mooie van taal waarderen  genieten van rijm en ritme, van
klank en de herhaling en houden van humor in gedichten

Aanbod bestaat uit korte opzegversjes en langere gedichten.
Opzegversjes kunnen ze na aantal keren luisteren, uit het hoofd opzeggen  vaak overbekende
versjes (Lientje leerde Lotje lopen), maar ook modernere

Bij versjes kun je handelingen uitvoeren of bij versjes horen melodieën (hoofd, schouders, knie en
ten, knie en teen)

Meedoe- of meezingversjes zijn met name geschikt voor de allerjongsten.

Kringmomenten die geschikt zijn voor het herhalen van bekende gedichten  tijdens eten/drinken,
voor ze naar huis gaan, afsluiting van een gesprek

Eerste keer gedicht/opzegversje:

 Kinderen luisteren en genieten
 Zonder haperingen voordragen
 Met expressie voordragen
 Kinderen gelegenheid geven te reageren
 Nieuwe woorden/begrippen toelichten
 Kinderen rijmwoorden laten aanvullen…
 Uitbeelden


Doel poëzie  geheugen trainen, zeggingskracht van taal ervaren en plezier beleven aan bijzondere
vorm van taal


Muziek

Naar muziek luisteren, op muziek bewegen of muziek maken

Accent in kring ligt vooral op samen zingen  gezellig moment, op eigen niveau meedoen  ene
kind pakt melodie snel op, het andere kind heeft meer tijd nodig

Als je met kinderen zingt, moet je hoger zingen dan je normaal praat  kinderen hebben namelijk
een hoge stem

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 1 2 3 4.2 7.2.1 7.2.2 8 9.1
Geüpload op
21 juli 2020
Aantal pagina's
79
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$9.58
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
rengsf Hogeschool de Kempel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
15
Lid sinds
5 jaar
Aantal volgers
14
Documenten
6
Laatst verkocht
5 maanden geleden

5.0

2 beoordelingen

5
2
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen