Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Overig

uitwerkingen week 3:NIEUWE SANCTIONERINGSMOGELIJKHEDEN

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
34
Geüpload op
08-04-2025
Geschreven in
2024/2025

1. De taakstraf 2. De elektronische detentie 3. De ISD-maatregel 4. De gedragsbeïnvloedende en/of vrijheidsbeperkende maatregel

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

BIJEENKOMST 3
NIEUWE SANCTIONERINGSMOGELIJKHEDEN


Veiligheidsbeleid is uitdrukking van politiek versimpelde
werkelijkheid

Meer en strenger straffen zal de overlastgever en crimineel wel leren. Of
niet? Is het causale verband tussen schuld en boete dat politici zo graag
leggen wel zo sterk? Kun je voorbij gaan aan fundamentele sociale,
economische en culturele oorzaken? Nee dus.

Nederland wordt al enige jaren overspoeld door een tsunami aan nieuwe
wetten en maatregelen om criminaliteit te bestrijden. Deze, wat we vrij naar
de socioloog en filosoof Zygmunt Bauman liquid policy noemen, is niets
anders dan beleid maken met de kraan open.

Beleid loopt uit pas met veiligheid
Dit fluïde veiligheidsbeleid wordt gekenmerkt door een voortdurende
neiging om nieuwe wetgeving en maatregelen te introduceren om de
aanpak van criminaliteit of wanordelijkheden te versterken. Hierbij kan
worden gedacht aan de speciale wet tegen voetbalvandalisme,
adolescentenstrafrecht, de introductie van minimum strafeisen voor ernstige
gevallen van recidive, of de strafbaarstelling van zogenoemd 'illegaal'
verblijf in Nederland. Daarnaast staat het beleid in het teken van een
verruiming van reeds bestaande bevoegdheden. Voorbeelden hiervan zijn
uitbreiding van de bevoegdheid om te fouilleren, het gebruik van
bewakingscamera's bij de opsporing van delicten en ruimere mogelijkheden
voor de politie om cybercrime tegen te gaan.

Beide aspecten van liquid policy passen bij de sterk punitieve toon van het
gevoerde beleid: klare taal, die duidelijk moet maken dat de dagen van het
tolerante Nederland voorbij zijn en dat er geen weg meer terug is. De
punitieve toon van het justitiebeleid loopt uit de pas met de feitelijke
verbetering van de veiligheid. Nederland is namelijk een heel veilig land.
Dat heeft waarschijnlijk meer dan met enig beleid te maken met culturele
fenomenen als de feminisering van de samenleving, de grotendeels
succesvolle integratie van etnische minderheden, de aanwezigheid van een
sociaal vangnet, de relatief geringe inkomensverschillen en het feit dat de
soep in ons land nooit zo heet wordt gegeten als hij wordt opgediend. Ter
illustratie: de geregistreerde criminaliteit is tussen 2005 en 2011 met 11
procent gedaald en ook het aantal strafzaken is tussen 2006 en 2011 sterk
(23 procent) afgenomen. Dit alles roept de vraag op waarom de roep om
strengere wetten en steviger optreden blijft weerklinken. Een deel van het
antwoord ligt bij de twee politieke stromingen die de afgelopen decennia
een belangrijk stempel op het veiligheids-beleid hebben gedrukt: het
neoliberalisme en het neoconservatisme.

Neoliberalisme heeft politiek van inhoud beroofd
We kunnen stellen dat onder invloed van het neoliberalisme een proces is
opgetreden van depolitisering, desolidarisering en deregulering van het
veiligheidsbeleid ('de drie d's'). In de hedendaagse Nederlandse
samenleving zijn allerlei fundamentele vraagstukken ontdaan van hun
ideologische kanten. Het bestuurlijke voordeel hiervan is dat er geen
ideologische strijd meer hoeft te worden gevoerd over de invulling van
fundamentele vraagstukken. Ze worden opgeofferd aan ogenschijnlijk

1

,neutrale en breed gedragen 'oplossingen', die langs de weg van
onderhandeling en belangenbehartiging worden bereikt en aan de burgers
worden gepresenteerd als een universele consensus.

Deze dépolitisering gaat gepaard met een 'désolidarisering' van het
veiligheidsvraagstuk. Op politiek niveau is er een consensuele visie op
veiligheid ontstaan die erop neer komt dat de overheid krachtig dient op te
treden tegen geïsoleerde problemen van specifieke groepen in de
samenleving als straatcriminaliteit, illegale bewoning, uitkeringsfraude en
drugsproblematiek, maar zich tegelijkertijd vrijwel doof houdt voor de
onderliggende sociale, economische of culturele oorzaken ervan, als
uitsluiting en armoede. Dit alles wordt 'verkocht' met de slogan dat
veiligheid meetbaar en beheersbaar en dus te managen is. Hierdoor wordt
de uitvoering van het veiligheidsbeleid gereduceerd tot een verzameling
van technische beslissingen en schijnbaar neutrale procedures. Veiligheid is
met andere woorden een kwestie van probleemmanagement geworden.

Deze neoliberale vorm van besturen, waarbij in termen van meetbare output
wordt gedacht, gaat gepaard met een deregulering van de veiligheidszorg.
Daardoor zijn op het terrein van het veiligheidsbeleid niet alleen private
actoren actief geworden, maar is er ook een bedrijfsmatige manier van
denken geïncorporeerd in de publieke sector als geheel. De toenemende
marktwerking op het gebied van veiligheid wordt nog eens versterkt doordat
de overheid deelneemt aan tal van publiek-private veiligheidsassemblages,
variërend van stedelijke interventieteams tot en met de collectieve
winkelontzegging, waarin de ontwikkeling en uitvoering van veiligheid wordt
gedeeld met private partijen als woningbouwcorporaties,
energiemaatschappijen, winkeliersverenigingen en particuliere beveiligers.

Neoconservatieve onderstroom is gebaseerd op angst
Hiernaast zijn er ook neoconservatieve tendensen in het huidige
veiligheidsbeleid te ontwaren. Deze onderstroom is geworteld in een cultuur
van angst: angst voor mondialisering, angst voor buitenlanders, angst dat
de verworvenheden van ouderen verloren gaan. Deze angst gaat gepaard
met een ressentiment tegen de generatie van de jaren 1960 die niets
minder dan 'de beschaving' te grabbel zou hebben gegooid en alles van
waarde zou hebben afgebroken. Normale burgers worden niet meer voor vol
aangezien en de elite heeft het gedaan. Bestuurders (ivoren
torenbewoners), bankiers (graaiers), linkse politici (wereldvreemden),
Amsterdamse grachtengordelbewoners (navelstaarders), wetenschappers
(huiskamergeleerden) en rechters (vooringenomen) leven volkomen
geïsoleerd van 'Henk en Ingrid', maar vertellen ze ondertussen wel hoe ze
moeten leven en wat ze moeten doen.

In samenhang daarmee balt het ressentiment zich samen in een strijd om
identiteit. In het beeld van een homogeen volk met vaste kenmerken en een
herkenbare algemene wil vindt de burger niet alleen (schijn)zekerheid in
een onzekere wereld maar wordt ook een 'warme' component toegevoegd
aan het kille marktdenken van neoliberalen; tenminste... als je tot de groep
van 'hardwerkende Nederlanders' behoort.

Nauw verbonden met deze neoconservatieve bestuursrationaliteit is een
punitief populisme, met orde en tucht als centrale waarden. De laatste drie
decennia heeft het punitief populisme in Nederland invloed gekregen ten
koste van nuchterder beschouwingen over wat met preventieve
maatregelen kan worden bereikt. Vooral de pleidooien voor strenger straffen
en het uitsluiten van mensen die als buitenstaander worden getypeerd zijn

2

,hieruit voortgevloeid. De criminalisering van gedrags- en
overlastproblemen; de herdefiniëring van de functie van de gevangenis als
een veilige doch humane opbergplaats; het elektronisch toezicht en tal van
vormen van 'selectieve uitsluiting' als winkel-, tram-, plein- en
horecaverboden (het achter de sociale coulissen plaatsen van alles wat voor
de burger onaangenaam is om aan te moeten zien) zijn allen uitdrukking
van deze neoconservatieve tendens.

Irrationeel beleid
De vraag is of het pleidooi voor meer en strenger straffen Nederland veiliger
maakt. Als het werkelijk zo eenvoudig zou zijn, dan zou je verwachten dat de
wereldkampioen streng straffen, de Verenigde Staten, het veiligste land ter
wereld was en dat de Scandinavische landen, waar relatief mild wordt
gestraft, gebukt zouden gaan onder een enorme criminaliteit. Het feit dat dit
juist niet zo is, geeft aan dat de stelling dat strenger straffen tot een veiliger
samenleving leidt apert onjuist is. Tussen het strafniveau en de ontwikkeling
van de criminaliteit bestaat maar een beperkt causaal verband. Omdat
'misdaad en straf' cultureel echter zo sterk aan elkaar vast geklonken zijn
gaat dit tegen onze intuïtie in en wekt het bij sommigen zelfs wrevel op. Wie
tegen strenger straffen is, zou in die gedachte de criminaliteit niet serieus
nemen.

Op discursief niveau willen politici vaak doen voorkomen alsof er beleid
wordt gevoerd op basis van rationele criteria, waarbij Engelse termen als
'evidence based', 'what works' en 'best practices' de boventoon voeren.
Maar gelet op de praktijk, valt te constateren dat met veel door
onderzoekers als 'werkzaam' of 'beloftevol' gekenschetste programma's
zoals sociale vaardigheden en andere psychosociale trainingen, weinig of
niets wordt gedaan. Daarentegen gaan als 'niet werkzaam' gekwalificeerde
reacties als de korte vrijheidsstraf, 'zero-tolerance' of ASBO-achtige
projecten (gemodelleerd naar de Britse Anti Social Behaviour Orders)
gewoon door. Er valt op de positivistische uitgangspunten van de 'what
works' religie veel aan te merken, maar volstrekt irrationeel beleid is nog
veel moeilijker te verteren. Het wordt daarom tijd dat het fluïde
veiligheidsbeleid wat meer solide wordt.

Bron: Marc Schuilenburg en René van Swaaningen, Trouw 23 juni 2013


Schaf de korte gevangenisstraf af, die is uitermate ineffectief

Korte gevangenisstraffen zijn niet effectief. Ook niet als het om vergelding gaat.
Bij thuisdetentie of taakstraf is de kans op terugval bovendien de helft kleiner.
Dat is gunstig voor de gestraften en voor potentiële slachtoffers.

Op 3 juli hield Johan Bac, directeur van Reclassering Nederland, in het
Nederlands Dagblad het pleidooi om in het geval van onbetaalde geldboetes
niet langer standaard vervangende celstraf op te leggen, maar een
vervangende taakstraf. Mensen die hun schulden niet kunnen betalen, hebben
vaak al allerlei problemen. Als daar ook nog eens het verlies van woning, werk
of wederhelft bij komt door het moeten uitzitten van vervangende hechtenis,
wordt hun situatie van kwaad tot erger. Basis van zijn betoog: bij een
onbetaalde boete is een werkstraf beter dan een aantal dagen cel. Wij juichen
dit pleidooi van harte toe.

Herstelgericht


3

, Sterker nog, wij pleiten niet alleen tegen vervangende hechtenis maar tegen
kortdurende vrijheidsbeneming in het algemeen. Wij pleiten vóór het
ontwikkelen en het in de praktijk toepassen van alternatieven voor de korte
gevangenisstraf. Daarbij kan onder meer worden gedacht aan elektronische
thuisdetentie en de (herstelgerichte) taakstraf – eventueel met opname in de
strafwet van een bepaling dat korte gevangenisstraffen in beginsel niet langer
worden opgelegd.

Ineffectief
Redenen om oplegging van de korte gevangenisstraf in de toekomst te
voorkomen of in ieder geval sterk terug te dringen? Deze straf blijkt uitermate
ineffectief te zijn, terwijl zij wél allerlei negatieve neveneffecten met zich
brengt.

Om met dat laatste te beginnen: zoals gezegd verliezen veel mensen door een
celstraf hun baan, woning of partner – factoren die nu juist van belang zijn om
op het rechte pad te blijven.

Ook blijkt uit neuropsychologisch onderzoek dat ons brein reeds na drie
maanden cel afgestompt raakt door de prikkelarme omgeving van de
gevangenis. Opsluiting verkleint derhalve de kans op succesvolle resocialisatie.

Recidivecijfers na detentie liegen er in ieder geval niet om: ruim 45 procent
gaat binnen twee jaar na invrijheidstelling opnieuw in de fout. Dit percentage
staat in schril contrast met recidivecijfers na elektronische thuisdetentie of een
taakstraf. In beide gevallen is er sprake van ongeveer de helft minder terugval
dan na een korte gevangenisstraf – met als resultaat minder nieuwe slachtoffers
en minder kosten voor de strafrechtspleging

Mogelijke verklaringen hiervoor zijn dat als iemand bij thuisdetentie of een
taakstraf deel blijft uitmaken van de samenleving, hij of zij minder snel het label
‘crimineel’ opgeplakt krijgt en wegblijft uit de leerschool voor criminelen. Nu
ruim driekwart van alle gedetineerden in Nederland een gevangenisstraf van
minder dan drie maanden krijgt opgelegd, wordt duidelijk hoe groot de groep
mensen is die in beginsel in aanmerking zou komen voor een alternatief voor de
korte gevangenisstraf. Vanzelfsprekend dient in het kader van het opleggen van
straffen oog te worden gehouden voor vergelding en de behoefte aan
genoegdoening van slachtoffers en samenleving. Maar als corona ons iets
duidelijk heeft gemaakt, dan is het wel dat verplicht thuiszitten zwaarder weegt
dan ooit gedacht. En een taakstraf waarbij de dader daadwerkelijk
verantwoordelijkheid moet nemen voor wat hij heeft misdaan, zal waarschijnlijk
tot meer genoegdoening leiden dan wanneer hij of zij simpelweg zit te niksen in
zijn cel.

Strafmotivering
Met de oplegging van de straf raken we aan de strafmotivering door het
Openbaar Ministerie en de rechter. Wij pleiten ervoor dat dit uitgebreider
gebeurt, waarbij expliciet aandacht wordt besteed aan alle sanctiedoelen. Dus
niet alleen aan vergelding, afschrikking en maatschappijbeveiliging middels
opsluiting, maar ook aan resocialisatie, re-integratie en herstel, alsook aan het
effectief voorkomen van nieuwe slachtoffers.

Onze stelling is dat een uitgebreidere sanctiemotivering, waarbij Openbaar
Ministerie en rechter zich ook vergewissen van de effectiviteit van bepaalde
straffen, tot zinvollere ingrepen zal leiden dan het opleggen van een korte
gevangenisstraf. Om tot alternatieven voor de korte gevangenisstraf én een
uitgebreidere sanctiemotivering te komen zijn wij dit jaar vanuit Stichting

4

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
8 april 2025
Aantal pagina's
34
Geschreven in
2024/2025
Type
OVERIG
Persoon
Onbekend

Onderwerpen

$7.74
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
whitneyhintzen Maastricht University
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
17
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
42
Laatst verkocht
15 uur geleden

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen